Vangstadviezen 2017 voor schoolvormende bestanden

Nieuws

Vangstadviezen 2017 voor schoolvormende bestanden

Gepubliceerd op
10 oktober 2016

De Internationale Raad voor Onderzoek der Zee (ICES) presenteert de vangstadviezen voor onder andere blauwe wijting, makreel, horsmakreel en Atlanto-scandian haring. De meeste van deze visbestanden die belangrijk zijn voor de Nederlandse visserij zijn op een gezond niveau. Het advies is dan ook om de vangsten in 2017 te verhogen.

De visserij op grote schoolvormende bestanden is internationaal en de EU is slechts één van de betrokken partijen. Het beheer van deze bestanden en de overeenkomsten over de jaarlijkse vangstlimieten zijn dan ook een resultaat van onderhandelingen tussen de zogenaamde kuststaten, die bestaat uit de EU, Noorwegen, Faeröer, IJsland, Rusland en Groenland. Het ICES advies vormt de basis voor deze onderhandelingen. Het advies komt uit in september zodat de Europese Commissie en de Raad van Visserijministers van de Europese lidstaten tijdig kunnen starten met het voorbereiden van de besluitvorming over de vangstmogelijkheden voor 2017. De Europese Commissie bespreekt de adviezen met de visserijsector en maatschappelijke organisaties. In de herfst worden afspraken gemaakt over het beheer en de vangsten tussen de kuststaten IJsland, Faeröer, Groenland, Rusland, Noorwegen en de EU.

Blauwe wijting: behoorlijke stijging in het bestand zorgt voor verdubbeling advies

De visserij op blauwe wijting vindt plaats tijdens en vlak na de paaiperiode. Het overgrote deel van de totale vangst wordt in de eerste twee kwartalen van het jaar gevangen. Het belangrijkste vangstgebied ligt ten westen van de Britse Eilanden en ten zuidwesten van de Faeröer.

Een periode van lage aanwas gecombineerd met hoge visserijdruk hebben eind jaren 2000 gezorgd voor een sterke afname van het bestand van blauwe wijting. Dankzij een aantal goede jaarklassen en strikte maatregelen heeft het bestand zich in de laatste jaren hersteld. De recente aanwas van jonge blauwe wijting is dusdanig hoog dat verwacht wordt dat de historisch hoge niveaus van halverwege de jaren 2000 worden bereikt. Dit terwijl het bestand sinds 2014 wordt bevist boven het MSY-niveau. ICES adviseert op basis van een visserijdruk op MSY-niveau dat vissers in 2017 maximaal 1.34 miljoen ton Blauwe wijting mogen vangen, dat is bijna twee keer zoveel als het advies van vorig jaar.

Makreel: verdere toename van het bestand

Makreel wordt gedurende het hele jaar bevist, verspreid over verschillende gebieden. De meest belangrijke visserijen vinden plaats ten westen van Ierland aan het einde van de winter, in de Noorse Zee en rond IJsland in de zomer en in de Noordelijke Noordzee in het najaar.
Ook dit jaar is er sprake van een toename van het bestand van makreel, en daarmee zet de toenemende trend sinds 2000 zich door. De toename van het bestand is te danken aan een aantal sterke jaarklassen in het afgelopen decennium. De visserijdruk is nog altijd boven MSY-niveau, al is deze wel afgenomen ten opzichte van de hoge niveaus van halverwege de jaren 2000.

Voor makreel ligt er een overeenkomst over een nieuw langetermijn-beheerplan tussen de EU, Faeröer en Noorwegen, maar zonder o.a. IJsland, Groenland en Rusland die ook vissen op het bestand. ICES adviseert niet op basis van het beheerplan maar op basis van een visserijdruk op MSY-niveau, wat resulteert in een toename van de vangsten naar 944 duizend ton in 2017.

ICES heeft daarnaast zijn vangstadvies voor 2016 aangepast (ondanks dat voor sommige landen het visseizoen al over is), in verband met een foute berekening in de bestandschatting van vorig jaar. Het nieuwe advies voor 2016 is 774 duizend ton, 16% hoger dan het oorspronkelijke advies. De som van de ‘afgesproken’ TAC en unilaterale quotas voor makreel voor 2016 is 1.068 miljoen ton, wat hoger is dan het oorspronkelijke en het bijgestelde vangstadvies.

