Nieuws

Wijzer met de kringloopwijzer

Gepubliceerd op
14 maart 2014

In vroegere jaren speelde de kringloop van voedingsstoffen zich vooral af binnen het boerenbedrijf en de directe omgeving. Tegenwoordig zijn er belangrijke stromen, die het bedrijf binnenkomen en uitgaan. Bijvoorbeeld kunstmest, ruw- en krachtvoer enerzijds en aan- en afvoer van producten en mest anderzijds. Daardoor doorloopt de kringloop van nutriënten veel meer een regionale of zelfs mondiale route. Door deze lokale ontkoppeling ontstaan makkelijk ophoping en verliezen met nadelige effecten voor het milieu.

De kringloopwijzer kwantificeert voor het melkveebedrijf de stofstromen van stikstof (N), fosfor (P) en koolstof (C). De circulatie binnen het bedrijf wordt berekend, de inname en afvoer, en de emissies in de vorm van bijvoorbeeld nitraat, ammoniak, methaan en CO2. Voor de melkveehouder levert de kringloopwijzer kengetallen op, waarmee hij zijn bedrijfsvoering kan verbeteren of verantwoorden. Voor de overheid schept de kringloopwijzer mogelijkheden voor regelgeving op maat.

Rapport Rekenregels van de kringloopwijzer

Om de kringloopwijzer als hulpmiddel ingang te doen vinden, is transparantie van groot belang. Jaap Schröder heeft met collega’s van Livestock Research, Plant Research International en LEI nauwgezet de wetenschappelijke onderbouwing van de rekenregels voor kringloop en benutting van N, P en C in een rapport beschreven. De benutting is op verschillende niveaus weergegeven, zoals op niveau van bedrijf, dier, bodem, mest en gewas. Het rapport geeft de bedrijfsspecifieke kengetallen voor de excretie van N en P in mest, voor de emissie van ammoniak, nitraat en lachgas en voor de fosfaat en koolstofstromen. Overwegingen en kanttekeningen bij de berekeningswijze komen uitgebreid aan de orde.