Onderzoekssamenwerking visserij 2.0 (OSW 2.0)

Project

Onderzoekssamenwerking visserij 2.0 (OSW 2.0)

Het project Onderzoekssamenwerking 2.0 is een partnerschap tussen onderzoek, visserijsector en maatschappelijke organisaties. We gaan samen aan de slag met de kennisvragen voor het huidige en toekomstige beheer van de visserij en de communicatie daarover.

Foto rechts: Hugo Schuitemaker

Samenwerking tussen onderzoekers en vissers

Nederland is internationaal een koploper in de samenwerking tussen onderzoek en de visserijsector. De samenwerking begon in 2002, toen er een groot verschil in mening was over de bestandsschattingen van de twee belangrijke commerciële soorten schol en tong in de Noordzee. De bestandsschattingen van het onderzoek vormen de basis voor de besluiten over de vangsthoeveelheden door de Europese visserijministers. We begonnen een gezamenlijk project (het F-project) waarin gewerkt werd aan 1) de verbetering van de bestandsschattingen door de wetenschap; 2) gedetailleerde vangst- en inspanningsgegevens als maat voor ontwikkelingen in de schol- en tongbestanden; en 3) verbetering van de communicatie tussen visserij, overheid en onderzoek.

De extra gegevens die vissers verzamelden in het tweede onderdeel en de resultaten van de analyses die met de gegevens werden gedaan, werden samen besproken. Ook was er veel aandacht voor uitleg aan de visserijsector over hoe een bestandsschatting wordt gedaan, hoe het proces van onderzoek tot vangstquota werkt en wat de verschillende rollen van de visserijsector, onderzoek en de overheid in het beheer van de visserij zijn. Het project leidde tot wederzijds vertrouwen en tot nog meer samenwerking tussen de onderzoekers van Wageningen Marine Research en de visserijsector.

De vissers staan op dit moment voor een aantal grote uitdagingen. Zo is er in Europa een aanlandplicht ingevoerd. Ook is er een nieuw meerjarenbeheerplan voor de gemengde Noordzee visserij vastgesteld. Beide maatregelen kunnen tot gevolg hebben dat de visserij voortijdig moet worden gestopt als het quotum voor de ene soort in de vangst is uitgeput terwijl er wel nog volop quota voor andere soorten beschikbaar zijn. Dit noemen we het probleem van de verstikkingssoorten ('choke species').

Ook het natuurbeleid en de geplande uitrol van windenergie op zee zorgen voor spanningen. Dit betekent dat ook de relatie en samenwerking met het onderzoek onder druk kan komen te staan. Tegelijkertijd zien we dat de ‘bewijslast’ voor duurzaam beheer steeds vaker bij de visserij wordt gelegd. Daarmee neemt de behoefte aan onderzoek dat door de vissers als betrouwbaar wordt gezien juist toe. Een aantal visserijorganisaties heeft nu ook zelf wetenschappers in dienst genomen. Vanuit deze achtergrond zetten we in op Onderzoekssamenwerking 2.0.

Wat zijn de kernvragen van het project?

  1. Welke uitdagingen komen op ons af in het visserijbeheer, welke kennisvragen horen daarbij en hoe kunnen we die samen aanpakken?
  2. Hoe kunnen we de kennisbasis van soorten waarvoor we weinig gegevens hebben, maar die wél belangrijk zijn voor het beheer van de visserij verbeteren?

De eerste vraag pakken we aan in het zogenaamde OSW-platform. De tweede vraag vertaalt zich in twee concrete werkpakketten rond tarbot en griet en rond Noorse kreeftjes.

OSW-platform

In het OSW-platform organiseren we een structurele dialoog tussen de vierhoek visserij-onderzoek-maatschappelijke organisaties en overheid over kennis voor duurzaam visserijbeheer, de gezamenlijke aanpak daarvan en de gezamenlijke communicatie. Ook bespreken we de voortgang van lopende onderzoekssamenwerkingsprojecten rond het beheer van de visbestanden.

Verbeteren van de kennis over tarbot en griet

Tarbot en griet zijn belangrijke bestanden voor de kottervloot. De informatie over deze bestanden die door de internationale wetenschappers van ICES wordt gebruikt voor de bestandsschattingen is echter beperkt. Een gerichte jaarlijkse monitoring (survey) zou volgens ICES een belangrijke bijdrage leveren aan het verbeteren van de kennis. In dit project starten we met een zogenaamde bedrijfssurvey. Aan boord van vissersschepen wordt op een gestandaardiseerde manier jaarlijkse verschillen in de vangsten van tarbot en griet in kaart gebracht.

Verbeteren van de kennis over Noorse kreeftjes

Noorse kreeftjes, of langoustines, zijn voor een deel van de kottervissers een belangrijke bron van inkomsten. Noorse kreeftjes komen voor in specifieke leefgebieden. Er is echter weinig informatie over de bestanden in de gebieden waar Nederlandse vissers vooral komen. Met een kleine groep vissers gaan we aan de slag om gedetailleerde informatie over hun vangsten te verzamelen en hiermee de bestandsschatting te verbeteren.