Project

Dierentuineducatie als methode om kinderen te leren over biodiversiteit

Het verlies aan biodiversiteit, zowel lokaal als wereldwijd, vormt een van de meest urgente en snel veranderende uitdagingen op het gebied van duurzaamheid waarmee de mensheid momenteel wordt geconfronteerd. Het is absoluut noodzakelijk dat we burgers informeren over deze uitdagingen en hen betrekken bij het vinden van oplossingen. Onderwijs speelt een cruciale rol. Maar dat is niet alleen aan scholen. Dierentuinen beschouwen het over het algemeen als hun educatieve verantwoordelijkheid om les te geven over het beschermen van bedreigde diersoorten en om bezoekers in verbinding te brengen met de natuur. De emotionele kracht van het ontmoeten van (bedreigde) dieren van dichtbij, wordt gezien als een stimulans om mensen te bewegen duurzamer te leven. Als je meer te weten wil komen over het project lees dan Achtergrondinformatie onderzoeksproject.

Biodiversiwat symposium nl.jpg

Op vrijdag 20 mei, vlak voor de internationale Dag van de Biodiversiteit, vond het Symposium Bio-diversi-WAT?! plaats in Ouwehands Dierenpark in Rhenen. Het symposium is interessant voor diegenen die meer willen weten over het potentieel van dierentuineducatieprogramma's gericht op biodiversiteit.

Tijdens het symposium heeft Wageningen University een deel van de onderzoeksresultaten van het grootschalige onderzoek gedeeld. Wageningen University heeft de afgelopen drie jaar onderzoek gedaan naar dierentuineducatie als instrument om kinderen het belang van biodiversiteit bij te brengen. Veel kinderen hebben gehoord over biodiversiteit, maar uit onderzoek blijkt dat leerkrachten en schoolkinderen vaak niet echt begrijpen wat het is. Met steun van Stichting Zabawas, Ouwehand Zoo Foundation en Universiteitsfonds Wageningen is een educatief programma op maat ontwikkeld voor kinderen in de bovenbouw van het basisonderwijs. Hierbij is specifiek aandacht besteed aan hoofd (wat weet je?), hart (wat voel je?) en handen (wat doe je?). Zie deze video voor een eerste indruk van het lesprogramma.

Op het symposium werd het ontwikkelde lesprogramma officieel aangeboden aan alle dierentuinen die lid zijn van de Nederlandse Vereniging van Dierentuinen en de Nederlandse natuur- en milieueducatiecentra. Daarnaast kregen de deelnemers tijdens de eerste workshop de kans om met een deel van het lesmateriaal aan de slag te gaan en de dierentuinles uit eerste hand te ervaren. Tijdens het symposium werd ook een meet & greet gefaciliteerd tussen medewerkers van de natuur-en milieueducatiecentra en de dierentuinen, om mogelijke samenwerking met betrekking tot het lesprogramma te bespreken. Ook kregen de deelnemers de kans om met enkele leerkrachten, die tijdens het onderzoeksproject aan de lessen deelnamen, te praten over hun ervaringen en perspectieven.

Wil je meer weten? Lees dan door!

Achtergrondinformatie onderzoeksproject

Een driejarig onderzoek van Wageningen University richtte zich op dierentuineducatie als instrument om kinderen het belang van biodiversiteit bij te brengen. Veel kinderen hebben gehoord over biodiversiteit, maar uit onderzoek blijkt dat leraren en schoolkinderen vaak niet echt begrijpen wat het is. Met steun van Stichting Zabawas en de Ouwehand Zoo Foundation is een educatief programma op maat ontwikkeld voor kinderen in de bovenbouw van het basisonderwijs.

Het programma omvat zowel klassikale lessen als een les in dierentuin. Het heeft twee voorbereidende lessen op school, een interactieve les in de dierentuin en twee lessen terug in de klas om te integreren wat de kinderen in de dierentuin hebben ervaren en om aanvullende aspecten van biodiversiteit te verkennen. Ook is er de keuze uit vijf lessen op school en geen educatief bezoek aan de dierentuin.

Het lesprogramma kent leerdoelen op drie domeinen: (1) cognitief, (2) waarden, gevoelens en attitudes en (3) vaardigheden en actiecompetentie. Het programma is onder meer ontwikkeld met de bedoeling kritisch denken te stimuleren en rekening te houden met de emotionele aspecten van het omgaan met ernstige problemen zoals het verlies van biodiversiteit.Rebekah Tauritz, hoofdonderzoeker van dit project, evalueert momenteel de leeropbrengsten van het onderwijsproject. Een deel van de metingen werd zes maanden na de lessen herhaald om de impact van het project over een langere periode te beoordelen. Het onderzoek omvat een mix van kwantitatieve en kwalitatieve gegevens.

Hoewel de komst van de reuzenpanda's in Ouwehands Dierenpark het project op gang bracht, werden er uiteindelijk acht bedreigde diersoorten ingezet om over belangrijke aspecten van biodiversiteit les te geven. Het programma kan echter worden aangepast voor alle bedreigde diersoorten, waardoor het een nuttig instrument is voor elke dierentuin of natuur- en milieueducatiecentrum. Het kan hun missie ondersteunen om kinderen een zorgzame houding ten aanzien van de natuur bij te brengen en ze te leren over de urgentie van het beschermen van de biodiversiteit.

Profiel

Rebekah Tauritz is een ervaren onderzoeker op het gebied van leren voor duurzaamheid en was ook een ontwikkelaar van milieueducatie- en communicatieprojecten. Ze heeft een BSc in Bos- en natuurbeheer en een MSc in Toegepaste Communicatiewetenschappen & Natuur- en milieueducatie van Wageningen University. Daarnaast heeft ze een PhD in Leren voor Duurzame Ontwikkeling van de University of Edinburgh.

Trefwoorden

  • Natuur- en duurzaamheidseducatie
  • Onderwijs (basis-, voortgezet- en hoger onderwijs)
  • Dierentuinonderwijs
  • Biodiversiteit
  • Natuurbescherming

Meer informatie over het lesprogramma

Omschrijving
Wil jij dat jouw leerlingen écht begrijpen wat 'biodiversiteit' betekent, dat ze beseffen hoe belangrijk het is om de biodiversiteit te beschermen en wat zij zelf kunnen doen? Dan is dit uitgebreide lesprogramma geknipt voor jouw klas. Aan de hand van acht bedreigde diersoorten waaronder de reuzenpanda, de Humboldt pinguïn en de axolotl, maken leerlingen kennis met het complexe begrip biodiversiteit. Ze gaan begrijpen dat biodiversiteit te maken heeft met (1) de verschillen binnen een soort, (2) de verschillen tussen soorten, (3) de relaties tussen verschillende levensvormen en (4) de diversiteit aan leefgebieden. In groepjes leren de leerlingen aan de hand van een werkboekje en video wat hun groepsdier nodig heeft om te leven en wat dat te maken heeft met biodiversiteit. Leerlingen worden tijdens vijf lessen op interactieve wijze gestimuleerd om te onderzoeken en kritisch na te denken. De praktijk leert dat alleen kennis over het belang van biodiversiteit niet genoeg is om in actie te komen. Daarom reflecteren de leerlingen op hun gevoelens ten aanzien van de bedreiging van de biodiversiteit en bestuderen zij welke acties ze zelf kunnen uitvoeren om de biodiversiteit te beschermen. Gaat de klas naar de dierentuin, dan zetten de leerlingen daar ook hun eigen zintuigen in om biodiversiteit te ervaren.

Meer lezen? Download de flyer!

Team