Project

Vertaling FRVs naar landelijke doelen

Eind 2012/begin 2013 komen voor Habitatrichtlijnsoorten en habitattypen FRVs beschikbaar: Favourable Reference Values voor verspreidingsgebied (FRR), oppervlakte (FRA: alleen habitattypen) en populatie (FRP: alleen soorten). Deze FRVs zijn onderdeel van HR-rapportage die in o.a. 2013 plaatsvindt. De FRVs geven referentiewaarden voor een gunstige staat van instandhouding. Het gaat hierbij om oppervlakten en groottes die nodig zijn voor het voortbestaan van een habitattype/soort op de lange termijn.

Voor soorten en habitattypen die nu voor één of beide aspecten (verspreidingsgebied, oppervlakte/populatie) niet voldoen aan de FRV is het de vraag of een FRV in Nederland kan worden gerealiseerd, zo nee welk landelijk doel dan wel moet worden nagestreefd. Dit vereist een strategische beslissing van EZ die buiten dit onderzoek valt maar waarvan de uitkomst moet worden doorvertaald naar gebieden. Ook in het geval dat EZ inschat dat op termijn wel kan worden voldaan aan de FRVs is het de vraag waar dit met de meeste kans op succes kan plaatsvinden.

Doelstelling

Uitgaande van de door EZ uit FRVs afgeleide landelijke doelen voor habitattypen en HR-soorten die (nog) niet voldoen aan één of beide FRVs:

  • doorvertalen van landelijke doelen naar (kernopgaven voor) gebieden(meer of beter) kwantificeren van gebiedsdoelen mede op basis van habitatkaarten en verspreidingsgegevens gebruikt voor de HR-rapportage 2013
  • opstellen van aanzet tot toetsingskader voor de evaluatie van landelijke doelen in het licht van de decentralisatie van het natuurbeleid

Werkwijze

Het project is uitgevoerd vanuit de in het werkplan geformuleerde hoofddoelstelling van nauwe afstemming met de WOT-projecten in 2013 rond de HR-rapportage waaronder de afronding van het opstellen van FRVs voor habitattypen en soorten. De in fase 0 beoogde afleiding van landelijke doelen door EZ heeft niet plaatsgevonden omdat de FRVs zelf nog in revisie waren. Het project heeft zich daarom geconcentreerd op aanscherping van de methodische onderbouwing van FRVs en op de aanlevering van historische en actuele oppervlaktegegevens voor de onderbouwing van trends in area van habitattypen. Voor soorten heeft een review plaatsgevonden van FRVs wat aanleiding is geweest voor een scherpere methodische onderbouwing. De doorwerking hiervan heeft plaatsgevonden in het kader van WOT-projecten.

Resultaten

FRVs voor habitattypen zijn methodisch strak onderbouwd. Voor FRAs (Favourable Reference Areas) gaat het om de criteria trend, structuur & functie en typische soorten. Voor het criterium trend zijn voor heide- en stuifzandtypen, voor graslandtypen en voor overgangs- en trilvenen oppervlakteschattingen gemaakt van het historische areaal op grond van oude vegetatiegegevens en het bestand Historisch Grondgebruik Nederland. Alle aanpassingen zijn doorgevoerd in de Nederlandse HR-rapportage die eind 2013 naar de Europese Commissie is gestuurd.

Publicaties