Alumniverhaal

Alumna Jolanda de Jong

Jolanda werkt als landschapsontwerper bij Urban Synergy. Na een kort uitstapje naar het onderzoek, volgde zij haar roeping om ontwerper te worden. Zij werkt aan landschappelijke inpassingsstudies, zoals schetsontwerpen voor de transformatie van erven in het buitengebied of de inpassing van een transformatorstation.

In mijn werk merk ik dat ik een grondige analytische blik heb en dat ik goed ben in het verknopen van opgaven, denkrichtingen en oplossingen. De basis daarvoor is overduidelijk mijn Wageningse achtergrond.

Wat ben je gaan doen na het afronden van je studie, en waarom?

Ik ben als onderzoeker gaan werken bij de leerstoelgroep Landschapsarchitectuur aan de WUR. Voor NRGLab deed ik daar onderzoek naar (historische) energielandschappen. Ik werkte onder andere aan een wetenschappelijk artikel over de ruimtelijke impact van energietransities in West-Nederland. Ik wist bij mijn afstuderen dat ik graag bij een ontwerpbureau wilde gaan werken, maar toen ik deze baan voor een half jaar aangeboden kreeg, greep ik deze kans. Zo kon ik verkennen wat ‘onderzoeker zijn’ eigenlijk inhield en wat ik daar eigenlijk van vond.

Hoe ben je uiteindelijk terechtgekomen bij de baan die je nu hebt?

Toen mijn half jaar als onderzoeker bijna afliep, kreeg ik via via te horen dat Urban Synergy (ontwerpbureau voor Stedenbouw en Landschap) een landschapsontwerper zocht. Ik gaf mijn nummer door en ik werd meteen vrijblijvend gevraagd of ik een keer langs wilde komen voor een kopje koffie. Dat deed ik en ik nam direct ook mijn portfolio mee. Hoewel ik nog nooit van dit bureau had gehoord, waren de gesprekken met de oprichters erg fijn. Hun werkwijze sprak me erg aan. Even later ben ik er dan ook als ontwerper aan de slag gegaan.

Aan wat voor projecten en/of opdrachten werk je?

Ik werk voornamelijk aan landschappelijke inpassingsstudies, zoals schetsontwerpen voor de transformatie van erven in het buitengebied, de inpassing van een transformatorstation of de inpassing van een zonneveld. Een heel aantal van mijn ontwerpprojecten is gerelateerd aan technisch ontwerp, zoals de verbreding van een provinciale weg, visie op zonnevelden langs snelwegen of de ruimtelijke inpassing van een snelfietsroute.

Het waarborgen van ruimtelijke kwaliteit staat in mijn projecten vrijwel altijd centraal en ik vind het interessant om te werken aan  duurzame energielandschappen, voornamelijk zonne-energie. Ik werk voornamelijk aan visies en vind het ook leuk om ontwerpprocessen te organiseren. Voor veel projecten halen we eerst informatie op bij de betrokken stakeholders, zoals bij bewoners, de provincie of een natuurfederatie. Tijdens het ontwerpproces betrekken we hen regelmatig, zodat ze mee kunnen denken en het ontwerp uiteindelijk breed gedragen wordt.

Waarom ben je ooit aan deze opleiding begonnen?

Per toeval kwam ik de opleiding tegen toen ik zocht naar een alternatief voor de studie waar ik na de middelbare school aan begonnen was. Voedingsadviseur voor runderen bleek na een jaar studeren toch niet mijn droom. Ik wist niet precies wat Landschapsarchitectuur inhield, maar het idee om te gaan leren over landschappen, ecologie, bodem en water in combinatie met leren tekenen en plannen maken voor onze leefomgeving sprak mij erg aan. Ik heb de gok gewaagd en me ingeschreven. Daar heb ik geen moment spijt van gehad.

Wat vond je het leukst aan de opleiding?

Het leukst vond ik de afwisseling in onderwerpen: van ecologie tot culturele geschiedenis en het werken met Photoshop. Maar ook de afwisseling in leervormen: colleges, ontwerpstudio’s – alleen of in een groepje –, schrijfopdrachten en presentaties. En natuurlijk waren de vele excursies die we hadden niet alleen gezellig, maar ook heel waardevol om je blik op je omgeving te verbreden. Je gaat heel anders naar het landschap kijken en je bouwt een breed referentiekader op.

Wat vond je het meest interessant aan de opleiding?

Het meest interessant vond ik om van heel veel dingen ‘een beetje’ te leren en met die kennis naar het landschap te kijken. Ik leerde om een plek vanuit verschillende hoeken te benaderen, opgaven te herkennen en toe te werken naar ruimtelijke oplossingen. De kracht van de ontwerper om zaken te verhelderen, ruimtelijk bij elkaar te brengen en er een samenhangend verhaal van te maken vind ik heel mooi aan ons vak.

Waar heb je, achteraf gezien, het meest aan gehad tijdens de opleiding?

In mijn werk merk ik dat ik een grondige analytische blik heb en dat ik goed ben in het verknopen van opgaven, denkrichtingen en oplossingen. De basis daarvoor is overduidelijk mijn Wageningse achtergrond. Daarnaast word je gedurende de opleiding getriggerd om op zoek te gaan naar jouw blik op het landschap. Je leert welke aspecten een rol spelen en hoe je jouw bevindingen kunt vertellen en verbeelden. Dat pas ik dagelijks toe.

Welke keuzes tijdens je opleiding hebben je geholpen om te komen waar je nu bent? (Bijvoorbeeld; major/minor, stage, bijbaan, een commissie of bestuur bij een vereniging)

Ik koos tijdens mijn Bachelor de specialisatie Landschapsarchitectuur en ik deed een minor over cultuurhistorie en watermanagement aan Universiteit Utrecht om te verkennen welke onderwerpen mij aanspraken. In mijn tweede en derde jaar ben ik Secretaris en Voorzitter van de studievereniging geweest. Daardoor ben ik op persoonlijk en op sociaal vlak erg gegroeid. Mijn masteropleiding startte ik met een half jaar stage bij H+N+S Landschapsarchitecten waar mijn passie voor het vak werd bevestigd. Voor mijn afstuderen zocht ik een onderwerp dat mij fascineerde, waardoor ik met veel plezier mijn opleiding heb afgerond.

Heb je een gouden tip voor de huidige en toekomstige studenten van de opleiding?

Doe wat je leuk vindt en volg je gevoel! Soms moet je ook minder leuke dingen doen natuurlijk, maar daar heb je, vaak onverwacht, later ook echt weer wat aan.

Je bent ook bezig met de Beroepservaringsperiode, waardoor je uiteindelijk de titel ‘landschapsarchitect’ mag dragen. Kun je daar wat meer over vertellen?

Naast mijn werk doe ik nu ook de Beroepservaringsperiode. In deze periode ontwikkel ik mijzelf van landschapsontwerper tot landschapsarchitect, wat een beschermde titel is in Nederland. Via PEP (Professional Experience Programme) volg ik in twee jaar allerlei modules over de breedte van ons werkveld. Ik vind het leuk om bewust bezig te zijn met mijn vak. De Beroepservaringsperiode zie ik als kans om in relatief korte tijd mijn praktijkervaring aan te scherpen en aan te vullen. Het helpt mij om te reflecteren op welke rol ik als ontwerper heb, zou kunnen hebben en wil hebben in de toekomst.

Terug naar Banen na de opleiding