Aardbeienplantje

Gouden toekomst voor duurzame behandelmethode CATT

De duurzame behandelmethode CATT wordt al jaren succesvol ingezet tegen quarantaine-insecten op aardbeiplanten. Maar niet alleen vermeerderaars van aardbeiplanten hebben er baat bij: de methode is ook effectief om andere plantaardige producten ‘plaagvrij’ te maken.

CATT (Controlled Atmosphere Temperature Treatment) is ontwikkeld door twee onderdelen van Wageningen UR: Food & Biobased Research en Praktijkonderzoek Plant & Omgeving (PPO). Het principe is dat planten in een gasdichte cel een bepaalde periode een behandeling ondergaan. Die behandeling bestaat uit een combinatie van een verhoogde temperatuur en specifieke luchtcondities, zoals de concentraties zuurstof en koolstofdioxide in de lucht. Ook randvoorwaarden als bevochtiging en verpakking kunnen onderdeel van het recept zijn. Behalve dat CATT geschikt is als methode om plantaardig materiaal plaagvrij te maken, wordt ze ook ingezet als quarantainebehandeling bij import en export.

Alternatief voor methylbromide

Volgens Jan Verschoor, onderzoeker bij Food & Biobased Research, zetten vermeerderingsbedrijven CATT vooral in als alternatief voor methylbromide. “Dit is een effectief ontsmettingsmiddel, maar in Europa is het inmiddels verboden. CATT is een duurzaam, niet-chemisch alternatief. Kwekers van aardbeiplanten passen CATT al jaren toe om de zeer schadelijke aardbeimijt af te doden.”

Sinds eind 2012 wordt de methode in aangepaste vorm effectief ingezet tegen twee andere ongewenste gasten: het wortellesieaaltje Pratylenchus penetrans en het wortelknobbelaaltje Meloidogyne hapla. Worden deze nematoden bij keuring aangetroffen, dan leidt dit tot verplichte vernietiging van een partij. Verschoor: “Met CATT kun je tegelijkertijd de aarbeimijt én de schadelijke nematoden bestrijden. Voor vermeerderingsbedrijven biedt de methode daarom grote meerwaarde.” 

Mooi lijstje

Inmiddels zijn binnen Wageningen UR tests uitgevoerd op andere insecten en planten. De resultaten zijn veelbelovend. “We kunnen inmiddels een mooi lijstje van plaag-plantcombinaties laten zien waarbij CATT effectief is. Denk aan western flower thrips en de witte vlieg, twee ongewenste indringers in plantenkassen. We kunnen de tomatenmineermot ook effectief te bestrijden. Verder doen we nog onderzoek naar insecten als de fruitmot, de tulpengalmijt, de tijgermug en de chitwoodi, een quarantainenematode die je bijvoorbeeld in pootaardappelen aantreft.

Gedegen onderzoek

Verschoor en zijn collega’s kunnen vaak al aardig inschatten welke receptuur wel of niet werkt. “Maar wil je CATT regulier gaan toepassen, dan is gedegen onderzoek nodig. Je moet bijvoorbeeld kweken kunnen maken van insecten in alle stadia, want meestal is een insect in een bepaald stadium minder gevoelig voor de behandeling. Maar je moet ook onderzoeken hoe een CATT-behandeling wordt verdragen door plantmateriaal van verschillende rassen, herkomst en kwaliteit. Daarvoor moeten we planten na behandeling opkweken of moeten we het uitstalleven van vruchten na behandeling bepalen.”

Zo makkelijk is het dus niet om de juiste CATT-formule te vinden. “Elke plantensoort heeft specifieke omstandigheden nodig om te kunnen overleven. Binnen Food & Biobased Research hebben we veel kennis in huis over de kwaliteit van verse producten vanaf het moment van oogst tot aan consumptie. We weten ook hoe je technologie naar de markt brengt. Voor diepgaande kennis van insecten en nematoden werken we samen met entomologen en nematologen uit andere instituten van Wageningen UR. Die combinatie zorgt ervoor dat we snel goede oplossingen kunnen ontwikkelen.”

Nek uitsteken

Verschoor voorspelt een gouden toekomst voor CATT. “Bedrijven die nog chemische middelen gebruiken, lopen het risico dat deze middelen uit de handel worden gehaald. Dat is slecht voor de bedrijfszekerheid. CATT is een duurzame methode zonder wettelijke beperkingen. Wil je reguliere chemische bestrijdingsmiddelen gebruiken, dan is daar een jarenlange kostbare aanvraagprocedure voor nodig. Voor CATT hoeft dat niet.”

Voorwaarde voor succes is wel dat bedrijven hun nek willen uitsteken. Want er is praktijkonderzoek nodig om voor specifieke problemen een oplossing te vinden. En is het juiste recept gevonden, dan moet het intellectueel eigendom goed geregeld zijn. Bij de bestrijding van de aardbeienmijt is aangetoond dat daar prima afspraken over te maken zijn, zegt Verschoor.