NL for NIL malnutrition

Nieuws

Ondervoeding aanpakken is armoede bestrijden

Gepubliceerd op
14 oktober 2013

Door gebrek aan evenwichtige voeding sterven jaarlijks ruim drie miljoen kinderen. En honderden miljoenen mensen zijn lichamelijk en/of geestelijk onderontwikkeld door ondervoeding in hun eerste levensjaren. Door jaarlijks 9,6 miljard dollar te investeren in nutritionele voeding voor de allerarmsten kan dit probleem succesvol worden bestreden. Dit helpt de ontwikkeling van individuen én van landen, zo was de boodschap van het symposium ‘NL for NIL malnutrition’, op vrijdag 11 oktober in Den Haag.

The Lancet Series on Nutrition, 2008 en 2013

Met het geven van voedingssupplementen aan zwangere vrouwen en jonge moeders, die er bovendien van overtuigd worden hun baby’s ten minste zes maanden borstvoeding te geven, kan 43,5 procent van de kindersterftes voorkomen worden. Ook de sterfte onder jonge moeders zal enorm afnemen als zij extra ijzer en calcium tot zich nemen. Krijgen kinderen van 6 tot 59 maanden bovendien de juiste babyvoeding en vitamine A- en zink-supplementen, dan nemen hun kansen in het leven substantieel toe. Dat blijkt uit evaluatie van de ‘nutriënten-specifieke interventies’ die zijn uitgevoerd naar aanleiding ‘The Lancet Series on Maternal and Child Undernutrition’, een serie toonaangevende wetenschappelijke publicaties uit 2008 die de kijk op ondervoeding wereldwijd drastisch veranderd hebben. Vijf jaar later, in juni 2013, verscheen het vervolg: ‘The Lancet Maternal and Child Nutrition Series 2013’.

Tien concrete aanbevelingen voor voeding

‘Als de tien nutriënten-specifieke interventies die zich de afgelopen jaren bewezen hebben worden opgeschaald naar negentig procent van de bevolking in de 34 landen die het meest te lijden hebben onder ondervoeding, dan kunnen naar schatting 900.000 levens gered worden’, formuleerden de wetenschappers in de Series van 2013. Tevens schreven ze dat tot het jaar 2025 bij 33 miljoen kinderen geremde lichaamsgroei en verminderde ontwikkeling voorkomen kan worden door de tien nutriënten-specifieke aanbevelingen op grote schaal in te voeren.

Schade door ondervoeding is onomkeerbaar

Naast de aanbevolen voedingsmaatregelen voor moeder en kind, staan in de Lancet Series ook andere interventies die nodig zijn om ondervoeding succesvol te bestrijden. Het bewustzijn moet doordringen tot alle lagen van de bevolking dat een tekort aan nutriënten in de eerste duizend levensdagen, gerekend vanaf de conceptie, onomkeerbare gevolgen heeft voor de ontwikkeling en het afweersysteem van kinderen.

Onderwijs voor meisjes ook heel belangrijk

Tijdens het congres NL for NIL malnutrition, mede-georganiseerd door Wageningen UR bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, toonden wetenschappers met harde cijfers aan dat er een direct verband is tussen het aan jaren onderwijs dat meisjes volgen en de mate van ‘onderontwikkelde lichaamsgroei’ in dat gebied. Ook het verband tussen ondervoeding op vroege leeftijd en chronische ziekten op latere leeftijd werd hard gemaakt. Opvallend: veel kinderen die op jonge leeftijd geen evenwichtig dieet hebben ontwikkelen obesitas.

De armoede-cirkel verbreken

Met een investering van ‘slechts’ 9,6 miljard dollar per jaar in voedingszekerheid kan de armoede-cirkel worden verbroken. Want wie zich volledig kan ontwikkelen is productiever en kan beter voor zichzelf en naasten zorgen. Daar waren de aanwezigen het vrijdag 11 oktober over eens. Bijeen waren wetenschappers, waaronder enkele auteurs van de Lancet Series, en afgevaardigden van niet-gouvernementele organisaties, de voedingsmiddelenindustrie en de overheid. Al deze partijen moeten samenwerken om ondervoeding succesvol te kunnen aanpakken, benadrukte Paulus Verschuren, speciaal gezant ‘Food and Nutrition for Development’ van het ministerie van Buitenlandse Zaken.

'Dutch Diamond'

Verschuren noemde deze publiek-private aanpak 'the Dutch Diamond'. Verschuren: “Met Nederlandse organisaties en bedrijven helpt de overheid andere landen voedsel- en nutriëntenzekerheid op de agenda te zetten. Daarbij doen we waar wij goed in zijn. We bedenken bijvoorbeeld logistieke oplossingen die zorgen dat vrachtwagens met voedsel veel sneller een grens tussen twee landen over kunnen. En we zetten systemen op om bij te houden wie de eigenaar is van welk stuk land. Daar is het Kadaster bij betrokken. Wat wij doen is geen ouderwetse hulp, en ook geen moderne handel. Het is ouderwetse handel en moderne hulp. Uiteindelijk moeten wij onszelf overbodig maken. Zij moeten zelfredzaam worden, anders is het niet duurzaam.”