Gifstoffen in schelpdieren opsporen zonder proefdieren

RIKILT heeft samen met projectpartners een methode ontwikkeld om natuurlijke, maar ziekmakende gifstoffen in schelpdieren op te sporen zonder het gebruik van proefdieren.

Deze natuurlijke gifstoffen, de zogenaamde mariene biotoxinen, worden door algen geproduceerd en kunnen zich ophopen in schelpdieren zoals mosselen en oesters. Consumptie van deze besmette schelpdieren kan leiden tot diarree, overgeven, buikkramp en neurologische aandoeningen.

Om te voorkomen dat giftige schelpdieren op de Europese markt terechtkomen schrijft de huidige wetgeving van de Europese Unie een diertest (muis of rat) voor als de officiĆ«le methode om deze toxinen te bepalen. Deze diertest is echter onbetrouwbaar en erg dieronvriendelijk. Daarom is in 2005 een EU-project van start gegaan (BIOTOX) met als doel de diertest te vervangen door een betrouwbare alternatieve methode. Als de nieuwe test in heel Europa wordt ingevoerd zijn daarmee  tienduizenden proefdieren per jaar minder nodig.

De methode kan verschillende toxinen van elkaar onderscheiden en ze op zeer lage concentraties meten. Het gaat om zogenaamde lipofiele (vetminnende) mariene biotoxinen.

Hij vervangt dan de diertest die vanaf 2015 niet meer als officiƫle methode mag worden toegepast.

Alternatieven voor dierproeven

RIKILT zoekt op verschillende manieren naar alternatieven voor dierproeven. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Lonneke van der Geest.