Nieuws

Welke meren veranderen in giftige soep? Onderzoek naar algenbloei in Chinese meren

Gepubliceerd op
22 juli 2021

Algenbloei heeft al veel meren in een giftige soep veranderd. Door deze algen zijn meren niet langer geschikt voor drinkwater of visserij. Daarnaast kunnen algen het zwemwater onveilig maken. Maar niet alle meren zijn gelijk: terwijl algen het ene meer teisteren, lijken andere meren schoon te blijven. Nederlandse en Chinese wetenschappers deden onderzoek naar algenbloei in ruim 19.000 Chinese meren.

De natuur zit boordevol variatie. Kijk maar eens naar buiten: elke boom ziet er weer anders uit. Zelfs als het allemaal eiken of beuken zijn is toch de ene boom net weer kleiner, breder of schever dan de andere boom. Deze variatie bestaat ook onder water: elk meer is uniek, het ene meer is diep, de ander weer groot of langwerpig. “De wereld kent wel 1,4 miljoen meren en er is geen enkel meer op aarde dat zijn evenbeeld kent. Door de grote variatie aan meren is ook het beheer lastig”, aldus Annette Janssen, onderzoeker van Wageningen University & Research. “Waar het ene meer kwetsbaar is voor algenbloei als gevolg van vervuiling, zijn andere meren dat veel minder.”

Janssen varend op het Baiyangdian meer dat 170 km onder Beijing ligt.
Janssen varend op het Baiyangdian meer dat 170 km onder Beijing ligt.

Nederlandse wetenschappers hebben samen met wetenschappers uit China de eigenschappen voor ruim 19.000 Chinese meren in kaart gebracht. Uit hun recente publicatie van juli 2021 in Water research blijkt dat de meest kwetsbare meren relatief dicht bij zee liggen. “Dit is ook plek waar de meeste vervuiling voorkomt”, aldus Janssen. Dat de meest kwetsbare meren ook nog eens het meest vervuild worden, is een ongelukkige combinatie van factoren. Maar het helpt ook beter te begrijpen hoe we algen het beste kunnen bestrijden, aldus de Nederlandse en Chinese wetenschappers. ”Nu we weten waar de meest kwetsbare meren van China liggen, kunnen we beter inschatten waar maatregelen genomen moeten worden om de meren schoon te houden of te krijgen.”

Het onderzoek laat ook zien dat de kwetsbaarheid van meren voor algenbloei afhangt van de eigenschappen van het meer, zoals diepte of temperatuur. Ondiepe meren kunnen veel planten hebben. Die houden de algenbloei tegen, terwijl dat in diepere meren niet mogelijk is. Ook de temperatuur is van belang: algen houden van warmte en komen dus veel meer voor in de warmere meren op aarde. Tot slot heeft ook de soort bodem invloed op algenbloei: als de bodem van een meer veel klei heeft, kan dat werken als een soort batterij. Soms wordt deze opgeladen met vervuilende stoffen zoals fosfaat, om dat op een later moment weer los te laten waardoor de algen sneller kunnen gaan groeien.

Door de verschillende eigenschappen van meren kan het zijn dat twee meren heel onverwacht op vervuiling reageren. Neem bijvoorbeeld het meer Baiyangdian dat 170 km ten zuiden van Beijing ligt. Dit meer krijgt ruim twee keer zoveel vervuiling van nutriënten te verwerken dan het meer Taihu, ongeveer 140 km ten westen van Shanghai. Ondanks de grotere vervuiling in Baiyangdian, zijn de problemen met algengroei in Taihu groter. “Toen ik het meer Taihu bezocht leek het water wel op dikke erwtensoep, zo dicht waren de algen gegroeid”, aldus Janssen. “Maar bij het Baiyangdian meer zag ik alleen maar waterplanten staan”. Dit komt omdat Taihu andere eigenschappen heeft dan Baiyangdian, waardoor Taihu kwetsbaarder is voor algen. Zo is het Taihu meer bijzonder groot. Meren met een groot water oppervlakte hebben meer last van wind waar waterplanten niet goed tegen kunnen. De afwezigheid van planten bied ruimte aan de groei van algen.

Janssen bij het Taihu meer dat ongeveer 140 km ten westen van Shanghai ligt.
Janssen bij het Taihu meer dat ongeveer 140 km ten westen van Shanghai ligt.

De studie van de Nederlandse en Chinese wetenschappers naar de eigenschappen van meren heeft veel inzichten gegeven. “Maar we zijn er nog niet”, waarschuwt Janssen. “Toekomstige veranderingen in landgebruik, klimaat en economie kunnen de kwetsbaarheid veranderen.” Er is dus meer onderzoek nodig om te kijken hoe de meren gaan reageren op deze veranderingen.