Coronavirus SARS-CoV2 Hoefijzervleermuis

Coronavirus

In de natuur komt een grote variatie aan coronavirussen voor, die in tal van diersoorten ziekte kunnen veroorzaken. Diverse coronavirussen zijn zoönosen: ze kunnen overspringen naar de mens. SARS-CoV-2 is eind 2019 in Wuhan (China) overgesprongen naar de mens en veroorzaakt de ziekte COVID-19.

Wageningen Bioveterinary Research (WBVR) doet onderzoek naar besmettelijke dierziekten in Nederland. Als een onbekende zoönose - zoals het coronavirus - opkomt, kan WBVR daar snel onderzoek naar doen. Monsters van een verdacht dier(soort) worden dan onderzocht via een diagnostische pijplijn die WBVR heeft opgezet voor snelle detectie en karakterisering van nieuwe ziekteverwekkers.

Op diverse manieren werkt WBVR nu mee aan het bestrijden en voorkomen van het coronavirus en de ziekte COVID-19.


1. Diagnostiek bij dieren 

WBVR heeft een diagnostische test beschikbaar voor het testen op het coronavirus bij dieren. Dat doet WBVR uitsluitend in risicosituaties en in overleg met NVWA. In Nederland zijn er besmettingen op nertsenbedrijven aangetroffen, waarvoor WBVR de bevestigingstests uitvoert. Wereldwijd zijn er enkele gevallen bekend van huisdieren die gevoelig zijn voor het coronavirus. Verdere studies zijn nodig om te begrijpen of en hoe verschillende dieren kunnen worden getroffen door het virus.


2. Diagnostiek bij mensen

De diagnostiek van WBVR is gevalideerd om SARS-CoV-2 tests op monsters van humane patiënten uit te kunnen voeren. Sinds april levert WBVR een bijdrage aan het testen van monsters van coronapatiënten. Dat doen we in opdracht van ziekenhuizen, GGD’en en andere zorginstellingen. Per 1 juni is de capaciteit verder opgeschaald, wat eraan bijdraagt dat elke Nederlander met symptomen die duiden op het coronavirus kan worden getest.


3. Vaccinontwikkeling

Samen met Universiteit Utrecht en Intravacc werkt WBVR aan de ontwikkeling van een intranasaal vaccin tegen het coronavirus. Het vaccin zal bestaan ​​uit een Newcastle Disease Virus (NDV) vector die het spike-eiwit (S) van SARS-CoV-2 tot expressie brengt. De virale vectortechnologie en dierfaciliteiten van WBVR worden hiervoor ingezet.


4. Testen van vaccins en antivirale middelen

WBVR en de Coalition for Epidemic Preparedness Innovations (CEPI) werken samen aan de bestrijding en het voorkomen van het coronavirus. WBVR zal preklinische modellen voor SARS-CoV-2 ontwikkelen, zodat vaccins en antivirale middelen tegen het virus op werkzaamheid en veiligheid kunnen worden getest.


5. Onderzoek naar desinfectantia en diagnostica

WBVR ontwikkelt methoden om de effectiviteit van desinfectantia voor het inactiveren van verschillende coronavirussen te testen. Onderzoek moet uitwijzen of desinfectantia die werken tegen eerder bekende coronavirussen bij landbouwhuisdieren (IBV, PEDV en TGEV) ook werken tegen SARS-CoV-2.

In samenwerking met diverse partners ontwikkelt WBVR diagnostische tests om coronavirus infecties aan te tonen in diverse diersoorten, en ook voor het aantonen van antistoffen tegen het coronavirus in die diersoorten.


6. (Inter)nationaal samenwerken en expertise delen

  • WBVR neemt deel aan de World Health Organization (WHO) COVID-19 werkgroep rond de ontwikkeling van diermodellen voor het testen van effectiviteit en veiligheid van nieuwe vaccins.
  • Wageningen University & Research (en daarmee WBVR) is partner van the Netherlands Centre for One Health (NCOH). Dit is een open innovatienetwerk van vooraanstaande Nederlandse academische onderzoeksinstituten die samenwerken aan het thema One Health.
  • WBVR maakt onderdeel uit van de COVID-19 deskundigengroep dierziekten van het ministerie van Landbouw Natuur en Voedselkwaliteit.
  • In het Signaleringsoverleg Zoönosen (SO-Z) stemmen veterinaire onderzoekers, waaronder van WBVR, voortdurend af met volksgezondheidonderzoekers van met name RIVM en GGD.

Vragen en antwoorden over het coronavirus

Bij welke dieren komt het coronavirus voor?

