global one health manure

Project

Global One Health-risico's van toepassing van dierlijke mest

Mest wordt breed ingezet als natuurlijke bemesting en vormt daarmee wereldwijd een belangrijke grondstof voor de landbouw. De toepassing van mest brengt echter ook mogelijke risico's voor de gezondheid van mens en dier en het ecosysteem met zich mee. Om te bepalen wat deze risico's zijn en om interventiemaatregelen te kunnen ontwikkelen is meer kennis nodig van het traject, de verspreiding en de effecten van antimicrobieel resistente bacteriën, resistentiegenen, diergeneesmiddelen (waaronder antibiotica) en ziekteverwekkers in alle relevante reservoirs binnen de productieketen en het milieu.

Vandaag de dag is wereldwijd een onacceptabel hoog aantal mensen ondervoed. Aangezien de wereldbevolking in de toekomst nog sterk zal toenemen, vormt de wereldwijde voedselzekerheid een steeds nijpender probleem. Om de gehele wereldbevolking van voedsel te kunnen voorzien zal de landbouwproductie sterk moeten toenemen. Dit kan onder andere door een hogere voedselproductie op bestaande landbouwgronden te realiseren. Bemesting is van cruciaal belang om deze voedselproductie te verhogen, en dierlijke mest vormt daarmee een steeds belangrijkere voedingsbron. Vanwege de uitgebreide verspreidingsroutes en verschillende reservoirs brengt het gebruik van dierlijke mest voor bemesting diverse risico's met zich mee. Deze risico's houden voornamelijk verband met ‘contaminanten’ die in mest aanwezig kunnen zijn:

Er bestaat een duidelijke wisselwerking tussen deze ‘contaminanten’. Zo kan antibiotica die wordt gebruikt om vee gezond te houden elders ongewenste effecten hebben, zoals bij de menselijke bevolking (bijv. AMR) en door hun giftige effecten in ecosystemen. Ook de overdraging van resistentiegenen kan de evolutie van ziekteverwekkers beïnvloeden.

Doelstellingen

Er zijn veel verschillende reservoirs die contaminanten kunnen bevatten, zoals dieren, mest, bodem, water en landbouwgewassen. Al deze reservoirs, de overdracht van het ene in het andere reservoir en de wisselwerking tussen de eerder genoemde contaminanten zijn van belang om meer begrip te krijgen van de processen en mogelijke gezondheidseffecten. Aangezien dit een veelomvattende taak is, wordt er een multidisciplinair en meerjarig project voorgesteld. In het eerste jaar ligt de focus op technische aspecten, zoals mechanismen van genenoverdracht (voornamelijk in de rhizosfeer), het langdurige effect van antibioticarestanten en resistentiedeterminanten op het microbioom en resistoom in uitwerpselen en de bioactiviteit van restanten van antibiotica in mest en bodem. In de jaren daarna zal het project zich richten op andere aspecten, zoals de analyse van het microbioom, resistoom en mobiloom in de rhizosfeer en mest, de mestverwerking, overige overbrengingsroutes en de effecten op het ecosysteem en de volksgezondheid.