Nieuws

Betekenis klimaatakkoord van Durban

Gepubliceerd op
24 april 2012

Op de klimaattop in Durban is een akkoord bereikt - een roadmap- ondanks een gepolariseerd debat dat jarenlang enige vorm van vooruitgang in het internationaal klimaatbeleid blokkeerde. Een succes of niet? Twee bestuurskundige onderzoekers van Wageningen UR verwoorden de betekenis van dit akkoord.

Image.jpg

Vanuit een optimistische visie is dit akkoord een doorbraak te noemen.  De gedachte dat universele waarden en betekenissen ten grondslag moeten liggen aan een internationaal klimaatakkoord is een valkuil. Tijdens klimaattoppen is een kakafonie aan waarden en betekenissen te beluisteren, die in een aantal gevallen zelfs lijnrecht tegenover elkaar staan. Consensus creëren is dan een echte uitdaging.

Nationale framing van internationale klimaatbeleid

Internationaal klimaatbeleid heeft in een aantal landen een verschillende betekenis, namelijk als milieubeleid (Nederland, België), energiebeleid (EU), internationaal economisch beleid (VS/Saoedi Arabië), internationaal veiligheidsbeleid (Japan), of beleid om te overleven (Tuvalu). Deze verschillende invalshoeken bepalen wanneer een land groen licht geeft aan een akkoord. En dat verklaart ook de kloof tussen landen in de mate van (on)tevredenheid over bijvoorbeeld de maximaal toegestane temperatuurstijging of over 2020 als startdatum van een nieuw ‘mondiaal klimaatraamwerk’.

Universele principes, diverse invulling

Ook de leidende principes zoals gelijkheid en rechtvaardigheid worden verschillend ingevuld. Industrielanden als Canada, Japan en Rusland pleiten voor broeikasgasreductie voor groeiende economieën en ontwikkelingslanden om ongelijke verstoring van handelsposities te voorkomen en om toekenning van geld aan ontwikkelingslanden te verantwoorden. Deze ontwikkelingslanden vinden op hun beurt weer dat elk land in gelijke mate mag uitstoten en dat de industrielanden, die hun aandeel al opgemaakt hebben, hun verdere uitstoot maar moeten afkopen van landen die dat nog niet gedaan hebben. Gelijkheid is voor hen ook een recht op gelijke ontwikkelingskansen. Ontwikkelingslanden die vooral afhankelijk zijn van fossiele brandstoffen, kunnen volgens hen geen drastische beperkingen opgelegd krijgen.
Ook wordt er verschillend gedacht over het Green Climate Fund, bedoeld om ontwikkelingslanden te ondersteunen bij mitigatie en adaptatie. Dit fonds wordt betaald door de rijke landen ter aflossing van hun ‘historische schuld’. Saoedi Arabië doet nu echter ook een beroep op het fonds ter compensatie van de schade die klimaatbeleid hen zal berokkenen door teruglopende olie-exportinkomsten. De ‘schuld’ van de industrielanden, aldus Saoedi Arabië.

Miskenning culturele diversiteit resulteert in impasse

Verschil in culturele waarden maakt de organisatie van het Green Climate Fund geen sinecure. De culturele waarde ‘zelfbepaling’ leidt ertoe dat de Amerikanen weigeren om geldstromen te specificeren. Dat zou verplichtingen voor overheid en bedrijfsleven met zich meebrengen.

Vanuit dit perspectief kan je het akkoord een absolute doorbraak noemen. De neuzen van de grootmachten staan eindelijk min of meer in dezelfde richting en er zal gebouwd worden aan een gezamenlijke toekomst.
Echter, vanuit het perspectief van het klimaat en onze toekomstige generaties, kan je het akkoord ook een schijnoplossing noemen. Rechtvaardigheidsprincipes tussen werelddelen en landen leiden tot lage ambities en krijgen voorrang boven de effecten voor volgende generaties.

Consensus over inhoud is fata morgana

Pessimisme over het akkoord is onterecht vinden de auteurs van de publicatie, want mensen, bedrijven, steden en regio’s timmeren wel degelijk aan de weg timmeren, elk op hun eigen manier.
De klimaattoppen toonden aan dat topdown denken gebaseerd is op de veronderstelling van universele principes en waarden die in deze context niet bestaan. Cultuurverschillen zijn vooral  voor de onderhandelaars een probleem. De roadmap heeft de potentie om de diversiteit van culturele waarden en principes te erkennen en vooruitgang mogelijk te makenop basis van consent (agree to disagree) en met hulp van bottom-up initiatieven. Daartoe moet de Europese Unie leiderschap blijven tonen bij de uitwerking van de roadmap en voorkomen dat men blijft zoeken naar consensus over inhoud als ultieme uitkomst. Want dat is volgens de auteurs een fata morgana.

Het kennisbasisonderzoek Transitie & Innovatie (KB VI) richt zich op het ontwikkelen van kennis over de stuurbaarheid van transitie- en innovatieprocessen, nieuwe methodieken en strategieën voor innovatie en valorisatie, en condities voor duurzame handelspraktijken van ondernemers en burgers/consumenten.

  • Researchblog klimaattop