Project

Groene-Veredeling- Onderzoek naar mogelijkheden voor het ontwikkelen van tripsresistentie in prei

Trips is een jaarlijks terugkerend probleem in de biologische en gangbare preiteelt. Veredeling op resistentie tegen trips is dan ook al jaren het belangrijkste doel in de preiveredeling. De schade is zichtbaar in de vorm van zilvergrijze vlekjes op de bladeren. Om te voorkomen dat de kwaliteit van de prei omlaag gaat als gevolg van tripsaantasting zullen gangbare tuinders het gewas meerdere keren gedurende het seizoen bespuiten, wat ongewenst is voor mens en milieu. Biologische tuinders hebben geen mogelijkheid om in te grijpen en kunnen hun product bij ernstige aantasting alleen tweede klas afzetten.

Binnen het onderzoeksprogramma Groene Veredeling loopt op dit moment een  onderzoeks-project gericht op veredeling van prei met resistentie tegen trips. Dit succesvol verlopen project heeft al geleid tot nieuwe kennis en innovaties:

Er is een in-vitro assay ontwikkeld waarmee resistentie tegen trips op een betrouwbare wijze (kwantitatief) is vast te stellen. Er zijn wilde Allium-soorten gevonden met volledige resistentie of zeer hoge niveaus van resistentie tegen trips. Over de genetica van deze resistenties is echter nog niets bekend. Dit is belangrijke informatie waarmee de veredelaars kunnen bepalen hoe nuttig deze resistenties zijn voor de veredeling. Verder moeten we de resistentie kunnen overbrengen naar prei. Daar zijn we tot nu toe nog niet in geslaagd, omdat de soorten waarin de resistentie zit genetisch gezien vrij ver van de prei af staan. Wel hebben we een protocol voor embryo-rescue zo kunnen aanpassen dat er kruisingen zijn verkregen tussen mogelijke resistentiebronnen en een onverwante diploide Allium-soort en ook zijn er moleculaire merkers ontwikkeld om interspecifieke hybriden te identificeren. Hiermee is een stevige basis gelegd, maar blijven er nog veel vragen over voordat de veredelaars kunnen beginnen met het inbrengen van tripsresistentie in prei. 

Samenvattend gaat het daarbij om de volgende vragen:

1) Hoe slagen we erin om de resistentie in te kruisen in prei? Hierbij denken we vooral aan het maken van brugkruisingen. De vraag is welke Allium-soort(en) kunnen bijdragen aan de ontsluiting van deze voor prei belangrijke resistentie.

2) Hoe erft de resistentie over en hoeveel genen zijn er bij de resistentie betrokken ?

3) Wat is de achtergrond van de resistentie? Waarom komen er bij een resistentiebron geen larven uit de eieren en kunnen in een andere bron de larven zich niet verder ontwikkelen? Welke stoffen spelen daarbij een rol? Kennis hierover kan mogelijk gebruikt worden om ook in andere gewassen gericht naar resistenties te zoeken. 

Het uiteindelijke doel van het project is de kennis te leveren die het de veredelaars mogelijk maakt preirassen te maken die resistent zijn tegen trips. Hiermee wordt het aantal preirassen dat voor de biologische landbouw geschikt is groter en kan het aantal bespuitingen tegen trips in de gangbare landbouw omlaag.

Deliverables

Jr 1 & 2       

Vatbare planten in soorten met hoge mate van resistentie en resistente planten voor het maken van intraspecifieke kruisingen

Een of meer soorten die potentieel als een brug kunnen dienen tussen prei en wilde soorten

Publicaties