Nieuws

Veenweiden: de potentie van riet en water

Gepubliceerd op
25 april 2012

Triple-O is een bruikbaar instrument voor gebiedsontwikkeling. Met name om beslissers bewust te maken van de potenties van een gebied. Dat blijkt uit het project ‘Ecosysteemdiensten in de Westelijke Veenweiden’ van Alterra, onderdeel van Wageningen UR. Triple O staat voor Ontdekken, Overeenkomen en Ontwikkelen.

Image.jpg

Bij ‘Triple-O’ is een duurzame benutting van ecosysteemdiensten het uitgangspunt, zo ook voor de Westelijke Veenweiden. Het instrument maakt beslissers bewust van de potenties en helpt bij het onderzoeken in hoeverre die potentie wordt benut. Het draagt bij aan het integreren van concepten en legt een verbinding tussen bodem- en waterbeheer en de ontwikkeling van de Westelijke Veenweiden. De business cases ‘Waterboeren’ en ‘ Rietteelt’ zijn een bron van inspiratie voor ondernemers.

Het project in het Groene Hart volgde een driestappenplan. Bij ‘Ontdekken’ is een lijst opgesteld met de voor het gebied relevante ecosysteemdiensten. In de stap Overeenkomen is bij de projectteamleden een gedeeld beeld van het gebied gecreëerd. De potentie tot levering van ecosysteemdiensten is daarin in beeld is gebracht. De ‘O’ van Ontwikkelen bestond uit een uitwerking van twee bedrijfstypen die de ecosysteemdiensten benutten maar niet uitputten: ‘biomassa door rietteelt’ en de ‘waterboer'.

Door de afhankelijkheid van lokale actoren in de Westelijke Veeweiden zijn de uitwerkingen niet zo gemakkelijk naar elders te kopiëren. Maar de toepassing van de triple-O benadering is dat wel, concluderen de onderzoekers.

Het onderzoeksproject ‘Ecosysteemdiensten in de Westelijke Veenweiden’ is uitgevoerd binnen het koepelproject ‘Ecosysteemdiensten: impuls voor duurzaam bodemgebruik bij gebiedsontwikkeling’. Het ministerie van EL&I heeft het project gefinancierd.

Links