Vogelgriep bij koeien: hoe zorgelijk is dat?

Het vogelgriepvirus heeft dit jaar in Nederland voor het eerst een koe besmet. Bij de vogelgriepgolf onder koeien in de VS raken ook mensen besmet. Kan dat in Europa ook gebeuren? Kunnen mensen elkaar besmetten? Is er kans op een pandemie?
Dit artikel is een samenwerking tussen Wageningen World en KennisOnline Magazine
Lange tijd trof het vogelgriepvirus H5N1 vrijwel alleen wilde vogels en pluimvee, maar zo’n vijf jaar geleden kregen nieuwe, zeer besmettelijke varianten van het virus de overhand. De sterfte onder vogels nam flink toe maar ook zoogdieren begonnen de ziekte te krijgen, zoals vossen, dassen en zeehonden die geïnfecteerde vogels aten of in contact kwamen met vogelpoep. Ook werden besmettingen en sterfgevallen onder huiskatten vastgesteld. ‘Al die gevallen staan op zichzelf en zijn relatief zeldzaam. We zagen tot voor kort geen verspreiding van zoogdier naar zoogdier’, zegt Mónika Ballmann, viroloog bij Wageningen Bioveterinary Research (WBVR). Als hoofd van het Nationaal Referentielaboratorium voor Aviaire Influenza is zij verantwoordelijk voor de diagnostiek van vogelgriep.
In 2024 veranderde het beeld, toen in de VS een golf van besmettingen onder koeien rondging. ‘Dat was de eerste grootschalige uitbraak onder zoogdieren, veroorzaakt door een Amerikaanse vogelgriepstam’, zegt onderzoeker Luca Bordes, die zich bij WBVR richt op vogelgriepinfecties bij zoogdieren. Hij ontdekte dat ook de Europese H5N1-stammen zich kunnen vermenigvuldigen in het luchtwegepitheelcellen van runderen. Het werd al snel duidelijk dat koeien van het virus meestal alleen milde griepverschijnselen krijgen. De melk ondergaat een standaard behandeling die het virus onschadelijk maakt voor consumenten.
“Tot nu toe is dit de enige infectie bij koeien buiten de VS”
In de VS werden echter niet alleen koeien, maar ook mensen besmet. Het aantal besmettingen ligt inmiddels rond de zeventig. Net als bij koeien, verloopt de ziekte bij de meeste mensen relatief mild. Zij krijgen vaak een oogontsteking. Wereldwijd nemen nu de zorgen toe dat vogelgriep zich steeds meer aanpast aan zoogdieren. Dat betekent dat meer wilde zoogdieren, landbouwhuisdieren en mensen getroffen kunnen worden. ‘Als dat gebeurt, ligt een pandemie op de loer’, zegt Bordes.
Nederland werd in januari 2026 voor het eerst opgeschrikt door het bericht dat er antilichamen tegen vogelgriep waren aangetroffen bij een koe. Ballmann en Bordes beantwoorden enkele van de vragen die dit oproept.
Hoe is ontdekt dat deze Nederlandse koe besmet was met het vogelgriepvirus?
Ballmann: ‘Dat gebeurde via een zieke kat, die toegang had tot het weiland en de stal van de koeien. Toen deze kat in december 2025 aan griepverschijnselen overleed, ontstond het vermoeden van vogelgriep. Een PCR-test bevestigde dit. Mogelijk heeft de kat vogelgriep opgelopen door het eten van een dode vogel. Op dit Friese bedrijf had één koe ook vlak daarvoor symptomen van uierontsteking gehad. De melk van deze koe was ook dikker dan normaal en gelig van kleur. Dat was geen alarmsignaal voor de boer of de dierenarts, omdat uierontsteking ook vaak door andere ziekten wordt veroorzaakt. Maar zodra vogelgriep in vogels wordt vastgesteld, testen we ook andere gevoelige diersoorten, zoals melkkoeien.

