Metingen aan stedelijke zomerhitte in Wageningen - Wageningen University

Persbericht

Metingen aan stedelijke zomerhitte in Wageningen

Gepubliceerd op
10 juni 2013

Bij de aanvang van de zomer zijn in Wageningen op dertig plaatsen kleine weerstations bevestigd aan lantaarnpalen. Deze meten een jaar lang de temperatuur en vochtigheid in en rond de stad. De uitkomsten helpen de gemeente om te komen tot een leefbaarder stadsklimaat in perioden van extreme warmte, zoals bij een hittegolf. De huisjesvormige meetstations zijn met toestemming van de gemeente Wageningen geplaatst door onderzoekers van de leerstoelgroep Meteorologie en Luchtkwaliteit van Wageningen University.

De meetstations zijn voor de energielevering voorzien van twee schuinstaande zonnepanelen, één gericht op het oosten en één op het westen. Zo is er altijd een paneel gericht op de richting waarvan de zonnestraling komt. Het zo gevormde ‘huisje’ bevat de meetinstrumenten voor temperatuur en luchtvochtigheid. Er zijn geen andere waarnemingsinstrumenten in aangebracht. Daarnaast is aan elk weerstation een kastje gemonteerd voor de datacommunicatie naar de universiteit.

Stenen houden warmte vast

Het weer in de stad wijkt duidelijk af van dat op het platteland. Zo is bekend dat een stenige omgeving de warmte langer vasthoudt dan een omgeving met veel groen en water. Om een beter beeld te krijgen van het weer in de stad is dit onderzoek gestart dat gedetailleerde informatie over de effecten van steden op de temperatuur zal opleveren.

Weerstation aan lantaarnpaal in Wageningen. (Foto: Reinder Ronda)
Weerstation aan lantaarnpaal in Wageningen. (Foto: Reinder Ronda)

Verbeteren weermodellen

De informatie die in het meetproject wordt vergaard, kan in de toekomst worden gebruikt voor het verbeteren van weermodellen en weersverwachtingen voor de stedelijke omgeving. Ook is de kennis in het algemeen bruikbaar bij het (her)inrichten van wijken en steden, en zo de leefbaarheid van de stad in warme zomerse periodes te verhogen. De weerstations zijn bevestigd aan lantarenpalen die eigendom zijn van de gemeente. Bij de plaatsing van de weerstations is zoveel mogelijk geprobeerd eventuele overlast te voorkomen.