WUR helpt Barry Callebaut gedurfde duurzaamheidsambities te halen door evaluatiepilots in vijf landen

Testimonial

WUR helpt Barry Callebaut gedurfde duurzaamheidsambities te halen door evaluatiepilots in vijf landen

Wageningen University & Research (WUR) heeft geholpen bij de ontwikkeling van het kader om te evalueren welke benaderingen de potentie hebben een grootschalige bijdrage te leveren aan hogere inkomens voor boeren, minder kinderarbeid en een kleinere CO2-voetafdruk. Dat maakt het voor Barry Callebaut makkelijker om te kiezen welke benaderingen het beste opgeschaald kunnen worden en met wat voor soort boeren samengewerkt kan worden.

Onze streefdoelen zijn buitengewoon ambitieus

Oliver von Hagen, directeur duurzaamheid, mondiale ingrediënten en pilotprojecten bij de Barry Callebaut Group, is verantwoordelijk voor het gedurfde streven van Callebaut om in 2025 100 procent van de grondstoffen duurzaam in te kopen en netto voor méér bos en vastlegging van CO2 te zorgen. De eerste resultaten van de samenwerking met WUR worden verwacht in 2019, maar al in het begin kreeg Callebaut te maken met een onverwachte wending, namelijk hoe ingewikkeld pilots zijn en hoe veel tijd het kost om ze op te zetten:

'Toen we begonnen, wilden we iets doen aan kinderarbeid, aan CO2-uitstoot, aan de armoede van boeren. Voordat je het weet, levert een brainstorm ten minste tien dingen op die je zou willen aanpakken op een boerenbedrijf. Het werd al snel duidelijk dat het wel erg ingewikkeld wordt als je echt tien dingen wilt aanpakken en de impact daarvan wilt inschatten. We moesten het minder ingewikkeld maken, beter te behappen. Zelfs als je naar vijf dingen kijkt, kan het nog knap ingewikkeld zijn. Je moet immers rekening houden met de invloed die de verschillende activiteiten op elkaar uitoefenen.'

Vijf pilotprojecten

Een baseline is erg praktisch. Callebaut verzamelt praktijkgegevens bij boeren in verschillende landen tegelijkertijd. Von Hagen:

'We zijn bezig met vijf pilotprojecten in Indonesië, Brazilië en drie West-Afrikaanse landen: Ghana, Ivoorkust en Kameroen. In deze landen verbouwen ze cacao op een totaal verschillende manier. Sommige problemen overlappen elkaar, maar er zijn ook verschillen. Als je bijvoorbeeld naar ontbossing kijkt, zie je dat in Ghana en Ivoorkust de afgelopen dertig jaar veel bos is vernietigd, terwijl er in Kameroen veel bos is dat moet worden beschermd. Maar ook als je naar de continenten Azië, Zuid-Amerika en Afrika kijkt, zie je grote verschillen. We hebben die landen ook uitgekozen omdat deze producenten voor ons een belangrijke bron van cacao zijn.'

'Het jaar 2025 nadert met rasse schreden en de streefdoelen waar we het over hebben zijn buitengewoon ambitieus. We hebben gekeken naar onze huidige manier van werken. Alhoewel we erg trots zijn op wat we al doen, is het realiseren van onze ambities vóór 2025 buitengewoon uitdagend. Misschien gaat het niet lukken. We kwamen tot de conclusie dat we waarschijnlijk innovatiever moesten worden en meer nieuwe benaderingen moesten testen. Dingen die we niet eerder hadden gedaan of die waarschijnlijk nog nergens anders waren getest of alleen in een andere omgeving, branche of land, maar niet met cacao en niet in de landen waar wij werken. Maar hoe testen we die benaderingen?'

Measuring impact with WUR

Om te begrijpen wat voor impact deze nieuwe benaderingen zouden hebben, had Callebaut een plaats nodig waar degelijke impactevaluaties gedaan konden worden. WUR heeft een goede reputatie op landbouwkundig en duurzaamheidsgebied, en daarom kwamen ze hier uit. Von Hagen:

'Al heel snel was WUR onze voorkeurspartner, ook omdat Callebaut al eerder andere dingen met WUR had gedaan. We hebben een degelijke wetenschappelijke partner nodig om de impact te evalueren van de nieuwe activiteiten die we in de praktijk gaan testen met cacaoboeren: hoe we de boeren met wie we gaan werken selecteren, en hoe we kunnen zorgen dat ze representatief zijn voor een regio, land, teeltomstandigheden, organisatiestructuren en capaciteiten. Dus de steekproefselectie was één ding en het andere was hoe de impact geëvalueerd moest worden. Wat is de baseline, hoe meet je de impact aan het einde van het project en hoe interpreteer je de gegevens?'

