Wageningse afgestudeerden vaker gepromoveerd, vrouw en naar buitenland

Persbericht

Wageningse afgestudeerden vaker gepromoveerd, vrouw en naar buitenland

Gepubliceerd op
6 februari 2018

De loopbaan van afgestudeerden aan Wageningen University & Research is vaker internationaal. Ook studeren steeds meer vrouwen af en promoveert een aanzienlijk groter deel van de alumni in Wageningen of elders. Dat blijkt uit de vijfjaarlijkse Loopbaanmonitor die sedert 1973 de positie van afgestudeerden op de arbeidsmarkt via enquêtes inventariseert. De loopbaanmonitor is een gezamenlijk product van Wageningen University & Research en de Wageningse alumnivereniging KLV en kwam tot stand in samenwerking met IVA Onderwijs in Tilburg.

De Loopbaanmonitor werd eind 2016 uitgezet onder 26787 afgestudeerden of gepromoveerden na 1975. Daarvan reageerde 35,5%. Uit de verwerkte vragenlijsten blijkt dat sinds 1970 het percentage vrouwen geleidelijk is gestegen tot gemiddeld 59 procent (afgestudeerd tussen 2011-2015). In de 1970 was dat nog 16%. De verschillen tussen vrouwelijke en mannelijke alumni in de jongste categorie (afgestudeerd in 2011-2015) zijn gering: Vrouwen werken vaker parttime, maar werken wel op hetzelfde niveau als mannen.

Meer alumni met PhD

Een steeds groter aantal alumni van WUR verlaat de universiteit met een doctorstitel, dr. ofwel een PhD. Eind 2016 maken PhD candidates (promovendi) circa een kwart van de net afgestudeerde alumni uit. Steeds meer alumni verkrijgen een PhD in het buitenland, ook degenen met een Nederlandse nationaliteit. Tussen 1970 en 2015, steeg het percentage alumni met de Nederlandse nationaliteit dat in het buitenland een PhD-graad behaalde, van 8 naar 27%.

Internationalisering groeit

Het percentage afgestudeerden met een niet-Nederlandse nationaliteit is sinds de jaren ‘70 gegroeid tot gemiddeld 43% van de afstudeerders 2011-2015. Het internationale karakter van de universiteit werkt ook door in de standplaats van de alumni. Van de alumni met een Nederlandse nationaliteit werkt 13% in het buitenland, terwijl 44% van de buitenlandse alumni buiten hun geboortestreek werkt. 14% van de buitenlandse alumni werkt in Nederland. Alumni met een niet-Nederlandse nationaliteit verrichten ruim twee keer zo vaak betaalde bestuurlijke nevenactiviteiten (of hebben die verricht) dan Nederlandse alumni (18% versus 8%).

70% heeft baan bij afstuderen

Einde 2016 bleek 84% van de alumni betaald werk te hebben (12 uur/week of meer). In de periode 2011-2015 had rond 70% al een baan bij het afstuderen. Net afgestudeerde werkzoekenden hebben ongeveer vijf maanden nodig om een betrekking te vinden. Drie procent is onvrijwillig werkloos. Vaste aanstelling verkrijgt bijna een derde, 32%, binnen één jaar na afstuderen. Na vijf jaar is dat percentage verdubbeld (64%).

Ruim een kwart werkt in de provincie Gelderland, zo’n 11% in Noord-Brabant en ongeveer de helft in de Randstad. De helft in het bedrijfsleven. En een kwart zegt overigens dat zij hun vakinhoudelijke kennis uit de opleiding in hun huidige werk niet of nauwelijks gebruiken. Bijna alle alumni starten in loondienst en naarmate de werkervaring toeneemt stijgt het aandeel zelfstandig ondernemers of freelancers. Bij alumni met meer dan 25 jaar werkervaring is een op de vijf zelfstandige.

Wat verdient de afgestudeerde?

De (deels) zelfstandige of freelance afgestudeerde verdient aanvankelijk iets minder dan zijn collega in loondienst maar haalt dat na tien ervaringsjaren in. Het bruto jaarsalaris is na 25 ervaringsjaren ca. €90.000 resp. €78.000. Gepromoveerden verdienen ongeveer evenveel als niet gepromoveerden. De helft van de alumni werkt in organisaties van meer dan 500 medewerkers.