Project

Synthese kennis en ervaringen met natuurinclusieve economie

Natuur wordt vaak (ten onrechte) gezien als een onderwerp voor recreanten, ecologen en natuurorganisaties, in stand gehouden door beschermende wet- en regelgeving. Veel is bereikt in de bescherming van natuurgebieden en –soorten maar velen blijven de discussies over de EHS en Natura2000 gebieden en beperkingen voor nieuwe economische activiteiten bij. De bijdrage van het bedrijfsleven aan natuur is lange tijd beperkt geweest tot sponsoring van natuurorganisaties.

Om een nieuwe stap te kunnen zetten in het natuurbeleid is een andere aanpak gewenst. De laatste jaren wordt steeds duidelijker hoe groot het belang van natuur is. Studies als TEEB, met een nadruk op het economisch van ecosysteemdiensten voor bedrijven, handelsketens en de stad, en de Taskforce Biodiversiteit laten zien dat natuurlijk kapitaal essentieel is voor de maatschappij en voor de economie (denk alleen al aan producerende en regulerende ecosysteemdiensten; van recreatie tot schone lucht en natuurlijke hulpbronnen). Deze ontwikkeling betekent dat natuur niet langer “buiten”  de economie staat maar dat het een onderdeel van de economie wordt; dat economische activiteiten goed kunnen zijn voor natuur en vice versa. Dit wordt gevat onder het concept natuurinclusieve economie.

In dit veranderende paradigma is ook aandacht voor nieuwe actoren en coalities tussen partijen. Natuurbescherming is niet langer het domein van wetgevers en terrein beherende organisaties (TBO). Dede rol van het rijk verandert, zij werkt samen met coalitiepartners in het bereiken van de maatschappelijke doelen. Zij treedt hierin op als coach, en investeert in de informatie- en kennisbasis die past bij dit beleidsdoel (Kennisagenda Natuur en Regio, 2013).

Probleemstelling

Dit project analyseert samen met beleidsmedewerkers in welke fase de kennisontwikkeling van de doelen van Natuurlijk! Ondernemen zich bevindt en verzamelt de best practice van relevante kennis op dit terrein. Daarbij richten wij ons expliciet op het bedrijfsleven en zoeken naar de factoren (of die nou gelegen zijn in kennis, instrumentontwikkeling, pilot, praktijkvoorbeelden of verankering) die bepalen of de ontwikkelde kennis vertaald is naar praktische toepassingen en in de praktijk gebruikt wordt. Het project richt zich nadrukkelijk niet op macro-economische analyse maar heeft een focus op de praktijk van bedrijven en andere actoren; welke kennis is bij hen aanwezig om invulling te geven aan deze concepten?

De vraagstelling van het onderzoek luidt als volgt: welke kennis over natuurinclusieve economie en natuurcombinaties op bedrijfsniveau is aanwezig bij bedrijven en het Ministerie van EZ en welke lacunes moeten gevuld worden om verdere stappen te zetten in kennisontwikkeling en -toepassing?

Doelstelling

Met dit onderzoek beogen wij de volgende resultaten te bereiken:

  •  een overzicht van de stand van zaken in kennis, praktijkvoorbeelden, tools en instrumenten beschikbaar bij bedrijven en Ministerie, voor elk van de 5 thema’s uit de Kamerbrief (“hoe ver zijn zij in kennisontwikkeling?”);
  • een overzicht van lacunes (in kennis, praktijkvoorbeelden, tools) die kennisontwikkeling in de weg staan
  • formulering van kennisvragen voor 2015 en verder,
  • een overzicht van andere informatie, relevant voor beleidsontwikkeling, die voortkomen uit dit project.

Publicaties