Nieuws

'Veni’s’ voor onderzoekstalenten Wageningen UR

Gepubliceerd op
29 september 2014


Zeven jonge Wageningse wetenschappers hebben van de Nederlandse Organisatie van Wetenschappelijk onderzoek (NWO) een Veni gekregen. Dit is een financieringsvorm voor uitblinkende onderzoekers die onlangs gepromoveerd zijn. De plantenonderzoekers Marjon de Vos en Bob Douma zijn twee van hen. Welk onderzoek kunnen zij dankzij hun Veni’s gaan doen?

Resistentie tegen antibiotica

devos.jpg

Marjon de Vos, van de leerstoel Erfelijkheidsleer: ‘Dankzij de Veni kan ik onderzoeken welke effecten de interacties tussen bacteriën hebben op de evolutie van resistentie tegen antibiotica. Het sluit aan op mijn huidige onderzoek. Hierin kijk ik naar een kleine geïsoleerde groep bacteriën die gevonden is bij mensen met een urineweginfectie. Deze mensen zijn behandeld met antibiotica, maar de groep bacteriën die de infectie heeft veroorzaakt, blijkt daar steeds resistenter tegen te zijn. Met het Veni-onderzoek wil ik kijken of de interactie tussen deze bacteriën ook bijdraagt aan de ontwikkeling van deze resistentie. Die focus is nieuw: de meeste onderzoeken naar antibioticaresistentie richten zich op één bacterie en niet naar de interactie tussen verschillende soorten bacteriën. Met dit onderzoek wil ik een eerste stap zetten naar meer inzicht in het effect van deze interacties op antibioticaresistentie.’

Aansporing voor vrouwelijke onderzoekers

‘Ik ben blij dat ik de Veni heb gekregen voor mijn onderzoeksvoorstel. Allereerst omdat het een belangrijk onderzoek is. Alleen al in Europa overlijden jaarlijks 25.000 mensen door infecties die door resistentie niet meer met antibiotica te behandelen zijn. En ten tweede zie ik het als een aansporing voor vrouwelijke onderzoekers. In de bètawetenschappen bepalen mannen nog steeds het beeld, zeker op de hogere niveaus. Dat moet veranderen, vind ik.’

Geurstoffen en plantinteractie

bobdouma.jpg

Bob Douma, van de leerstoel Gewas- en Onkruidecologie: ‘Ik ga onderzoeken hoe geurstoffen van invloed zijn op de interactie tussen planten. Als een rups een plant aanvreet, dan zendt deze plant geurstoffen uit. Die vluchtige stoffen trekken vijanden van de rups aan, zoals sluipwespen. Calling for help, heet dat in de wetenschap. Er is ook aangetoond dat buurplanten die signalen ook gebruiken. Bijvoorbeeld door hun verdediging alvast op standby te zetten. Ik wil onderzoeken of die buurplanten als reactie op die geurstoffen ook hun groei veranderen. Gesuggereerd wordt dat een plant een afweging maakt: investeer ik in groei of breng ik mijn verdediging op orde? Het zou ook kunnen zijn dat de plant versnelde groei als verdedigingsstrategie gebruikt: ze bloeit dan sneller en het zaad komt sneller los van de plant. Sneller bloeien betekent doorgaans een lagere zaadproductie. Maar die productie is dan wel op tijd veiliggesteld.’

Duurzamere gewassen

‘Ik hou van het doen van dit soort fundamenteel onderzoek. Het is als een intrigerende puzzel die je moet zien op te lossen. Uiteindelijk kan het onderzoek bijdragen aan de ontwikkeling van duurzamere gewassen. Er wordt nu geopperd om variëteiten te ontwikkelen die een verhoogde productie van geurstoffen hebben. Deze trekken meer hulptroepen aan, waardoor je minder pesticiden hoeft te gebruiken, is het idee. Maar je moet wel goed kijken of die geen nadelige effecten op buurplanten heeft. Als blijkt dat ze sneller groeien en bloeien, kan dit uiteindelijk tot ongewenste en onnodige opbrengstverliezen leiden.’

Veni is een van de drie financieringsvormen die de NWO jaarlijks beschikbaar stelt aan individuele wetenschappers. Waar Veni bestemd is voor jonge, veelbelovende onderzoekers, richt Vidi zich op onderzoekers die al wat jaren op postdocniveau werken. Vici, ten slotte, is bedoeld voor zeer ervaren onderzoekers.