paardenweide

Project

Optimale inrichting paardenweide

“Hoe richt je een paardenweide optimaal in?” Om deze vraag te beantwoorden, voerde de Wetenschapswinkel een literatuuronderzoek uit onder deskundigen en vertaalde dit voor de Nederlandse praktijk.

De Nederlandse Vereniging voor Vrijetijds Ruiters (NVVR) is een vereniging voor ruiters (en menners) die graag buitenritten maken, en ook op andere manieren met het paard bezig zijn dan alleen wedstrijdsport en het klassieke dressuur rijden.
De NVVR wilde graag weten hoe een weide voor paarden optimaal ingericht kan worden. Welke botanische samenstelling is het meest geschikt voor de paardenweide? Wanneer is er voldoende beschutting? Hoe kan de paardenweide het beste ingericht worden? Kortom: een paardvriendelijke plek.

Onderzoek

Dit was de aanleiding voor het indienen van een aanvraag bij de wetenschapswinkel. Aangezien de onderzoeksvraag heel breed was, werd de vraag verder verdiept en vervolgens opgesplitst in drie thema’s:

  • botanische samenstelling
  • schuilmogelijkheden
  • inrichting en gebruik

Binnen de thema’s werden deelvragen opgesteld. Gezien het grote aantal deelvragen werd besloten een enquête onder de NVVR-leden te houden om te inventariseren over welke (sub)thema’s men het liefst meer informatie wilde. Bij het uitwerken van de (sub)thema’s is uitgegaan van de behoeften van het paard. Deze zijn de bewegingsbehoefte, behoefte aan sociale interactie en veiligheid, en voederbehoefte.

paardenweide_530px.jpg

Conclusies

Opname en behoefte

Overgewicht is een toenemend probleem bij recreatiepaarden. Dit probleem wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door te energierijke voeding. De meeste recreatiepaarden die onbeperkt toegang hebben tot een weide met voldoende gras, zullen bij onbeperkte grasopname te veel energie opnemen. Ze hebben geen natuurlijke ‘stop’ op hun opname. Een paard neemt per dag 2,4% per kg lichaamsgewicht aan droge stof op, dat komt in de praktijk neer op ruim 80 kg gras per dag voor een paard van 600 kg. Daarnaast krijgen recreatiepaarden vaak onvoldoende beweging. Overgewicht veroorzaakt gezondheidsproblemen zoals hoefbevangenheid en insulineresistentie (IR).

recreatiepaard

Een recreatiepaard van 600 kg heeft ongeveer 7-7,5  kg ds, dus 35-40 kg gras, nodig om voldoende energie binnen te krijgen. Als richtlijn om overgewicht te voorkomen, komt het dan neer op het beperken van de weidegang tot maximaal 7 uur per dag. Let daarbij wel op de daadwerkelijke conditie (body condition score) van het paard, want natuurlijk zijn er individuele verschillen. Overall is beperkte weidetoegang sterk aan te bevelen. De beste methode is dan, om het paard enige uren te laten grazen en vervolgens maximaal 4 uur uit de weide te houden, of na 4 uur enig (energiearm) ruwvoer bij te voeren. Paarden hebben namelijk voor een goede stofwisseling vrijwel continu ruwvoer nodig. Met deze methode blijft de grasmat in stand (en botanisch op peil) en de energieopname op een aanvaardbaar niveau.

Fructaan

De impact van het fructaangehalte van gras op de gezondheid van het paard wordt in de praktijk over het algemeen sterk overschat. Hoewel de gehalten per grassoort verschillen en er eveneens verschillen zijn tussen de gehalten in de morgen en in de avond en na koude nachten zijn ze marginaal. Het zijn vooral de suiker/fructaan gevoelige paarden die een probleem kunnen krijgen door een te hoog fructaangehalte in het voer in combinatie met een te royale grasopname. Alleen door de (gras)opname te beperken, wordt een lagere energieopname bereikt.

Weidebeheer

Wanneer een weide goed beheerd wordt, dus op de juiste manier wordt bemest, ontwaterd, begraasd en gemaaid, is herinzaai amper nodig en komen giftige kruiden nauwelijks voor. Indien opnieuw moet worden ingezaaid hebben mengsels die tegen kort afgrazen bestand zijn de voorkeur, omdat het herstellen van groeipunten extra tijd en energie kost (en dus productie).

Bij de aanwezigheid van giftige kruiden is het belangrijk om de planten zo snel mogelijk te verwijderen, zodat ze zich niet kunnen vermeerderen. Behalve in de weide kunnen giftige kruiden, heesters en bomen ook in de directe omgeving van de weide voorkomen. Daarom moeten ook die gecontroleerd worden.

Weidegang en welzijn

paardenweide.jpg

Het in groepen weiden van paarden komt tegemoet aan hun natuurlijke behoefte aan foerageren, gezelschap en beweging. Beweging is één van de basisbehoeften van paarden. De behoefte om te bewegen lijkt in de natuur voornamelijk gedreven te worden door voedsel en water.

Paarden kunnen in Nederland veelal comfortabel het hele jaar rond buiten verblijven zonder het te koud of te warm te hebben (comfortabele temperatuurzone ligt tussen de -15 en 25°C). Paarden zoeken wel beschutting bij hoge relatieve vochtigheid, bij neerslag en bij veel wind Het aanbieden van een schuilmogelijkheid is daarom aan te bevelen.

Advies

Op basis van de resultaten en conclusies uit het onderzoek is het advies om paarden samen te weiden, omdat dit vanuit welzijnsoogpunt redelijk ideaal is. Beperkt weiden en daarnaast in een paddock of op een track te laten lopen, voorkomt overgewicht. Paarden hebben wel voor een goede stofwisseling vrijwel continu ruwvoer nodig. Laat ze dan ook niet langer dan 4 uur zonder (ruw)voer. Het bieden van een schuilmogelijkheid is aan te bevelen. Daarnaast is goed weidemanagement belangrijk om onkruiden en vertrapping te voorkomen. Een paddock/opgeefgebied of track en rotatiegrazen of stripgrazen kunnen de kwaliteit van het weiland goed houden.