vaste mest op een hoop

Project

Beperking dierlijke mest op bouwland

In dit project wordt bepaald hoe het komt dat de concentratie nitraat in de bovenste laag grondwater bij bouwlanden en zandgronden in Nederland erg hoog is.

Doelstelling

In de bovenste laag grondwater bij bouwlanden op zandgronden in Nederland is nog steeds een hoge concentratie nitraat te vinden. Dit is vooral het geval op plaatsen waar dierlijke mest gebruikt is. Het is niet duidelijk of dit komt door toekenning van een te lage (wettelijke) N-werking aan dierlijke mest (zodat binnen het gebruiksnormenstelsel meer aanvullende kunstmest-N gegeven kan worden dan nodig), of door het feit dat dierlijke mest op grond van zijn aard (verlate mineralisatie buiten het groeiseizoen) tot meer uitspoeling leidt. Als de ontijdige mineralisatie de oorzaak is, zullen meststoffen met een hoog aandeel organische gebonden N meer belastend zijn en meststoffen met een laag aandeel per toegediende kg N juist minder belastend zijn voor het milieu. Het project heeft tot doel te achterhalen welk van de genoemde factoren daadwerkelijk bepalend zijn.

Beoogd resultaat

De resultaten maken het mogelijk om mestgiften te onderscheiden op basis van hun milieukundige effecten. Dit inzicht zal bijdragen aan het krijgen van toestemming van de Europese Commissie om van die mestsoorten waarvoor dat vanuit een uitspoelings-oogpunt en ophopingsstandpunt ook op de lange termijn milieukundig verantwoord is, meer te kunnen toedienen dan de standaardgift van 170kig mest-N per hectare per jaar.

Werkwijze

Om te testen waardoor de nitraatconcentratie in het grondwater van bouwlanden op zand zo hoog is zijn in 2010 en 2011 veldproeven uitgevoerd. Snijmais is op grond verbouwd met dierlijke mest van verschillende typen en in verschillende hoeveelheden. In 2012 worden de effecten van de in 2011 gebruikte behandelingen op de kwaliteit van het grondwater geanalyseerd, net zoals in 2011 is gedaan voor 2010.

Publicaties