Wageningse onderzoekers dichter bij beheersen van schimmelziekten in appel- en perenboomgaarden en bewaarcellen

Nieuws

Wageningse onderzoekers dichter bij beheersen van schimmelziekten in appel- en perenboomgaarden en bewaarcellen

Gepubliceerd op
26 februari 2019

Appelschurft, zwartvruchtrot, Europese vruchtboomkanker, vruchtrot tijdens de bewaring: schimmelziekten kunnen enorme schade toebrengen aan appels en peren. Onderzoekers van Wageningen University & Research hebben de twee belangrijkste ziekteverwekkers van vruchtrot in Nederland geïdentificeerd en mogelijke preventie- en beheersingsmaatregelen van verschillende schimmelziekten in kaart gebracht. Een deel van het onderzoek is samengebracht in een proefschrift waarop Marcel Wenneker op 25 februari promoveert.

Appels en peren worden tot 12 maanden bewaard in koelcellen voordat ze in de schappen van de supermarkten liggen. In deze periode kunnen zich allerlei vruchtrotsoorten ontwikkelen die door een groot aantal verschillende schimmelsoorten worden veroorzaakt. Tot nu toe was onbekend wat de belangrijkste vruchtrotveroorzakers in Nederland zijn. “Met ons onderzoek hebben we de twee belangrijkste ziekteverwekkers kunnen identificeren: Fibulorhizoctonia psychrophila, de veroorzaker van lenticel spot bij appels en peren en Cadophora luteo-olivacea, de veroorzaker van visogen bij peren,” zegt fytopatholoog Marcel Wenneker. “Daarnaast verzamelden we verschillende plantenweefsels, dode onkruiden en grassen, grond en compost in tien appel- en tien perenboomgaarden. Zo vonden we bijvoorbeeld de hoogste concentraties van Cadophora luteo-olivacea in appel- en perenbladresten, vruchtmummies en dode onkruiden. Vanuit deze substraten komen mogelijk de schimmelsporen vrij die de vruchten besmetten. Dat wordt nu verder onderzocht.”

Vruchten geïnfecteerd tijdens groeiseizoen

De veroorzakers van bewaarrotziekten bij fruit hebben als bijzonder kenmerk dat ze de vruchten tijdens het groeiseizoen infecteren, om daarna in een rustfase te gaan. Pas na enkele maanden bewaring veroorzaken ze symptomen. Marcel Wenneker: “Kennis van de epidemiologie van deze bewaarrotveroorzakers is essentieel om preventieve maatregelen te ontwikkelen en om hiermee het risico op vruchtinfecties tijdens het groeiseizoen te verminderen. De bestrijding moet door de complexiteit van bewaarrot een opeenvolging van maatregelen zijn. Zo is het bijvoorbeeld belangrijk op het juiste moment (en niet te laat) te bespuiten, waarmee je het aantal bespuitingen kunt verminderen. Daarnaast kunnen de belangrijkste infectiebronnen uit de boomgaard worden verwijderd.”

Vruchtboomkanker

De onderzoekers richtten zich ook op vruchtboomkanker, een schimmelziekte die wordt veroorzaakt door Neonectria ditissima. Deze schimmel tast takken, scheuten en vruchten aan. Ze ontwikkelden een nieuwe methode om appel- en perenboompjes in de kwekerij te onderzoeken op aanwezigheid van infecties met Neonectria ditissima, nog voordat de boompjes in de boomgaard worden geplant. “We wilden ook beter en sneller inzicht krijgen in het niveau van resistentie tegen vruchtboomkanker. Hiervoor infecteerden we bladlittekens - die in het najaar tijdens de bladval ontstaan - en kunstmatig aangebrachte wondjes met de schimmelsporen. Het blijkt dat de groeisnelheid van de kankers een goede voorspelling geeft van de vatbaarheid van een appelras,” zegt Marcel Wenneker. De onderzochte parameters kunnen worden gebruikt om strategieën te ontwikkelen voor de beheersing van Europese vruchtboomkanker. Bijvoorbeeld in het veredelingsonderzoek van appelrassen.

Samenwerking

“Door samenwerking van onderzoek, bewaarspecialisten, afzet en telers kunnen we verder met het ontwikkelen van strategieën voor de beheersing van schimmelziekten. Als vervolg zullen we bijvoorbeeld populaties kruisen van vatbare en niet vatbare rassen om, met de in ons onderzoek ontwikkelde methodieken, in een vroegtijdig stadium te bepalen welke nakomelingen gevoelig zijn voor vruchtboomkanker. Ons onderzoek heeft hiermee een directe relevantie voor de praktijk.”