Niels van der Pijl

Niels van der Pijl is masterstudent plantenwetenschappen en doet in zijn vrije tijd aan wielrennen. Hij is echter geen gewone wielrenner. Waar de meeste renners zich toeleggen op wedstrijden in Nederland, is dat net de regio waar je Niels niet zo snel in een wedstrijd aan zult treffen. Een interview met Niels over opmerkelijke keuzes binnen een sport die gedomineerd wordt door tradities.

Wanneer ben je begonnen met wielrennen?

Ik ben een jaar of tien geleden begonnen met wielrennen. Zoals de meeste kinderen ben ik ooit begonnen met voetballen. Bij het uiteenvallen van mijn team ben ik echter gestopt en mijn broers achterna gegaan die toen allebei aan wielrennen deden. Op de oude fiets van mijn vader ben ik toen begonnen bij Excelsior in Gouda.

Hoeveel uren train je per week?

Sinds vorig jaar ben ik wat gerichter met de sport aan de gang gegaan. Ik heb de kwantiteit verhoogt en ben wat meer uren op de fiets gaan zitten. Aan mijn trainingsopbouw heb ik niets veranderd. Ik ben niet de persoon die graag luistert naar schema’s of trainers, dus vertrouw op mijn gevoel. Qua arbeid fluctueer ik meest tussen de 10 en 20 uur per week. 

Wat vind je zo leuk aan de sport?

Fietsen is gewoon mooi. Punt. Aan trainen heb ik een broertje dood. Ik krijg de rillingen over mijn lijf als ik bedenk dat ik tijdens een training moet intervallen. Dat doe ik dan ook nooit. Ik fiets tijdens mijn trainingen eigenlijk altijd rustig. Als tegenhanger daarvan reed ik altijd zo veel mogelijk wedstrijden, om die gelijk als training te gebruiken. Tijdens het seizoen leef ik dan ook van wedstrijd naar wedstrijd om mijn conditie op peil te houden.

Wat is de beste prestatie die je behaalt hebt/waar ben je het meest trost op?

Ik ben niet echt iemand die kijkt naar prestaties. Zolang je het naar je zin hebt tijdens het sporten maakt het niet uit welke sport je doet of op welk niveau. Prestaties zijn daarom relatief. Zelf heb ik veel meer bewondering voor iemand die overgewicht heeft en besluit te gaan hardlopen om er iets aan te doen. Dat is voor mij iets waar ik trots op zou zijn.

Wat ik van anderen terug krijg is dat mijn overwinning in de Ronde van Congo een bijzondere prestatie is geweest. Toentertijd was ik nog actief op een lager niveau en ben op uitnodiging naar de Ronde afgereisd. Een dag voor vertrek had ik mijn nieuwe wedstrijdlicentie binnen en kon ik dus deel nemen. Ondanks dat de wedstrijd niet verliep zoals hoort, heb ik de overwinning toch binnen kunnen halen.

Welk doel heb je dit jaar?

Doelen stel ik nooit op voor wedstrijden. Ik rijd zoveel mogelijk wedstrijden en probeer altijd aanvallend te koersen. Zolang dat lukt ben ik content over mijn wedstrijden. Door die manier van rijden is het aantal wedstrijden dat je wint niet groot, maar het is wel de mooiste manier van rijden. In het algemeen hoop ik in de buitenlandse meerdaagse wedstrijden een mooie uitslag te rijden. Dit zijn de wedstrijden waar in tegenstelling tot Nederland vaak bergen te vinden zijn. De omstandigheden tijdens de wedstrijden in Afrika en Azië zijn ook veel zwaarder, waardoor uithouding en conditie meer gaan tellen. Op dit niveau merk je dat iedereen een dag hard kan rijden, maar tijdens de meerdaagses komt het verschil tussen renners na een dag of vijf naar voren.

Welke bijzondere wielrenervaringen heb je gehad? Waarom?

Dat zijn er wel meer, misschien wel te veel. Als ik terug denk aan afgelopen jaar springen daar wel meerdere momenten uit. Op het gebied van wedstrijden zijn dat de overwinning in de Ronde van Congo, die gepaard ging met de slechtste organisatie rondom de wedstrijd zelf. Er is een aantal weken terug een legendarisch verhaal vol anekdotes en momenten verschenen over deze ronde. De titel dekt de lading wel redelijk http://www.vicesports.nl/diarree-hoeren-en-coke-de-nederlander-die-de-ronde-van-congo-won/

Verder dat jaar waren een derde plek in de Ronde van Madagaskar en het rijden van de Ronde van Vietnam mooie momenten. In Vietnam hadden we tot de laatste dag de sprinttrui in handen met de ploeg en reden we een afsluitend criterium in de hoofdstad Ha Noi. Op de nationale feestdag reden wij in het kloppend hart van de stad een criterium. De Vietnamese ploegen hadden een pact gesloten om de trui in de handen van de nationaal kampioen te krijgen. Dat niet alles eerlijk ging was bijzaak. De sfeer met het publiek was geweldig. De scholen waren vrij die dag waardoor er rijen met kinderen langs de kant stonden. Dat tienermeisjes niet alleen voor Justin Bieber schreeuwen is mij toen wel duidelijk geworden. Tijdens de koers was alles anders. De sfeer was grimmig en na een ruzie tijdens de koers is een ploeggenoot van zijn fiets geslagen. Zodra wij voorin van het peloton gingen rijden kwamen er direct renners die je het hek in probeerden te rijden. Uiteindelijk hebben we de trui op de laatste dag uit handen moeten geven.

