Communiqué: Symposium Animal Welfare Check Points – Onderweg naar beter welzijn

In het project “Animal Welfare Check Points” zijn in Nederland protocollen ontwikkeld gericht op het beoordelen van het welzijn van slachtdieren. Het afgelopen jaar zijn deze protocollen in de praktijk toegepast om de haalbaarheid te onderzoeken en een eerste indruk van de praktijk te krijgen.

Hiervoor is het welzijn van slachtdieren tijdens het selecteren en voorbereiden op het primaire bedrijf, tijdens transport en bij aankomst en verblijf op de slachterij bij vier diersoorten onderzocht. De onderzochte diersoorten waren: varkens, pluimvee, runderen en schapen/geiten. De verzamelde data uit de praktijkproef van het afgelopen jaar geven geen representatief beeld van de huidige situatie in Nederland. De ontwikkelde protocollen en de daarmee verzamelde data vormen de basis voor het gesprek over mogelijke verbeterpunten voor het welzijn van slachtdieren. Dit project wordt gefinancierd door het Ministerie van Economische Zaken en de projectleiding is in handen van dr.ir. Kathalijne Visser van Wageningen UR Livestock Research.

Het symposium “Animal Welfare Check Points – Onderweg naar beter welzijn” was georganiseerd om ervaringen uit het onderzoek te delen. Om met alle deelnemers aan dit onderzoek en vakmensen uit het bedrijfsleven ervaringen en kennis te delen. Om hun persoonlijke ervaringen met betrekking tot dit thema en om de opdrachtgever de visie vanuit de overheid te laten toelichten. De ruim 60 deelnemers aan het symposium kwamen uit:

  • het onderzoek (ca. 40%)
  • het bedrijfsleven (ca. 9% primaire bedrijven, ca. 4% transport, ca. 4% verzamelplaats en ca. 9% slachterijen)
  • beleid, controle of toezicht (ca. 13%), NGO’s (ca. 7%)
  • overige organisaties (ca. 14%). 

Deze dag voorgezeten door dr. ing. Hans Hopster van Wageningen UR Livestock Research, die de middag inleidde met een korte schets waar de uitdagingen liggen bij het waarborgen van dierenwelzijn. Hierbij spelen  het management (waarden, middelen, regels) en de attitude (productkwaliteit, verantwoordelijkheid en passie) een  belangrijke rol, aldus Hopster. 

Onderzoeksgegevens

Dr. ir. Kathalijne Visser schetste kort de opzet van de protocollen en gaf uitleg over de verzamelde data uit met name de praktijkproef van het afgelopen jaar. Voor elke diersoort waren een beperkt aantal waarnemingen gedaan bij het laden/vangen van de dieren op het primaire bedrijf, het lossen van de dieren op de slachterij en de verdere routing van de dieren tot en met de verdover. Naast het noteren van omstandigheden was in de protocollen met name aandacht voor het registeren van diergedrag, als reactie op de omstandigheden of op het hanteren van de dieren. Een belangrijke opmerking bij de interpretatie van de data is dat de opzet zó is gekozen dat met name het protocol getoetst kon worden op geschiktheid en relevantie. Dit hield in dat bewust zoveel mogelijk variatie in situaties en omstandigheden in de steekproef werd aangebracht. Daar waar variatie wordt gevonden zijn namelijk ook verbeteringen mogelijk. Meer hierover in het verslag van het symposium.

Hoe gaan we verder?

De “Take Home Message” van dit symposium luidt als volgt:

Met dit onderzoek hebben we een waarnemingstool ontwikkeld die in de toekomst in de praktijk gebruikt kan worden. De praktijkproef heeft ons inzicht gegeven in mogelijke risicofactoren en verbeterpunten voor het welzijn van dieren tijdens transport, van primair bedrijf tot in het slachthuis.

De toepassing van een waarnemingstool in de praktijk stelt bedrijven, transporteurs, slachterijen, beleid en toezichthouders in staat om zichtbaar te maken of het dierenwelzijn goed gewaarborgd wordt, en om de effectiviteit van maatregelen in de gehele keten te monitoren.

In 2014 willen we graag samen met keten- en keurmerkpartijen verder werken aan een implementatie van het gebruik van deze protocollen. We hopen, dat onderweg naar beter dierenwelzijn bij slachtdieren veel stoplichten op groen zullen staan.