Project

Transparantie en mededingingsbeleid - Producentenorganisaties

Agrofood en tuinbouw behoren op grond van hun internationaal sterke positie (export) zonder twijfel thuis in het rijtje topsectoren. Deze sectoren staan voor de uitdaging deze positie in Europa vast te houden en zich internationaal op nieuwe markten te vestigen en te verstevigen. Een hoge kennisintensiteit, innovatief klimaat en concrete stappen naar verduurzaming zijn daarvoor de ‘stepping stones’. Die ambitie geldt voor alle schakels en op alle niveaus in de agroketens. Dit vraagt ruimte om te kunnen experimenteren en investeren.

Bijna in contrast hiermee staan de inkomens van primaire producenten in veel sectoren onder druk. Sanering en vernieuwing kunnen natuurlijk hand in hand gaan, maar de middelen om te investeren in innovaties moeten wel aanwezig zijn en blijven. De structuur en de werking van de afzetmarkten voor primaire producenten in de dierlijke, plantaardige en visserijsectoren vormen dan ook blijvend onderwerp van aandacht, debat en vragen aan het beleid om interventie vanuit brancheorganisaties, politiek en samenleving.

De kaders vanuit mededinging (VWEU (Verdrag Werking Europese Unie) en Mw (Mededingingswet)) voor de goede werking van markten krijgen in dit verband aandacht omdat ze paal en perk stellen aan onderlinge afspraken, uitwisseling van marktinformatie, en samenwerking, vooral horizontaal. Het consumentenbelang is daarbij vertrekpunt. Vragen komen op over de mate waarin duurzaamheidsdoelen daarin een plaats kunnen krijgen en voldoende gewicht.

Het High Level Forum voor de voedselketen ingesteld door de Europese Commissie komt in het najaar van 2012 met zijn eindrapportage en aanbevelingen. Thema’s zijn merken en ‘labels’, relaties tussen schakels in de keten, oneerlijke commerciële praktijken en een gedragscode op EU of nationaal niveau voor inkoop. Voorts is er aandacht voor transparantie en innovatie en concurrentiekracht en de verdeling van de totale marge over de schakels in de keten als resultaat. Daaruit zullen naar verwachting kennisvragen voortkomen met het oog op concurrentiekracht, interne markt en mededinging.

Eveneens op EU-niveau bieden GLB (Gemeenschappelijk Landbouw Beleid) en GVB (Gemeenschappelijk Visserij Beleid) kaders voor afstemming en samenwerking tussen producenten. GLB en GVB bieden faciliteiten om horizontale en verticale ketenorganisaties te stimuleren en ondersteunen. De Nederlandse inzet in de voorbereiding en besluitvorming daarover roept vragen op. Ook de implementatie in Nederland vraagt om verkenningen en ex ante evaluatie van beleid. Gezien de start- en doorlooptijd van dit project (oktober 2012 –december 2013) zullen de uitkomsten weinig kunnen bijdragen aan de beleidsvoorbereiding en besluitvorming. De uitkomsten zullen zeker nuttig zijn voor de implementatiefase.

Publicaties