bacteria

Project

VTEC/STEC

Infecties veroorzaakt door Shigatoxineproducerende E. coli-stammen (STEC) zijn een bedreiging voor de volksgezondheid. De virulentie van STEC wordt niet zozeer bepaald door het O-type (klassieke serotypering) maar door de aanwezigheid van bepaalde virulentiefactoren en andere genetische eigenschappen.

Doelstelling

Naast de klassieke O157 STECs lijken de non-O157 STECs een significante bijdrage te leveren aan de totale STEC-ziektelast. Er is nog geen systeem waarmee bronnen en transmissieroutes van hoog- en laag-risico (non-O157) STECs kunnen worden geïdentificeerd.

De doelstelling van dit project is het identificeren van de bron(nen) en transmissieroutes van de ‘hoog-risico’ (meest virulente) STEC isolaten (inclusief non-O157 STECs) door middel van een moleculaire screening naar virulentiegenen en andere genetische markers die geassocieerd zijn met humane klinische isolaten.

Aanpak en tijdspad

Activiteiten zijn:

(Potentiële) pathogeniciteit van STEC-isolaten van mens en dier bepalen met zowel moleculaire technieken als fysiologische testen.

Resultaten koppelen aan de herkomst en ziekteverschijnselen.
Dit moet uiteindelijk een systeem opleveren waarmee hoog- en laag-risico (non-O157) STEC’s kunnen worden geïdentificeerd.

Het project wordt uitgevoerd in samenwerking met het RIVM en de nieuwe Voedsel en Waren Autoriteit.

Resultaten

Dit project resulteert in de identificatie van de bron(nen) en transmissieroutes van STECs en moet uiteindelijk een systeem opleveren waarmee bronnen en transmissie van hoog- en laag-risico STECs in kaart kunnen worden gebracht.