Nieuws

NatuurWijs voorlopig niet in Nationale Parken

Gepubliceerd op
18 april 2012

Het natuurbelevingsprogramma NatuurWijs kan van meerwaarde zijn in het huidige educatie-aanbod van Nationale Parken. Dit blijkt uit onderzoek van de Wetenschapswinkel.

De combinatie van leren met hoofd, hart en handen, de meerdaagse opzet en de natuurbenadering vanuit een bepaalde context maken NatuurWijs uniek. Alterra en de Wetenschapswinkel van Wageningen UR onderzochten op verzoek van het NatuurCollege of een opschaling van het programma naar Nationale Parken haalbaar en uitvoerbaar is. Dat lijkt op dit moment (nog) geen reële optie. Cruciaal voor de kwaliteit van NatuurWijs: vrijwilliger en boswachter uit het gebied moeten het programma samen vormgeven.

NatuurWijs is een natuureducatieprogramma voor de basisschool waarbij kinderen drie dagen met een boswachter de natuur in gaan. Het programma onderscheidt zich van andere natuurbelevingsprogramma’s door een combinatie van leren met hoofd, hart en handen, de meerdaagse opzet en de natuurbenadering vanuit een bepaalde context. Uit een inventarisatie van het huidige educatie-aanbod van Nationale Parken blijkt dat NatuurWijs van meerwaarde kan zijn. Momenteel bieden de Nationale Parken nauwelijks programma’s aan met een opzet die vergelijkbaar is met het gedachtegoed van NatuurWijs. Dit pleit voor uitbreiding naar de Nationale Parken.
Om de mogelijkheden hiervoor te onderzoeken, zijn interviews met betrokken partijen gehouden en is deskresearch verricht. Hieruit blijkt dat op dit moment een streven naar opschaling niet reëel is. De meeste parken hebben ervoor gekozen een ander natuureducatieprogramma in te voeren. Voor de toekomst worden wel kansen gezien, vanwege het unieke concept van NatuurWijs. Op dit moment wordt alleen in het Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug met het programma gewerkt.

Nationale Parken liggen over het algemeen in rurale delen van Nederland. Het NatuurCollege heeft als doel om bij te dragen aan een duurzame samenleving. De onderzoekers adviseren daarom om het programma NatuurWijs uit te breiden naar locaties in een meer stedelijke omgeving. Hier wonen immers de kinderen die relatief het meest vervreemd zijn van de natuur(lijke omgeving).

De onderzoekers hebben ook gekeken naar de mogelijke rol van vrijwilligers als gidsen. Een literatuurstudie en gesprekken met betrokkenen wijzen uit dat overschakeling van boswachters naar vrijwilligers vraagt om een andere werkwijze binnen de organisatie. Waardering en beloning moeten aansluiten op de motivatie van de individuele vrijwilliger, en de situatie moet passen bij de persoon. Dat blijken voorwaarden voor commitment van de vrijwilliger en continuïteit voor NatuurWijs.
De onderzoekers van Alterra concluderen in hun rapport dat de overstap naar alleen vrijwilligers effect kan hebben op de kwaliteit van het programma. De beroepscontext van de boswachterij verdwijnt namelijk daardoor. Vrijwilligers moeten een eigen context zoeken. Trainingen moeten aandacht besteden aan het gezamenlijk zoeken van een context waar de vrijwilliger zich prettig bij voelt en die de vrijwilliger een stevig houvast biedt voor de verdere invulling van het programma NatuurWijs. Deze benadering vraagt veel eigen inbreng en flexibiliteit van de vrijwilliger. Het formuleren van een vastomlijnd programma met succesvol gebleken activiteiten kan daarbij helpen.
De onderzoekers adviseren dan ook dat boswachters betrokken blijven bij NatuurWijs, bijvoorbeeld als coach van de vrijwilliger, juist om het leren met hoofd, hart en handen uit te kunnen voeren. Cruciaal is daarbij dat de boswachter en vrijwilliger actief zijn in hetzelfde gebied.

Wetenschapswinkelrapport 283 ‘NatuurWijs in de toekomst; verkenning van de haalbaarheid van uitvoering door vrijwilligers en van opschaling naar Nationale Parken’ is te downloaden vanaf de projectsite NatuurWijs (onder Downloads).