Naast de wedstrijden was het meest bijzondere dat ik met de fiets van Utrecht naar de Noordkaap ben gereden met drie vrienden. Na 4500 kilometer in een maand tijd door regen, sneeuw en gelukkig ook zon kwamen we aan bij het monument waar 10 vrienden ons op stonden te wachten. De initiatiefnemer van de tocht naar de Noordkaap lag op dat moment in het ziekenhuis. Terwijl zijn vrienden allemaal de reis hebben voortgezet, moest hij vechten voor zijn leven. Die emotie en het gevoel dat daar omheen hangt had ik nooit eerder ervaren. Het maakt een dergelijke reis die je met drie vrienden maakt tot een unieke ervaring. De emotie op dat moment gaf enerzijds kracht, terwijl het ook je hart verscheurd en je bijna een schuldgevoel geeft over alles dat je gedaan hebt die reis. Het voelt oneerlijk, omdat jij de ervaring beleefd die een ander iemand bedacht heeft, maar waarschijnlijk nooit gaat kunnen ervaren.

Kun je kort iets vertellen over je ervaring in de Dominicaanse republiek?

De Ronde van de Dominicaanse Republiek was de eerste wedstrijd van het seizoen. Het was een sterk bezette koers waar veel Zuid-Amerikaanse klimmers op af kwamen. Het niveau lag hoog en de eerste intensieve wedstrijddagen van het jaar hakten er redelijk in. Na vier dagen kwam ik er eindelijk doorheen en heb ik de hele dag in de kopgroep kunnen rijden. Eerst solo, waarna er na 40 km drie anderen bij aansloten. Half koers draaide de weg van de kust het binnenland in, waardoor er waaiers ontstonden. Ondanks de inspanning die ik al geleverd had kon ik mij redelijk makkelijk in de eerste waaier handhaven. Toen op 30 km voor het einde de eerste klimmetjes begonnen werd ik door materiaalpech achteruit geslagen en lukte het weer niet om een mooi resultaat te boeken.

De vijfde etappe stond aangeduid als de eerste bergetappe van de wedstrijd. Ik had er zin in en kon mij goed handhaven op de eerste klim van de dag. Op de tweede klim van 4 km met een constante stijging van zo’n 15% moest ik de eerste groep laten gaan. In de tweede groep kwam ik boven en vatte ik de afdaling aan. Halverwege de afdaling schatte ik een bocht naar links in, waardoor ik uit de bocht vloog. Ik ben met mijn gezicht tegen een muur aangekomen en heb daarbij 4 nekwervels gebroken, mijn ribben gekneusd en een hersenschudding opgelopen. Van het moment zelf weet ik niets meer. Van horen zeggen heb ik begrepen dat ik een minuut buiten westen ben geweest. Ik ben uiteindelijk weer op mijn fiets gestapt en heb de afdaling afgemaakt op adrenaline. Beneden aangekomen bleek het niet verder te kunnen en ben ik met een ambulance meegenomen en heb daar een nacht in het ziekenhuis gelegen. Ik heb wel eens betere ziekenhuizen van binnen gezien, maar de pijnstillers waren heerlijk.  

Wat voor grote koers/wedstrijden heb je nu op de planning staan?

Door mijn val op de Dominicaanse Republiek heb ik de Ronde van Kameroen moeten missen. Ondanks dat de val slechts twee weken terug was ben ik al wel weer rustig in training. De eerste dagen heb ik nog met een nekbrace om gereden, maar nu gaat het beter zonder. Ik hoop komend weekend de eerste koersen weer te kunnen rijden om zo begin april in de Ronde van Togo redelijk in vorm te zijn. Voor het verdere seizoen ben ik op zoek gegaan naar nieuwe uitdagingen en ik ga daarom begin mei een tweetal wereldbekers rijden als piloot op de tandem en verder wil ik mij wat meer gaan richten op fixed gear wedstrijden. Je hebt dan één versnelling die constant draait, waardoor je je benen niet stil kunt houden. Daarnaast zitten er geen remmen op de fiets, waardoor het een kwestie wordt van sturen wil je overeind blijven in de bochten. Waar ik verder nog veel zin in heb is om met wat vrienden van Budapest naar Bukarest te gaan fietsen door de Karpaten heen. Dat is een berggebied dat loopt door Hongarije, Polen, Oekraïne en Roemenië en het is voor velen een onbekende parel. Hoogtepunt op de route zal de Transfagaran Road zijn, een van de gevaarlijkste wegen van de wereld door zijn bochten, tunnels en geregeld slechte wegdek. Doorlopend tot een hoogte van ruim 2100 meter zal het ook direct een van de mooiste plekken zijn waar we langs fietsen.