aanpak van landdegradatie en verwoestijning

Project

DESIRE: aanpak van landdegradatie en verwoestijning

Wetenschappers en maatschappelijke organisaties bundelen hun krachten om verwoestijning een halt toe te roepen. Wereldwijd bedreigt ‘desertification’ zo’n 250 miljoen mensen in hun bestaan.

Sinds 1945 is volgens de Verenigde Naties meer dan 1,2 biljoen hectare aan bruikbaar land ten prooi gevallen aan verwoestijning. Bij deze vorm van landdegradatie neemt onder meer de kwaliteit van de bodem sterk af. Verwoestijning treedt vooral op bij droogte, overbegrazing, verzilting en erosie door wind en water. Voornaamste doel van het internationale project DESIRE is succesvolle strategieën te ontwikkelen om verdere verwoestijning te voorkomen. Deze strategieën moeten ter plaatse uitvoerbaar zijn. Bovendien moeten ze landgebruikers een economisch voordeel opleveren.

Hotspots

Onderzoeksinstituut Alterra van Wageningen UR coördineert DESIRE. Voor dit vijf jaar durende project werken onderzoeksinstellingen en maatschappelijke organisaties samen met lokale belanghebbenden. Bij de start van het project in 2007 is een inventarisatie gemaakt van probleemgebieden op aarde om het onderzoek op te richten. Zo werden wereldwijd 18 ‘hotspots’ geselecteerd. Van elke locatie is in kaart gebracht wat de voornaamste problemen zijn en welke beheersmaatregelen en -strategieën al dan niet eerder zijn toegepast. Ook zijn voor elke hotspot sets van indicatoren getoetst op bruikbaarheid om risico’s van verwoestijning te kunnen berekenen. De geteste indicatoren zeggen bijvoorbeeld iets over waterhuishouding, bodembeheer, landgebruik, bevolkingskenmerken of beleidsuitvoering ter plaatse.

Nieuwe strategieën

Met deze informatie bij de hand ontwikkelen de wetenschappers samen met lokale boeren en organisaties vernieuwende strategieën. Dit gebeurt in een leerproces dat speciaal voor het project is ontwikkeld. Bij het leerproces worden onder meer bestaande methoden gebruikt voor het documenteren, evalueren en delen van strategieën voor duurzaam landgebruik. Of de nieuwe strategieën werkelijk bodems beschermen en verwoestijning tegengaan, wordt in veldexperimenten getest op de 18 hotspots. De resultaten hiervan worden geanalyseerd met modellen die ook voor grotere gebieden bruikbaar zijn.

Voordeel

Uiteindelijk moet het DESIRE-project leiden tot praktische richtlijnen voor een verantwoord gebruik van land. Er worden tal van producten, standaarden en methoden ontwikkeld waar bijvoorbeeld beleidsmakers, boeren in de getroffen gebieden en grote internationale instanties als United Nations Convention to Combat Desertification hun voordeel mee kunnen doen. Zo is er een informatiesysteem beschikbaar waarin alle uitkomsten van het onderzoek worden ontsloten. Ook komt een methode beschikbaar voor het identificeren, selecteren en uitonderhandelen van strategieën voor duurzaam landgebruik – in samenwerkingsverbanden van wetenschappers en stakeholders. Verder wordt er gewerkt aan een handboek voor het toepassen van strategieën in het veld. Bovendien is een online database in de maak met kaarten en gegevens van de mate, type en ruimtelijke verspreiding van landdegradatie én van activiteiten voor een duurzaam gebruik van land. Kijk voor meer producten en resultaten van dit omvangrijke project op de website van DESIRE.

DESIRE beoogt de volgende resultaten op te leveren:

  • Kartering van de huidige status van landdegradatie en effecten van beheersmaatregelen in de online WOCAT map database* en in het boek Desire for greener land (Schwilch et al., 2012)
  • Documentatie van de beheersmaatregelen in de online WOCAT* 'technologies' database en in het boek Desire for greener land (Schwilch et al., 2012) 
  • Een participatieve methode voor het identificeren, documenteren en selecteren van beheersmaatregelen met stakeholders en wetenschappers
  • Wetenschappelijke borging van een dertig-tal beheersmaatregelen (deels nieuw, deels bestaand) in een serie veldexperimenten
  • Een gekoppeld biofysisch en economisch model dat effecten van beheersmaatregelen op landdegradatie en economische kenmerken van een regio beschrijft voor beleids- en klimaatscenarios (DESMICE)
  • Een serie disseminatie- en trainingsproducten voor een brede doelgroep (beleidsmakers, wetenschappers, praktijkmensen, burgers), alle ontsloten via het webportaal www.desire-his.eu
  • een drietal Special Issues waarin al het werk van het project voor de wetenschappelijke wereld toegangkelijk wordt gemaakt (in Environmental Management. Catena en Land Degradation & Development)
  • een tweetal films over verwoestijning en de aanpak van DESIRE (http://tinyurl.com/d854dmx en http://vimeo.com/44124906

 * World Overview of Conservation Approaches & Technologies (www.wocat.net); database is vrij toegankelijk

Werkwijze

Het DESIRE project ontwikkelt concrete strategieën om verwoestijning tegen te gaan en te voorkomen. Een strategie bestaat uit een ‘technology’ (bijvoorbeeld de aanplant van grasstroken) en een ‘approach’ (werkwijze hoe de technologie te implementeren in samenspraak met overheden, landgebruikers en ontwikkelingsorganisaties). De 'technologies' zijn getest in ruim 30 veldexperimenten gedurende drie jaar. Een combinatie van een landdegradatiemodel en een economisch model werd gebruikt om de resultaten op te schalen naar regio's. Met behulp van de modellen werden biofysische en economische effecten geschat van de technologies onder verschillende scenario's van beleid en klimaat.


Samenwerkingspartners buiten Wageningen UR: 

Katholieke Universiteit Leuven, Belgie
University of Leeds, Groot-Brittannië
University of Wales Swansea, Groot-Brittannië
University of Bern, Zwitserland
Estacion Experimental de Zonas Aridas, Spanje
University of Aveiro, Portugal
CNR Research Institute for Hydrogeological Protection, Italië
Agricultural University of Athens, Griekenland
Eskisehir Osmangazi University, Turkije
University of Mohamed V, Marokko
Institut des Region Arides, Tunesië
Institut for Soil and Water Conservation, China
Democritus University of Thrace, Greece
Both ENDS, Nederland
ISRIC World Soil Information, Nederland
Escola Superior Agraria de Coimbra, Portugal
CARI, Frankrijk
University of Botswana, Botswana
ITC, Nederland
IRD, Frankrijk
MEDES, Italie
MSUEE, Rusland
INIA, Chili
INIDA, Kaapverdië