Geintegreerde bestrijding bodemziekten in bio grondgebonden kasteelten

Project

Geintegreerde bestrijding bodemziekten in bio grondgebonden kasteelten - AF-14103

Compost wordt aanvaard als een belangrijk middel om de weerbaarheid van de bodem tegen ziekten en plagen zoals aaltjes te verbeteren. Ondanks dat er in de literatuur veel informatie over compostweerbaarheid beschikbaar is, ontbreekt het over een eenduidige raamwerk en komt de praktijk dus niet verder dan de bevinding dat composten erg kunnen verschillen. Er wordt gewerkt aan-, en binnen een raamwerk met een set van maatregelen die toepasbaar zijn binnen bestaande teeltsystemen. Dit voorstel is primair gericht op grondgebonden teelten, maar sluit direct aan bij ziektewering in substraat. De maatregelen zullen zich deels richten op de opkweekfase waarbij opkweekbedrijven gebruik maken van potgrondsamenstellingen die mogelijk verrijkt worden met compost of preparaten die bijdragen aan de gewenste effecten namelijk onderdrukking van ziekten en plagen. Samen met bedrijven worden praktijkproeven gedaan die de effecten van maatregelen inzichtelijk maken. Hierin is samenwerking tussen compostbedrijven, kwekers (plantopkweek) en tuinders noodzakelijk. Dit onderzoek inclusief praktijkproeven leidt tot een overzicht van maatregelen die aansluiten bij verschillende teeltsystemen. Het raamwerk ligt aan de basis voor een scala aan innovaties binnen de keten, zoals voor composteerders, toeleveranciers, opkweek en telers. Duidelijke resultaten zijn op korte termijn nodig om deze bedrijven te laten participeren. De verwachting is dat eind 2014 er verschillende (bio)bedrijven in de keten bereid zijn te investeren in deze aanpak.


In de biologische glastuinbouw zijn bodemgebonden ziektes een groot knelpunt. Met name wortelknobbelaaltjes (Meloidogyne sp.) en pathogene bodemschimmels zoals  Verticillium dahliae, Fusarium oxysporum en Pyrenochaeta lycopersici (kurkwortel) zorgen in de vruchtgroententeelt voor problemen. In de teelt van bladgewassen spelen ook Pythium en Sclerotinia een rol.

 Compost wordt in het algemeen aanvaard als een belangrijk middel om de weerbaarheid van de bodem tegen ziekten en plagen zoals aaltjes te verbeteren. Ondanks dat er in de literatuur veel informatie over compostweerbaarheid beschikbaar is, ontbreekt het over een eenduidig raamwerk en komt de praktijk dus niet verder dan de bevinding dat composten erg kunnen verschillen.

 Nieuwe wetenschappelijke informatie die de laatste jaren vrijgekomen is binnen het DLO onderzoek en in de wetenschappelijke literatuur maakt het nu mogelijk om zo’n typering te ontwikkelen door alle metingen te plaatsen in een duidelijk toetsbaar raamwerk. De eerste versie voor een raamwerk voor deze typeringen staat eenvoudig weergegeven in het bijgevoegd schema. Het raamwerk vormt een leidraad voor het meten van de mate van weerbaarheid van compost tegen belangrijke ondergrondse-, en bovengrondse ziekten en plagen in de bioteelt onder glas. Het schema is vormgegeven op basis van resultaten van o.a. de projecten BIO-VITAALKAS – Het ontwerpen van een stuurbaar bodemziekte- en plaag bodemweerbaar teeltsysteem (35) en Compost en onderdrukking van ziekten en plagen (56) binnen het bioprogramma 2011 binnen BO-12.10-007.04  Innovatieve biologische sectoren: Label Duurkas. Het raamwerk ligt aan de basis voor een scala aan innovaties binnen de keten, zoals voor composteerders, toeleveranciers en telers.

 Door het gebruik van doorgroeide compost van goede kwaliteit vergroten de glastuinders de  activiteit van het bodemleven en bouwen daardoor een grotere weerstand tegen bodemgebonden ziekten (Rietberg, 2011, np). Compost wordt ook toegevoegd door opkweekbedrijven, zo is vervanging van de niet-hernieuwbare grondstof veen door compost al een eis vanuit de Zwitserse bio-certificering.

 Door het gebruik van verschillende uitgangsmaterialen, composteermethoden en verschillen in opslag, kan compost een heterogeen product zijn. Het toevoegen van specifieke antagonisten tijdens de compostering biedt mogelijkheden om compost in te zetten als onderdrukker van bodem gebonden ziekten & plagen. Een voorbeeld is de toevoeging van entomopathogene nematoden ter bestrijding van de larven van rouwmuggen. Ook micro organismen zoals Trichoderma worden in de eindfase van het composteringsproces toegevoegd. Maar ook zonder compostering zijn er mogelijkheden om antagonisten te introduceren. Verder is het bekend dat niet-gecomposteerde materialen (bijvoorbeeld met hoge lignine-gehalten) kunnen bijdragen aan een verhoogde bodemweerbaarheid.


Publicaties