Horsmakreel nog altijd op een laag niveau

Horsmakreel wordt voornamelijk gevangen door de Ierse, Duitse, Spaanse, Britse en Nederlandse vloot. Visserij vindt plaats ten westen van de Britse eilanden (Westelijk bestand) en in mindere mate in de Noordzee en het Oostelijke Engelse kanaal (Noordzeebestand).
De aanwas van het Westelijk bestand van horsmakreel is al sinds 2001 erg laag en als gevolg daarvan is het bestand sinds 2010 in een neerwaartse trend geraakt. In 2016 wordt naar verwachting het laagste niveau van de tijdserie behaald. Het huidige paairijpe bestand ligt beneden het MSY-niveau, terwijl de visserijdruk dicht tegen het MSY-niveau aanzit. ICES adviseert daarom, op basis van de MSY-benadering, een verdere verlaging van de vangsten van het Westelijke bestand naar 69.186 ton in 2017.

Wat het Noordzeebestand betreft, deze blijft stabiel op een laag niveau. De informatie over dit bestand is echter niet voldoende om een MSY-benadering toe te passen. Daarom is het ICES-advies gebaseerd op het zogenaamde voorzorgsbeginsel. Nieuwe informatie van het jaar 2015 laat zien dat er een niet te verwaarlozen hoeveelheid horsmakreel wordt gediscard door visserijen die niet doelgericht op horsmakreel vissen (16,7% van de totale vangsten). Dit gegeven is meegenomen in het advies voor 2017. Het vangstadvies voor het Noordzeebestand is in totaal (inclusief de discards) 18.247 ton, wat overeen komt op 15.200 ton horsmakreel voor de gerichte visserij.

Minder haring in de Noorse zee, maar het advies gaat omhoog

De haring in de Noorse zee is een bestand dat migreert tussen de Barentszzee, het zuiden van Noorwegen en IJsland. Op dit bestand wordt met name gevist door Noorwegen en in mindere mate door IJsland, Rusland en de Faeröer. Nederlandse vangsten beslaan 1,5% van de totale vangsten. Het bestand wordt sinds 1999 beheerd op basis van een gezamenlijk beheerplan van de kuststaten.

Door uitblijven van een goede jaarklasse sinds 2006, is het bestand het laatste decennium afgenomen. Het bestand bevindt zich momenteel nog op het veilige biologische niveau. De visserijdruk is laag in de laatste jaren en was onder het niveau dat in het beheerplan werd voorgeschreven. Op basis van het gezamenlijke beheerplan en de bestandgegevens adviseert ICES voor 2017 een vangst van 646 duizend ton.

Terwijl het bestand de laatste jaren afneemt, is het vangstadvies voor 2017 bijna verdubbeld t.o.v. 2016. Dit komt omdat er vorig jaar een benchmark voor deze soort heeft plaatsgevonden waarin de bestandsschattingmethode is aangepast (zowel het model als de gegevens die het model voeden). Met de herziende bestandsschatting is het bestand groter dan initieel was berekend. Volgens het beheerplan kan met een groter bestand ook met hogere visserijdruk gevist worden. Een combinatie van deze twee factoren, hogere bestandsschatting en hogere visserijdruk, maakt dat het vangstadvies ten opzichte van vorig jaar zoveel omhoog kon.

Tabel: Bestandsontwikkelingen, totaal toegestane vangst 2016 en ICES-advies voor 2017 (in tonnen) voor vier schoolvormende vissoorten die voor Nederland belangrijk zijn.

vangstadvies2017.JPG

* geen TAC maar de initiële schatting van de totale vangsten in 2016 gebaseerd op de vangsten van de eerste helft van 2016
**Dit is som van de ‘afgesproken’ TAC en unilaterale quota die een aantal kuststaten vervolgens zelf gesteld hebben.
***Gerichte vangsten op Makreel. Bij het vangstadvies is rekening gehouden met een discardspercentage van 16.7%.


Noot:
Voor Noordzee haring, dat zich volledig binnen de grenzen van de maximum duurzame oogst bevindt, adviseerde ICES eerder dit jaar in juli al een verhoging van de TAC voor 2017 naar 458 926 ton.