Persbericht

Cultureel erfgoed onder druk door economische crisis

Gepubliceerd op
31 oktober 2012

Oratie prof. Joks Janssen over hoe de economische crisis dwingt tot creatief zoeken naar nieuwe vormen van behoud van het culturele erfgoed.

Ook nu de overheid zich daar minder mee bemoeit en ook veel minder geld beschikbaar heeft, zal de sector zich moeten blijven waarmaken door verantwoordelijk beheer, vakkundige reparatie en slimme aanpassingen. De tijden van grootschalige plannen en luxe restauraties zijn voorbij. Erfgoedprofessionals moeten meer aansluiten bij initiatieven van onderop, zegt prof.dr.ir. Joks Janssen op 1 november bij de aanvaarding van het ambt van buitengewoon hoogleraar Ruimtelijke planning en cultuurhistorie aan Wageningen University, onderdeel van Wageningen UR.

Nieuwe functies

De erfgoedsector heeft de afgelopen decennia een ontwikkeling doorgemaakt van musealiseren, het zo goed mogelijk restaureren en behouden van de oorspronkelijke staat van gebouwen en landschappen (‘cultuur van verlies’) naar een meer op de toekomst gerichte benadering, waarbij erfgoed wordt behouden door het van nieuwe functies te voorzien (‘cultuur van profijt’).  Erfgoed wordt vandaag de dag als actief onderdeel gezien van de ruimtelijke ordening, vanwege de positieve bijdragen aan allerlei nieuwe culturele, ruimtelijke en economische ontwikkelingen in stad en landschap. De rijksoverheid heeft daar met onder andere het Belvedere-beleid actief aan bijgedragen.

De tijd echter, waarin de overheid een actieve en leidende rol speelde in zowel de ruimtelijke ordening als de erfgoedzorg, komt niet weer terug, zegt prof. Janssen in zijn inaugurele rede 'De toekomst van het verleden. Ruimtelijke ordening en erfgoedzorg na Belvedere'. De decentralisatie van taken van de rijksoverheid op dit terrein is blijvend. Dat geldt ook voor de financiën die in de afgelopen twintig jaar veel ruimer voorhanden waren. De herbestemming en herontwikkeling van cultureel erfgoed loopt daarmee meer dan voorheen tegen economische grenzen aan, aldus Janssen.

Lokale initiatieven

De ‘voorraad’ cultureel erfgoed neemt toe, merkt Janssen op. In de komende tijd zal het aanbod sterk groeien door functieverlies van bijvoorbeeld kerken, kloosters en defensieterreinen. Dat wordt nog eens versterkt door de krimp van economie en bevolking in sommige regio’s. Bij elkaar betekent dit dat er veel minder draagvlak is voor grootscheepse herontwikkeling van het erfgoed en dat het hanteren van al te strikte eisen gericht op beeldherstel en materiaalconservering moet worden heroverwogen. De nieuwe situatie dwingt de sector tot flexibiliteit, creativiteit en een open houding, aldus Janssen. Hij houdt de sector, die hij van nature wat behoudend noemt, voor: “In de afgelopen periode heb je je meerwaarde aangetoond, nu moet je dat ook voor de toekomst waarmaken. Die toekomst kenmerkt zich door minder geld en betrokkenheid van de overheid. Het lijkt me in dat verband wenselijk dat de erfgoedsector ook verantwoordelijkheid draagt voor het vinden van financieel haalbare oplossingen. Beperkingen opleggen aan gebruik en aanpassing vragen ook om medeverantwoordelijkheid voor onderhoud en beheer”.

De kunst van het niets doen

Juist de context van crisis en krimp kan de sector ertoe brengen meer aandacht te hebben voor een factor die er in de afgelopen tijd wat bij in is geschoten: de betrokkenheid van burgers en ondernemers. Er zullen scherpere keuzes moeten worden gemaakt, waarbij burgers, ondernemers en belangorganisaties een steviger rol opeisen. Janssen: “Met lokale initiatieven en bewegingen kun je veel bereiken. Geld is daarbij niet altijd het grootste probleem. Herbestemmen hoeft ook niet altijd op een luxe manier. Met kleine ingrepen en tijdelijke bestemmingen kun je toch zorgen dat er iets gebeurt. En soms kom je uit op wat ik ‘de kunst van het niets doen’ zou willen noemen. Dit alles maakt het wellicht wat minder mooi, maar ook veel spannender.”

Joks Janssen (Berlicum, 1975) is buitengewoon hoogleraar Ruimtelijke planning en cultuurhistorie aan Wageningen University. Hij bezet daarbij een zogeheten Belvedere leerstoel, gericht op het versterken van de aandacht voor de cultuurhistorische kwaliteiten van Nederland binnen de ruimtelijke ordening. In het dagelijkse leven is Janssen senior stedenbouwkundig adviseur bij de provincie Noord-Brabant.

Foto: Frank van Engelen