KD-2017-002 Overgangstermijn ophoging maaswijdte visnetten

Project

KD-2017-002 Overgangstermijn ophoging maaswijdte visnetten

Er is een terugloop aan schubvisbestanden in het IJsselmeer. Een goed visserijbeheer kan er voor zorgen dat de bestanden niet verder teruglopen door te hoge visserijdruk.  Er zijn twee maatregelen waar aan wordt gedacht: (a) een verhoging van de toegestane maaswijdtes in staand wantnetten, en (b) een regulering van een maximum nethoogte. Wat de maaswijdte betreft: de huidige maximale maaswijdte is 101 mm en gedacht wordt aan een verhoging tot 120 mm. Door deze verhoging wordt minder ondermaatse vis bij gevangen (die niet levend teruggezet kan worden), en kunnen kleinere soorten beter doorgroeien. Vermoedelijk wordt bij deze nieuwe maaswijdte in het geheel geen baars meer bijgevangen. De commerciële vangsten waarmee de grootste besomming wordt behaald zijn snoekbaars, gevolgd door baars, blankvoorn, brasem en bot. T.a.v. de regulering van de maximum nethoogte geldt dat op dit moment nog geen maximale nethoogte gedefinieerd is; in de praktijk zal deze varieren tussen 1 en 2 meter maar dit is niet geheel bekend. Door ook hieraan eisen te stellen t.a.v. een maximale afstand tussen boven- en onderpees kan ook de visserijdruk per net gereguleerd worden.  

Om de visstand in het IJssel- en Markermeer te verbeteren wordt gedacht aan een verhoging van de maaswijdtes en hoogtes van staand want netten. Dit heeft een andere vangstsamenstelling tot gevolg, en daarnaast zullen bestaande netten vervangen moeten worden. Inzicht in de economische gevolgen voor vissers en volgende schakels in de keten is van groot belang.

Publicaties