In de natuur komt een grote variatie aan coronavirussen voor, die in tal van diersoorten ziekte kunnen veroorzaken. Bijvoorbeeld canine coronavirus (CCV) bij honden, feline corona (FCV) bij katten, porcine epidemic diarhea virus (PEDV), transmissible gastroenteritis virus (TGEV) en porcine respiratory coronavirus (PRCV) bij varkens en infectieuze bronchitis virus (IBD) bij kippen. Dit zijn veelal diersoort specifieke virussen en niet op de mens overdraagbaar.

Draagt elke vleermuis dit coronavirus bij zich?

Er zijn 1200 soorten vleermuizen op de wereld en het gaat om grote aantallen: een kwart van alle zoogdieren is een vleermuis. Vleermuizen tolereren virussen. Virussen zitten in hun lijf, ze bestrijden ze niet, maar ze worden er ook niet ziek van. In zijn natuurlijke omgeving geeft de vleermuis het virus door aan een zogenaamd gastdier. Dat kan door bijten zijn, maar ook via ontlasting of bloed. Elk vleermuissoort is gevoelig voor een eigen spectrum aan virussen. De Chinese Hoefijzervleermuis is vermoedelijk drager van SARS-CoV-2. Bij deze vleermuis zijn eerder virussen aangetroffen die een zeer grote gelijkenis vertonen, zoals SARS.

Zijn alle coronavirussen schadelijk voor de mens?

Bij mensen veroorzaken coronavirussen doorgaans gelukkig alleen een verkoudheid. Coronavirussen die van dieren naar mensen overspringen, kunnen daarentegen wél ernstige ziekte veroorzaken. Dit kwam eerder voor bij de coronavirussen die SARS en MERS veroorzaken; ernstige luchtweginfecties die dodelijk kunnen zijn bij mensen, en in 2019/2020 bij SARS-CoV-2.

Waar komt het huidige virus SARS-CoV-2 vandaan?

Resultaten van onderzoek naar de oorsprong van het virus wijzen erop dat de eerste patiënten het virus op een markt in Wuhan (China) opliepen. Bij het schubdier, een exotische diersoort, is een coronavirus gevonden dat gelijkenis vertoont met SARS-CoV-2. Op dit dier wordt in China soms illegaal gejaagd en daarna wordt het verhandeld. Het is mogelijk dat het coronavirus van de vleermuis via deze tussengastheer is overgesprongen naar de mens. Vervolgens is het virus zich gaan verspreiden van mens op mens, via de lucht en contact met besmette oppervlakken.

Kunnen huisdieren besmet raken?

De kans is erg klein dat (landbouw)huisdieren besmet raken met het coronavirus SARS-CoV-2. Varkens en kippen konden in onderzoeken niet geïnfecteerd worden met SARS-CoV-2. Bij honden zijn enkele malen infecties gevonden. Katten lijken gevoeliger voor het virus. En in Nederland zijn besmettingen van nertsen op nertsenbedrijven vastgesteld. Er hebben waarschijnlijk besmettingen van nertsen op mensen plaatsgevonden. De bedrijven worden geruimd. Aangeraden wordt om de algemene hygiënemaatregelen in acht te houden, en als je COVID-19 klachten hebt de verzorging van (huis)dieren over te dragen aan een iemand anders.  

Kan voedsel besmet raken?

Bij enkele slachterijen in Nederland zijn besmettingsgevallen van personeel met het coronavirus bekend. Er is geen bewijs dat voedsel, zoals vlees, een bron is om het coronavirus over te dragen. Het virus heeft mens of dier nodig om in leven te blijven en te groeien. Dat kan niet in voedsel. Bovendien zijn er momenteel geen infecties van het coronavirus bekend bij bijvoorbeeld varkens, koeien en kippen. 

Is er een vaccin beschikbaar?

Er zijn momenteel géén vaccins voor dieren of mensen beschikbaar. Internationaal wordt hard gewerkt aan een vaccin. Er zijn diverse samenwerkingen tussen onderzoeksinstituten voor vaccinontwikkeling, zoals in het samenwerkingsverband CEPI. De wereldgezondheidsorganisatie (WHO) coördineert internationaal vaccinonderzoek.

Hoe duurt het voordat er een vaccin beschikbaar is?

Met kandidaat-vaccins zijn goede eerste resultaten geboekt. Maar die vaccins kunnen niet zomaar grootscheeps worden ingezet. Het is nodig om eerst preklinische studies te doen in het laboratorium. Testen van vaccins op één dier en dan een groep dieren, vervolgens op één mens en dan een groep mensen, en de resultaten nauwkeurig monitoren. Die veiligheidstrajecten zijn er niet voor niets. De werking én veiligheid van een vaccin moet grondig onderzocht worden. Normaal duurt dit jaren. Er wordt op ingezet om dit zoveel mogelijk te versnellen, maar dan nog hebben veiligheidstrajecten wel een jaar nodig.  

Dossier

Lees over al het onderzoek dat Wageningen University & Research (WUR) verricht in dit dossier: