jersey koeien

Project

Risicogebaseerd toevoegingsonderzoek

Het voorkomen van insleep van besmettelijke dierziekten door import van dieren is gebaseerd op gezondheidscertificaten afgegeven door het exporterende land. Hierop wordt slechts steekproefsgewijs controle uitgevoerd. Afwezigheid van klinische verschijnselen bij de klinische inspectie geeft nog geen volledige zekerheid dat het dier niet geïnfecteerd is.

De kans op detectie van een infectieziekte hangt af van de incubatietijd van de ziekte, de met de ziekte gepaard gaande kliniek, en de kwaliteit van de inspectie. Een latent of subklinisch geïnfecteerd en geïmporteerd dier kan echter wel leiden tot uitbraken in Nederland. Door het uitkleden van de 21-dagen regeling is de kans op verspreiding van infectie gedurende de hoog-risico periode toegenomen. Gegeven de potentieel grote gevolgen van insleep van besmettelijke dierziekten, zou het wenselijk zijn om het toevoegingsonderzoek, dat nu alleen steekproefsgewijs uitgevoerd wordt gerichter uit te voeren, om met name de hoog-risico importstromen beter te monitoren. Risicogebaseerd toevoegingsonderzoek zal zich vooral moeten richten op dierziekten waar Nederland vrij van is, en die de potentie hebben zich snel te verspreiden of waarvoor eradicatie moeilijk is, resulterend in potentieel grote economische gevolgen (bestrijdingskosten, handelsbelemmering). Alvorens risicogebaseerd toevoegings-onderzoek in te kunnen zetten, is het van belang om de (kosten)effectiviteit hiervan te bepalen.

Doelstelling                                                                                                                                

Ontwikkelen van een beslissingsondersteunend model waarin de belangrijkste parameters die de kosteneffectiviteit van het toevoegingsonderzoek bepalen, zullen worden opgenomen. Nagaan of risicogebaseerd toevoegingsonderzoek zinvol is in aanvulling op de steekproefsgewijze controle van geïmporteerde dieren, ter voorkoming van uitbraken van exotische dierziekten.

Plan van aanpak

Er wordt een beslissingsondersteunend model ontwikkeld waarin de belangrijkste parameters die de (kosten)effectiviteit van toevoegingsonderzoek bepalen, opgenomen zullen worden. Het model houdt onder andere rekening met het aantal geïmporteerde dieren uit een land, de prevalentie van de ziekte in een bepaald land, de gevoeligheid van de te gebruiken test, en de gevolgen voor Nederland van een (te) late detectie. Dit model zal worden ontwikkeld in Excel met gebruik van software zoals @Risk. Importgegevens van runderen vanuit alle EU-27 lidstaten naar Nederland werden verzameld vanuit Europese databanken, uitgesplitst per land en ingedeeld naar “categorie”  (fok, levend, slacht). Als casestudie wordt de import van runderen uit Groot-Brittannië en Ierland bekeken in verband met risico van bovine Tuberculose (bTB). Na de start en afronding m.b.t. bTB kan het project worden voortgezet met het ontwikkelen van een generiek model. Het generieke model zal aangeven welke de kritische parameters zijn met betrekking tot het risico op insleep van dierziekten door import. Dit zijn met name parameters die te maken hebben met detectie, zoals incubatietijd, ziekteverschijnselen, maar ook snelheid van spreiding etc. Ook parameters zoals aantallen dieren en ziekte prevalenties in de herkomstlanden worden meegenomen. Het generieke model kan gebruikt worden om in te schatten of risicogebaseerd toevoegingsonderzoek lonend is. Het model kan gevalideerd worden met een andere diersoort en een andere aandoening uit de lijst die is opgesteld in overleg met de stakeholders. Dit kan eventueel retrospectief op basis van bekende uitbraken.