Kaasboer

Project

Opschalen van innovaties in de agrofoodsector

Opschalen van een innovatie lijkt een automatisme of een eenvoudig te starten en te beheren proces. In het tweejarige strategisch onderzoeksproject ‘Innovation systems and scaling in practice’ wordt onderzocht hoe ‘new practices’ zich verspreiden en vermenigvuldigen. In dit project zijn diverse praktijkstudies bestudeerd die zich richten op transitieprocessen naar een duurzame voedselproductie in Europa en Afrika. Beleidsmakers en bedrijven krijgen hierdoor een ‘dashboard’ om de opschaling van een innovatie te besturen.

Of een innovatie breed wordt overgenomen hangt samen met gecompliceerde interacties tussen de aard van de innovatie en de context waarin de innovatie wordt toegepast. Een ‘one size fits all’ benadering van het opschalingproces is vaak onvoldoende. Het is dus nodig uit te zoeken wanneer, waar en waarom innovaties niet aanslaan en andere juist wel tot systeemveranderingen kunnen leiden.

Wat is een innovatie?

Innovatie is het proces van het veranderen van iets bestaands naar iets nieuws. Dat ‘nieuwe’ definieert men als innovatie. Anders dan bij een uitvinding gaat het bij een innovatie vooral om het gebruik van een nieuw idee of een methode. De pratijkstudies signaleren ‘new practices’ op verschillende terreinen; technische innovaties voor duurzaam bodemmanagement in West Afrika, geïntegreerde ziekte- en plaagbestrijding in Europa, en betrouwbare productkwaliteit in Oost Afrika. Deze technische innovaties werden gekoppeld aan een service, organisatievormen om consumenten en producenten met elkaar in contact te brengen. Hierdoor ontstaan sociaal-technische innovaties. Het sociale aspect is zeker van belang bij het opschalen van technische innovaties. Alleen de techniek optimaliseren is niet voldoende. Opschalen van een innovatie is verbonden met menselijk gedrag en institutionele mogelijkheden.

Wat is opschalen?

Opschalen wordt verschillend gebruikt. Het duidt op intensivering en versnelling van bestaande inspanningen, toename van wat als ‘good practices’ wordt gezien of technische mogelijkheden in lijn brengen met politieke, institutionele- of organisatieprocessen. Het type proces is dus belangrijk bij het gebruik van het woord opschalen. Alternatieve termen zijn intensivering, verspreiding, mainstream en institutionalisering.

Verticaal en horizontaal opschalen

In dit project wordt onderscheid gemaakt tussen verticale opschaling en horizontale opschaling. Bij verticale opschaling zorgt de innovatie voor grotere volumes aan producten of mensen zonder veranderingen in het proces en de structuren die ten grondslag liggen aan de innovatie of zonder veranderingen aan de aard van de innovatie. Bij horizontale opschaling doe je hetzelfde op eenzelfde schaal in een andere context.

De vorm van opschalen wordt relevant als een interventie zijn ‘natuurlijke’ limiet bereikt, bijvoorbeeld bij het aantal boeren dat kan meedoen aan een veldschool.

De praktijkstudies laten zien hoe bij specifieke innovaties grote groepen mensen betrokken kunnen zijn, hoe innovaties over grotere gebieden kunnen verspreiden en hoe ze zich in verschillende omstandigheden kunnen vermeerderen. De studies leggen het mechanisme bloot dat aan de innovatie ten grondslag ligt. Dit kan meer inzicht geven in de het strategisch managen van het opschalingproces.

Opschalen is een samenspel tussen innovatie en context. De mogelijkheden om op te schalen hangen niet alleen af van de innovatie of het innovatieproces. Of een innovatie veel mensen kan bereiken, in grote gebieden toepasbaar is of grote volumes kan genereren hangt ook af van de context waarin de innovatie terechtkomt.

Dashboard

In dit project wordt opschalen niet als een automatisch proces beschouwd, maar wordt er gekeken hoe je opschalen kunt monitoren en hoe het proces van opschalen zich ontwikkelt. Door analyse van praktijksituaties en de overeenkomsten daartussen, willen de onderzoekers een ‘dashboard’ ontwikkelen om het opschalingproces strategisch te sturen. Als je de omstandigheden van opschaling begrijpt, zijn deze ook te beïnvloeden en kun je daar een strategie voor ontwikkelen. Gebruikers en beleidsmensen kunnen zo niet alleen de technische en organisatorische kant van een innovatie herkennen, maar ook de opschaling managen.

De kennis uit het onderzoek wordt getest in praktijkstudies naar innovatieprocessen in Kenia, zuivelcoöperaties in Ethiopië, een bodemvruchtbaarheidproject in Benin en in toepassing van geïntegreerde gewasbescherming in Denemarken.

Dit tweejarige project wordt gefinancierd door het Ministerie van EZ en is een samenwerking van de twee kennisbasisprogramma’s van Wageningen UR Transitie & Innovatie en Mondiale Voedselzekerheid en wordt uitgevoerd door LEI, PPO en CDI.

Resultaten

In 2012 zijn twee interne projectdocumenten gemaakt en is een wetenschappelijk artikel verschenen.

Publicaties