De ambities naar beneden bijstellen is geen optie

Ergens 100 procent voor gaan is altijd heel riskant, omdat je jezelf daarmee heel kwetsbaar opstelt. Tegelijkertijd vindt Von Hagen ambities of toezeggingen waar je niet 100 procent voor gaat totaal zinloos, vooral bij kinderarbeid. Ergens 'een beetje kinderarbeid' accepteren is niet beter dan er gewoon niets aan doen. De ambities naar beneden bijstellen is dus geen optie voor Callebaut. Hetzelfde geldt voor ontbossing. Von Hagen:

'Na een paar interne discussies was het vrij duidelijk dat we óf niets doen óf er 100 procent voor gaan, ook al levert dat een flink risico op voor ons. Inmiddels zijn we al tegen problemen in onze toeleveringsketens aangelopen. We moeten een manier vinden om daarmee om te gaan, door bepaalde toeleveringsketens en leveranciers uit te sluiten of door de situatie samen met hen te verbeteren. Die laatste aanpak heeft natuurlijk onze voorkeur, en zo doen we het al in de pilots.'

Het is kortzichtig om deze kwesties niet op een gedurfde manier aan te pakken

Von Hagen is het ermee eens dat voor gedurfde ambities waarschijnlijk flinke investeringen nodig zijn. Maar hij voegt eraan toe dat duurzaam werken niet alleen een kwestie is van luisteren naar wat de maatschappij of beleggers willen: bedrijven zullen uiteindelijk wel moeten, als dat nu al niet het geval is. Je moet verantwoordelijkheid nemen in de toeleveringsketens, en kinderarbeid en ontbossing moet je gewoonweg uitbannen. Het grote punt is natuurlijk dat deze problemen moeilijk in geld om te zetten zijn. Von Hagen:

'De waarde is niet erg tastbaar. Risicobeheer is één ding, en het andere is waarde toevoegen aan je product, aan wat je verkoopt aan de klant. En dan heb je nog regelgeving als derde punt. Veel landen werken aan hun regelgeving op het gebied van milieu, CO2-uitstoot, ontbossing, en ook aan sociale kwesties zoals kinderarbeid. Groot-Brittannië is een voorloper en de EU en de VS zijn hun regelgeving ook aan het veranderen. Duurzaamheidsmaatregelen die zich nu nog in het pilotstadium bevinden, zijn over een paar jaar verplicht. Het is nogal kortzichtig om deze kwesties niet op een gedurfde manier aan te pakken, vind ik.'se issues in a bold way, for me, is somewhat short sighted.’

We waarderen de flexibiliteit van WUR

'Ik ben erg onder de indruk van het werk dat WUR tot nu toe heeft gedaan. We bedelven de WUR-teams onder zo veel en zulke ingewikkelde materie, we hebben nog nooit eerder zo het uiterste gevergd van iemand. Zij helpen ons om dingen te structureren en de KPI's te identificeren waar we naar zouden moeten kijken, enzovoort, enzovoort. We krijgen geweldige ondersteuning, te bedenken dat we werken aan vijf projecten met honderden boeren in elk land. De samenwerking is gunstig voor beide partijen. Ik vind dat het uitstekend gaat. We zijn al begonnen met het bepalen van de baseline, die we begin 2019 aan het hogere management gaan presenteren.'

'We zijn heel blij met de flexibiliteit van WUR. Deze vijf projecten zijn nieuw voor ons. We hadden uiteraard een idee in het begin, en in november 2017 is er een workshop georganiseerd als kick-off. Sindsdien veranderen de ideeën voortdurend. Dat is de realiteit van het werken met boeren in Indonesië, Afrika of Brazilië: dingen veranderen er zo snel. Onze ideeën en de dingen die we wilden doen, zijn anders geworden. We hadden een partner nodig met enige flexibiliteit, waarbij zulke veranderingen mogelijk waren. Dat is allesbehalve vanzelfsprekend in de academische wereld.'