Nieuws

Mest niet vervuilender dan kunstmest bij juist beheer

Gepubliceerd op
5 februari 2013

In gebieden met een hoge mestproductie zijn nitraatconcentraties in het grondwater vaak hoog. Plant Research International en Alterra, beide onderdeel van Wageningen UR, gingen in veldproeven na of specifieke eigenschappen van dierlijke mest kunnen leiden tot nitraatuitspoeling. De proeven gaven aan dat gewassen dierlijke mest prima benutten als telers de mest niet eerder geven dan enkele weken voor het groeiseizoen, de mest snel inwerken en de stikstof in de mest correct verrekenen.

Onderschatting van de stikstofwaarde van mest leidt namelijk tot onnodig hoge aanvullingen met kunstmest. Ongeacht de mestsoort is het onvermijdelijk dat gewassen na de oogst enige stikstof onbenut laten. Tijdig gezaaide vanggewassen kunnen verlies van deze stikstof beperken.

Stikstofwerking

De Meststoffenwet kent een zogenaamde stikstofwerking toe aan ieder type organische meststof. De toekenning wordt met belangstelling gevolgd. Een lage werking kan leiden tot een te hoge milieubelasting en het nodig maken om mestgiften dientengevolge te beperken. Een hoge werking daarentegen beperkt de noodzaak en wettelijke mogelijkheid om – binnen een gebruiksnorm – met kunstmest aan te vullen. Ook stelt een hoge toegekende werking hogere eisen aan het beheer van mest. Met de komst van allerlei ‘nieuwe’ producten uit mestverwerkende installaties is een juiste waardering van de stikstofwerking nog urgenter geworden.