vrije uitloopkippen

Project

Onderzoek risicofactoren voor LPAI virus introducties op bedrijven met vrije uitloop

Aviaire Influenza (AI) is een belangrijke aangifteplichtige dierziekte bij pluimvee en vogels en kan tevens een zoönose zijn. Jaarlijks worden meerdere introducties van met name laag pathogene AI (LPAI) in Nederland ontdekt, voornamelijk op bedrijven welke een ‘vrije uitloop’ hebben.

LPAI infecties waarbij circulerend virus wordt aangetroffen zijn meldings- en bestrijdingsplichtig, hetgeen zowel directe schade alsmede vaak exportbelemmeringen voor de sector veroorzaakt.
Wilde vogels zijn het belangrijkste reservoir in de natuur van waaruit nieuwe infecties van vogelgriep (Aviaire Influenza) in bedrijfsmatig gehouden pluimvee geïntroduceerd worden.

Doelstelling

Op basis van een analyse van laboratoriumuitslagen van AI over de periode 2005 – 2012 is geconstateerd dat met name veel introducties  voorkomen op leghennenbedrijven met vrije uitloop (de odds ratio hiervan is 11, d.w.z. dat bedrijven met vrije uitloop gemiddeld een 11x grotere kans op introductie  hebben dan legbedrijven zonder vrije uitloop).

Vanuit de sector wordt sterk aangedrongen op het gedurende de hoog risicoperiode (voorjaar) verplicht ophokken van legpluimvee.  Echter om het label vrije uitloop te mogen blijven hanteren mogen dieren gedurende maximaal 3 maanden opgehokt worden. Helaas is er geen eenduidige risicoperiode van 3 maanden te definiëren, waardoor ophok tijdens de risicoperiode tot op heden niet verplicht gesteld wordt c.q. acceptabel is.

In dit onderzoek wordt getracht bedrijfs- en of omgevingsfactoren te identificeren welke het risico op introductie vergroten / verkleinen om op basis daarvan maatregelen ter vermindering van introductie te kunnen adviseren voor het ‘beleid”.

Plan van aanpak

In een case control studie worden minimaal 40  bedrijven met vrije uitloop, waarbij de afgelopen jaren een infectie met LPAI is geïntroduceerd vergeleken met een dubbel  aantal controle bedrijven (met vrije uitloop, doch zonder introducties).
Allereerst wordt op basis van literatuur en gesprekken met deskundigen  mogelijke risicofactoren geïdentificeerd. Op basis daarvan wordt een standaard vragen lijst opgesteld, welke als leidraad voor de bedrijfsbezoeken zal gelden.

Uitkomsten worden statistisch verwerkt en per mogelijke risicofactor een odds ratio berekend.