‘In eerste instantie werden melkmonsters onderzocht. Deze testen waren negatief, wat betekende dat er op dat moment geen actieve virusinfectie was. Maar één monster testte duidelijk positief op antilichamen tegen het H5N1-virus. Dit wijst op een eerdere infectie. Er waren nog een paar twijfelgevallen, daarom volgde een tweede bemonstering. Van alle koeien verzamelden we bloedmonsters, en van alle melkgevende koeien verzamelden we melkmonsters. Daaruit bleek dat er meerdere koeien besmet waren geweest.’
Hoe kunnen koeien het virus oplopen?
Ballmann: ‘Nederland had in die periode te maken met een duidelijke piek in vogelgriepgevallen bij wilde vogels. De eigenaar van het bedrijf had ook veel dode wilde vogels gezien in de omgeving. Dus de kans was groot dat er virusdeeltjes in de omgeving aanwezig waren. Die kunnen via verschillende routes de stal binnenkomen. Het virus kan meeliften met schoenen of bijvoorbeeld in de vacht van ratten en muizen zitten. Overdracht is ook mogelijk via het voer en het drinkwater. Maar in dit geval is het waarschijnlijker dat de koeien besmet zijn geraakt door contact met vogelpoep of met dode vogels in het weiland. De koeien op dit bedrijf hadden tot eind november in de wei gelopen.’
Bordes: ‘We weten uit experimenten dat de infectie bij koeien ook via de uier kan gaan. De melkmachine speelt daarbij waarschijnlijk een belangrijke rol. Tijdens het melken komen uiers, melk en apparatuur voortdurend met elkaar in contact. Al deze factoren kunnen bijdragen aan de verspreiding van het virus tussen koeien. We onderzoeken nog welke route in de praktijk het belangrijkst is. We doen dit in de streng beveiligde laboratoria in de High Containment Unit van WBVR in Lelystad.’
Verspreidt het vogelgriepvirus zich nu onder koeien in Nederland?
Ballmann: ‘We hebben geen actieve virusinfectie meer gevonden op het getroffen bedrijf en er zijn nog geen andere bedrijven waar koeien positief testen op antilichamen tegen het virus. Bij een infectie onder pluimvee testen we namelijk ook bij melkvee in de buurt. Tot nu toe is dit de enige infectie bij koeien buiten de VS.’
In Amerika verspreidt het virus zich wel onder runderen. Waarin verschilt de situatie daar van die in Nederland?
Ballmann: ‘De vogelgriep in Amerika komt net als hier door een H5N1-virus, maar de genetische samenstelling verschilt van de Europese variant. In 2021 is een Europese stam in Amerika terechtgekomen, die zich daar sterk verspreidde en genen ging uitwisselen met Amerikaanse stammen. Dat doen vogelgriepvirussen vaker; het is een snelle vorm van evolutie. Daaruit zijn virusvarianten ontstaan die makkelijk onder koeien rondgaan. We hebben deze varianten in Europa nog niet gezien.’
Bordes: ‘In Amerika ging het ontzettend hard. Er zijn inmiddels meer dan duizend melkveebedrijven besmet geraakt, verspreid over achttien staten. Nu is de bedrijfsstructuur in Amerika wel anders. Daar wordt veel gehandeld tussen bedrijven. Hier proberen we het vervoer van dieren zoveel mogelijk te beperken uit ethisch oogpunt. In Nederland zijn de bedrijven bovendien kleiner, met ongeveer honderd tot tweehonderd koeien.’
In de VS raakten koeien én mensen besmet en in Azië zijn eerder zelfs doden gevallen. Zijn mensen net zo vatbaar voor vogelgriep als koeien?
Bordes: ‘In de VS werden de ziektegevallen waarschijnlijk veroorzaakt door intensief contact tussen koeien en mensen en in Azië tussen kippen en mensen. Maar het virus is niet optimaal aangepast aan zoogdiercellen. Er zijn nog geen aanwijzingen dat mensen elkaar kunnen besmetten. Als dat wel gebeurt, dan hebben jonge kinderen, ouderen en mensen met een verzwakt immuunsysteem meer kans op ernstigere ziekte, net als bij elke griep. Niet iedereen die besmet raakt wordt ziek.’
“Het virus is niet optimaal aangepast aan zoogdiercellen”
Is het mogelijk dat er een vogelgriepvirus ontstaat dat wel van mens naar mens overspringt?
Ballmann: ‘Nu vogelgriep zich onder koeien in Amerika verspreidt, neemt het risico toe dat het virus zich verder aanpast aan zoogdiercellen. Dan kan het efficiënter zoogdieren infecteren en makkelijker overdraagbaar worden. Dat scenario is de belangrijkste zorg bij de huidige ontwikkelingen.’
Bordes: ‘Wat het vooral lastig maakt, is dat het virus voortdurend verandert. Het vogelgriepvirus is bovendien grotendeels gelijk aan de virussen die griep veroorzaken bij mensen en varkens. Als vogelgriep, varkensgriep of mensengriep dezelfde gastheer infecteren, kunnen gensegmenten worden uitgewisseld, waardoor een volledig nieuw virus ontstaat met potentieel gevaarlijke eigenschappen. Op die manier zijn eerdere grote grieppandemieën begonnen, zoals de Spaanse griep.’
Overal ter wereld komen mensen en dieren veel met elkaar in contact. Wat kunnen we doen om uitbraken onder mensen te voorkomen?
Ballmann: ‘Het is moeilijk te voorspellen hoe het virus zich zal ontwikkelen. Daarom blijven we de situatie goed monitoren. In Nederland worden dood gevonden wilde vogels onderzocht om veranderingen in het virus vroegtijdig te detecteren. Ook levende, wilde vogels worden gemonitord door het Vogeltrekstation en het Erasmus MC. Door beide methoden krijgen we een beter beeld van de virusvarianten die rondgaan in de natuur. Daarnaast zijn we bezig met het screenen van koeien uit verschillende gebieden in Nederland om te achterhalen of er meer besmettingsgevallen zijn geweest. En verder moeten we het hebben van onze snelle diagnostiek bij elke verdenking van vogelgriep, bij vogels én zoogdieren.’
Van verdenking tot vaccin: zo onderzoeken we vogelgriep

Bekijk de video
Volg Wageningen University & Research op social media
Blijf op de hoogte en lees meer op onze social kanalen.