Wat de landbouw kan leren van termieten en schimmels

Nieuws

Wat de landbouw kan leren van termieten en schimmels

Gepubliceerd op
16 april 2015

Ver vóór de mens deden er al andere levende wezens aan landbouw. Al tientallen miljoenen jaren verbouwen termietensoorten in Azië en Afrika schimmels om op te eten. En dat doen ze goed, want de oogst van een kolonie blijft decennialang op een hoog niveau. Hoe doen die termieten dat toch? Die miljoenen jaren oude symbiose tussen termieten en schimmels kan wel eens de sleutel zijn voor hogere landbouwoogsten, denkt evolutiebioloog Duur Aanen van Wageningen University. Zijn onderzoeksopzet werd beloond met een Vici-beurs van 1,5 miljoen euro van de Nederlandse Organisatie van Wetenschappelijk Onderzoek (NWO).

Termieten ongekend productief

Duur Aanen is gefascineerd door de vraag hoe de termieten die langdurige hoge voedselopbrengsten  voor elkaar krijgen. “Kijk je naar zo’n kolonie termieten, dan zie je honderdduizenden werkers die heel druk in de weer zijn met het onderhoud van hun ‘schimmeltuin’. Daarin zijn ze als groep ongekend productief. Want als we deze monocultuur in het lab nabootsen, daalt de opbrengst na enkele generaties heel sterk. We denken dat dit komt doordat er dan onbewuste selectie  plaatsvindt van ‘verkeerde’ eigenschappen. De vraag is dus: wat doen die termieten anders, waardoor het tientallen jaren goed blijft gaan? Kennelijk selecteren ze goed, maar hoe doen ze dat?“

Raakvlakken met de landbouw

Termieten en schimmels

Het antwoord op die vraag vergt diepgaande evolutionaire kennis. Deze kennis wil Aanen de komende 5 jaar vergaren met de onderzoeksgroep die hij dankzij de Vici-subsidie van 1,5 miljoen euro gaat samenstellen. “De symbiose tussen de termieten en de schimmels vertoont veel raakvlakken met de landbouw zoals wij die kennen. Termieten telen schimmels zoals boeren hun gewassen telen, maar dan in een symbiose. De termiet heeft de schimmel nodig om te kunnen eten. Maar andersom is de schimmel niet sterk genoeg om op eigen kracht te blijven voortbestaan. Daar heeft hij de termiet voor nodig.”

Interessante toepassingen

Als bioloog voelt Aanen zich vooral aangetrokken door het fundamentele karakter van het onderzoek. Toch ligt het volgens hem voor de hand dat de kennis, die het onderzoek oplevert, ook zijn weg vindt naar de praktijk. Aanen ziet daarbij zeker twee interessante  toepassingen. “Allereerst worden schimmels steeds vaker door de industrie gebruikt, bijvoorbeeld voor de productie van enzymen. We kennen natuurlijk ook de gekweekte eetbare paddenstoelen, de ‘vruchtlichamen’ van schimmels. Bij beide toepassingen zien we soms een sterke daling van de productiviteit, die waarschijnlijk te maken heeft met onbewuste selectie. Het is voor bedrijven zeer interessant om te zien hoe je die productiviteit, net als termieten, wel op niveau zou kunnen houden.”

Schimmels voor consumptie

Schimmels van termieten

Een tweede verbinding met de praktijk is dat het onderzoek mogelijk kennis oplevert waarmee kwekers in staat zijn de schimmel van de termieten ook voor menselijke consumptie te kweken. “De schimmels groeien vanuit termietenkolonies eens per jaar uit tot paddenstoelen, die in Afrika nu al door mensen verzameld en verhandeld worden als populaire voedselbron. Maar onderzoekers in het lab lukt het nog niet de paddenstoelen te kweken. Als we weten hoe de termieten het voor elkaar krijgen, kunnen wij het misschien ook. En dat zou goed zijn, want het is een smakelijke, zeer eiwitrijke voedselbron.”