Project

Small holder fish production Nigeria

Dit project onderzocht de geschiktheid van natuurlijke wateren voor kooi-kwek van tilapia, de haalbaarheid van lokale productie van diervoeders en indentificeerde duurzame bedrijfsmodellen om kleinschalige viskwekers te linken aan lokale markten.

Uit de kostprijs-analyse kwam naar voren dat meer dan 70 procent van de productiekosten in drie commerciƫle tilapia bestaat uit diervoeder. De kwaliteit van jonge vissen was ook variabel en bepaalde de productiviteit die voornamelijk afhankelijk was van de productie en het management. Momenteel is de kooienteelt van tilapia in lagunes niet rendabel. een betere selectie van de locatie en aangepaste tilapia stammen zijn nodig voor de brakwater-visteelt. Het break-even point voor een kwekerij in een zoeter-dam zal worden bereikt na 10 tot 13 jaar, met een IRR (internal rate of return) van 6,8 procent. Op voorwaarde dat de vergunningen om in natuurlijke wateren te kweken wordt gegeven door de overheid, kan kooiteelt in dammen en reservoirs winstgevend zijn. Veel dammen hebben een geschikte waterkwaliteit en worden beheerd door de gemeenschap, waardoor het risico op diefstal verminderd en wordt het mogelijk om kleine kwekers te organiseren in coƶperaties.

Om op een duurzame wijze vis e kweken tegen betaalbare prijsen en de kooikweek-industrie rendabel te maken, wordt het sterk aangeraden om de lokale productie van tilapiavoer te bevorderen en deze aan te bieden tegen prijzen die onder de invoerprijzen liggen. Onderzoek is nodig om de keuze van de locatie te ondersteunen en voor het ontwikkelen van aanpaste stammen voor kooikweek, voornamelijk in lagunes. Ook is onderzoek nodig om de draagkracht van natuurlijke wateren te bepalen voor een maximum aantal kooien met betrekking tot de eigenschappen van het water en het voer.


Publicaties