Woestijn

Nieuws

Voorkomen van landdegradatie is voorwaarde voor voedsel- en energiezekerheid

Gepubliceerd op
17 juni 2011

Voorkomen van landdegradatie is voorwaarde voor voedsel- en energiezekerheid.

verwoestijning1.jpg

Vandaag is de wereldwijde ‘Dag van de Verwoestijning’. De wereld kampt met grote vraagstukken over voedselzekerheid en energievoorziening. Grondgebonden gewasproductie voor mens, dier, energie en industrie staat dan ook volop in de belangstelling. Landgebruik dat gericht is op het voorkomen van landdegradatie is één van de randvoorwaarden om voldoende gewasproductie te garanderen.  

Het DESIRE-project werkt aan verbeterde vormen van landgebruik om landdegradatie te voorkomen. Bijvoorbeeld in het Cauquenes-district in de binnenlanden van Chili. Daar ondervinden boeren economische terugslag van de uitputting en afspoeling van de bodem. Het mediterrane klimaat speelt hierin een rol, maar vooral ook de landbouwpraktijk die een evenwicht zoekt tussen het afwisselen van teelten, begrazing en bewerking van de bodem. Experimenten met uitgekiende rotaties van groenten, granen en begrazing tonen aan dat het mogelijk is via biologische fixatie beter gebruik te maken van stikstof uit de lucht, en daarmee 50 tot 80% te besparen op stikstofbemesting.

Een andere opzienbarende uitkomst is dat een combinatie van niet-ploegen (‘no tillage’) en diepploegen (‘subsoiling’) zorgt voor een optimale vochthuishouding van de bodem voor de graanteelt, en voor minimale afspoeling van regenwater. Deze experimenten werden actief besproken met de betrokken boerenorganisaties en het Chileense ministerie van Landbouw, waardoor zo’n 600 boeren tijdens velddagen kennis konden nemen van de gebruikte methoden en konden worden bijgepraat over nieuwe projecten die voortkomen uit DESIRE. “Dit project is een voorbeeld van hoe wetenschap dichtbij belanghebbenden gebracht kan worden in gebieden met landdegradatie, “ zegt projectleider Coen Ritsema van Alterra, onderdeel van Wageningen UR. “Onze formule werkt dankzij de unieke combinatie van veldonderzoek, biofysisch- en sociaal-economisch modelonderzoek, en een participatieve benadering waarin NGO’s een belangrijke rol spelen.”

Het DESIRE-project helpt direct doelen te realiseren van de UN Convention to Combat Desertification (UNCCD), en indirect door de contacten van de onderzoekteams met regionale en nationale bestuurders in de 16 landen waar het project loopt. Deze conventie van de Verenigde Naties wordt ook wel ‘The African poor convention’, genoemd, om het contrast aan te geven in de aandacht van politiek, wetenschap en de media met de conventies over klimaat en biodiversiteit van de VN. Toch is de UNCCD één van de drie grote VN-conventies die zo’n 20 jaar geleden werden opgericht uit zorg voor de leefomgeving. De zorg van de UNCCD betreft droge gebieden (‘drylands’), die wereldwijd zo’n 40% van het landoppervlak beslaan. Gebieden waar landbouw gehinderd wordt door allerlei vormen van landdegradatie, zoals bosbranden, verzouting, bodemerosie of watertekorten als gevolg van oprukkende steden.

‘Forests keep drylands working’ is het thema van de UNCCD voor 2011. DESIRE’s werk in Portugal laat nieuwe manieren zien om het risico op bosbranden te verminderen, door het verwijderen van vegetatie langs ‘fire break strips’ en ‘prescribed burning’. Deze technieken zijn onder meer gebaseerd op onderzoek naar de effecten van bosbranden op bodem, vochthuishouding en bodemerosie, waarop Cathelijne Stoof onlangs promoveerde. Meer over deze technieken en DESIRE is te zien in dit filmpje.