varken

Project

Emissiemetingen aan wroetstal

Vanuit de EU en de Nederlandse overheid zijn verschillende regels opgesteld waaraan de huisvesting moet voldoen om het welzijn van varkens te verbeteren. Het beschikbaar stellen van een uitloop aan de varkens wordt in het algemeen beschouwd als een belangrijke manier om het welzijn van de dieren te verbeteren. In 2013 moeten alle stallen voldoen aan de ammoniakemissie-eisen zoals die zijn gesteld in het ‘Besluit ammoniakemissie huisvesting veehouderij’.

Doelstellingen project

Het doel van dit project is het bepalen van de ammoniakemissie uit een stal met uitloop, waarbij inzicht wordt verkregen in de bijdrage van verschillende bronnen in de stal met uitloop aan deze emissie. Naast ammoniak zullen tevens de emissies van broeikasgassen (methaan en lachgas), geur en fijnstof worden bepaald.

Aanpak en tijdspad

Het onderzoek wordt uitgevoerd in een stal voor vleesvarkens met uitloop op VIC Sterksel of op een praktijkbedrijf. Gedurende één jaar zal maandelijks een 24 uur meting worden gedaan op stalniveau (inclusief uitloop) van:

  • Ammoniak. Ammoniakconcentraties van de in- en uitgaande lucht met een NOx-monitor. De ammoniakconcentraties zullen continu op een aantal representatieve punten worden gemeten, zodat een goed inzicht wordt verkregen in de concentraties van de in- en van de uitgaande lucht uit de stal (inclusief uitloop).
  • Broeikasgassen. Concentraties broeikasgassen (methaan en lachgas) van de in- en uitgaande stallucht (inclusief uitloop). Er zullen 24-uurs monsters worden genomen in luchtzakken. Deze worden vervolgens geanalyseerd op het lab met een GC.
  • Geur. Geurconcentraties worden vastgesteld conform Europese geurnorm (EN 13725). Geurmonsters worden volgens de zogenaamde longmethode verzameld.
  • Fijnstof. Concentraties PM10 van de in- en uitgaande stallucht (inclusief uitloop). Concentraties zullen continu worden gemeten met DustTraks.
  • Ventilatie. Het ventilatiedebiet in de stal (inclusief uitloop) zal bepaald worden met behulp van de tracergasmethode (Mosquera et al., 2002). Bij deze methode wordt SF6 als tracergas gebruikt. Doordat de productie van SF6 bij het emitterend oppervlak bekend is, kan door bepaling van de tracergas concentratie van de uitgaande stallucht het ventilatiedebiet worden berekend.
  • Temperatuur en relatieve luchtvochtigheid. Tijdens de stalmetingen zullen tevens de T en RV van de stallucht en de buitenlucht worden gemeten.

Een dag voor of na de stalmetingen zullen de lokale emissies van ammoniak en broeikasgassen worden gemeten. Dit zal worden gedaan met behulp van een meetdoos. Deze meetdoos wordt op verschillende plaatsen in de stal over het emitterend oppervlak geplaatst. Vervolgens wordt de emissie vanaf dit oppervlak gedurende minimaal 10 minuten gemeten. De precieze opzet van deze metingen hangen samen met de precieze uitvoering van de stal (o.a. wel of geen mestkelder; wel of geen gebruik van mestbanden of mestschuiven). Naast deze metingen zullen tevens monsters worden genomen van de mengmest en van de bevuilde oppervlakken.

Resulltaten (beoogd)

De resultaten uit het onderzoek (openbaar rapport) kunnen gebruikt worden voor het vaststellen van een emissiefactor voor fijn stof en een systeembeschrijving voor het systeem. Concrete producten zullen worden:

  • rapport
  • presentatie op studiedag/stakeholdersbijeenkomst
  • presentatie op congres