Nieuws

Versterking van coöperaties in ontwikkelingslanden

Gepubliceerd op
8 oktober 2014

Als coöperaties gaan investeren in verdere bewerking van producten of nieuwe marktsegmenten willen betreden, is het verstandig om ruimte te bieden aan het opnieuw doordenken van de meest geschikte manier van bedrijfsmanagement. Dat is een van de conclusies van het seminar Enhancing Development Effectiveness through Cooperative Agrobusiness in waar het LEI in september aan deelnam.

Het seminar werd geopend met bijdragen van prof. Ruerd Ruben (LEI Wageningen UR) en prof. Michael Cook (Graduate Cooperative Institute of Cooperative Leadership). Doel van het seminar dat in Ethiopië plaatsvond was om zicht te krijgen op in hoeverre onderzoek naar de levenscyclus van coöperaties bijdraagt aan de versterking van het strategisch management van coöperatieve organisaties.

Coöperatieve levenscyclus

Uitgangspunt daarbij is de zogenaamde coöperatieve levenscyclus: het bereiken van resultaten van coöperatieve samenwerking (in termen van hoger inkomen, meer winst, werkgelegenheid en onderling vertrouwen) vraagt bij tijd en wijle om fundamentele aanpassingen van de interne organisatie en het bestuur van coöperatieve bedrijven.

cooperaties_ontwikkelingslanden.jpg

Besturingsstructuur onder druk

Hierdoor komt de besturingsstructuur onder druk te staan. Dat komt met name doordat er meer aandacht moet worden gegeven aan externe stakeholders, zoals banken (die diepte-investeringen meefinancieren) en afnemers (die garanties willen dat de productie voldoende kwaliteit heeft).

Groeiend  aantal coöperaties Oost-Afrika

De afgelopen decennia zijn veel coöperaties in Oost-Afrika opgezet, vaak met een initieel sterke invloed vanuit de overheid. Coöperaties doen het goed als markten falen en zorgen dan dat boeren gezamenlijk goedkopere inputs kunnen kopen, betere afzetprijzen kunnen bedingen, en meer productie op de markt brengen. Ze zorgen vaak ook voor kennisoverdracht en vergroten de onderhandelingsmacht van boeren.

Eerlijk over toekomstmogelijkheden

De coöperaties in Oost-Afrika krijgen te maken met nieuwe marktomstandigheden die vragen om belangrijke aanpassingen. Dat kan voortkomen uit de noodzaak tot verdere specialisatie, de vraag om kwaliteitsverbetering in het productieproces of de behoefte tot intensifiëren bij de verwerking van producten. Van de leden van de coöperaties wordt dan een grotere inzet gevraagd, en ook het interne bestuur moet vaak verder professionaliseren. Voor het begeleiden van dit aanpassingsproces is het van groot belang dat de leden van de coöperaties hun geschiedenis reconstrueren en bereid zijn om eerlijk na te denken over de toekomstmogelijkheden. Soms zal dat leiden tot een nieuwe coöperatieve institutionele structuur, in andere gevallen kunnen de leden besluiten om zelfstandig of in een andere bedrijfsvorm door te gaan.

Opvolging seminar

Voor de verdere opvolging van dit seminar is overleg gevoerd met de Nederlandse Ambassade, met Ford Foundation en IFPRI. De samenwerking tussen het Graduate Cooperative Institute of Cooperative Leadership (Missouri) en het LEI biedt mogelijkheden om de Oost-Afrikaanse coöperatieve beweging gebruik te laten maken van de ervaringen die zijn opgedaan in zowel de Noord-Amerikaanse als Europese traditie van landbouwcoöperaties. Binnen Wageningen kan hierbij de kennis die is opgedaan in eerdere studies over landbouwcoöperaties in Europa worden benut.

Dit seminar werd georganiseerd door de Amerikaanse Overseas Cooperative Development Council (OCDC) in samenwerking met CIAT, IFPRI en Ford Foundation. De groep van zo'n 50 deelnemers bestond uit vertegenwoordigers van (primaire en secundaire) landbouwcoöperaties van Ethiopië, Kenia, Oeganda en Rwanda, evenals stafleden van ontwikkelingsorganisaties die bij dragen aan coöperatieve ontwikkeling (waaronder SNV, Agriterra, CTA en het Wageningse programma CASCAPE).