Ga naar de inhoud
LongreadPublicatiedatum: 4 maart 2026

De zeespiegel staat veel hoger dan vaak werd aangenomen. Hoe kan dat?

Als Philip Minderhoud in 2015 door Vietnam reist, merkt hij dat er iets niet klopt. Minderhoud werkt aan zijn promotieonderzoek naar bodemdaling in de Mekong-delta, een van de grootste delta’s ter wereld. Hij heeft een aantal kaarten bij zich die laten zien hoe hoog het land zou moeten liggen. Anderhalve meter boven het zeeniveau, op sommige plekken twee meter, volgens de kaarten. 

Minderhoud kijkt eens om zich heen, in de uitgestrekte delta. Het landschap is zo plat als een pannenkoek. En bijna overal waar hij kijkt, ziet hij hetzelfde: het peil staat veel hoger dan de landkaarten aangeven. Het oppervlaktewater, dat in directe verbinding staat met de zee, staat op veel plekken niet anderhalve meter maar slechts een paar decimeter onder het maaiveld. De kaarten komen totaal niet overeen met de werkelijkheid. En dat ligt niet aan het weer, of aan de getijden. 

De kaarten die Minderhoud in Vietnam bekijkt, komen uit rapporten van internationale instanties. Hoe kan het, vraagt hij zich af, dat deze rapporten zo’n verkeerd beeld geven? En hoe wijdverspreid zijn deze onnauwkeurigheden? In de jaren die volgen, duikt hij steeds dieper in de berekeningen achter de hoogte van de zeespiegel ten opzichte van de hoogte van het land. 

Het NAP van Vietnam

In Nederland is de hoogte van de zeespiegel geen raadsel. Nederland gebruikt al sinds het einde van de 19e eeuw het Normaal Amsterdams Peil (NAP) als referentiekader voor hoogtemetingen van het land. Nieuwerkerk aan de IJssel ligt 6,78 meter onder NAP, de Vaalserberg 322 meter erboven. Veel mensen denken dat dit peil gelijk is aan de hoogte van de zee, maar inmiddels is de zeespiegel gestegen naar ongeveer 10 centimeter boven NAP. Een huis op 1,50 meter boven NAP ligt in feite dus zo’n 1,40 meter boven het huidige gemiddelde zeeniveau voor de Nederlandse kust. 

In veel andere landen, vooral in het mondiale zuiden, ligt het een stuk ingewikkelder. Daar zijn vaak minder openbare gegevens beschikbaar. Als kustonderzoekers willen weten hoe hoog het water staat (ten opzichte van het land) voor de kust van deze gebieden, maken ze daarom vaak gebruik van een andere methode: ze nemen aan dat de lokale zeespiegelhoogte gelijk is aan geoïde-modellen. Dit zijn wiskundige modellen die het zeeniveau op de aardbol aangeven aan de hand van de zwaartekracht en de rotatie van de aarde. Ze tonen als het ware de hoogte van de ‘rustige oceaan’. 

Wat in deze modellen niet wordt meegenomen, zijn andere factoren die lokaal de zeespiegel beïnvloeden. Wind, getijden en stromingen, bijvoorbeeld, en de temperatuur van het zeewater. Het valt dus te verwachten dat de daadwerkelijke gemiddelde zeespiegel aan de kust afwijkt van wat een geoïde-model aangeeft. In het onderzoeksveld van de oceanografie is dit algemeen bekend. 

Philip Minderhoud, Associate Professor Bodemdaling & Relatieve Zeespiegelstijging in Delta's en Kustgebieden
Guy Ackermans

Philip Minderhoud, universitair hoofddocent bij Wageningen University & Research

De verschillen tussen wereldwijde geoïde-modellen en directe metingen zijn relatief klein voor bijvoorbeeld Noord-Europa en de oostkust van de Verenigde Staten, zegt Minderhoud: ‘Hierdoor zou het kunnen dat westerse kustonderzoekers, als ze dit soort modellen vergeleken met metingen in hun eigen “achtertuin”, tot de conclusie kwamen dat de geoïde ook nauwkeurig genoeg was voor hun analyses van andere regio’s. Misschien waren ze zich er daardoor niet helemaal van bewust dat de verschillen tussen de modellen en de daadwerkelijke metingen op andere plekken in de wereld veel groter kunnen zijn.’

Vooral voor veel zuidelijke delen van de wereld is het verschil tussen de geoïde en de daadwerkelijk gemeten zeespiegel vaak een stuk groter dan voor het westen. Dat heeft twee oorzaken. Allereest zijn er in het mondiale zuiden doorgaans minder data beschikbaar om geoïde-modellen mee te berekenen, waardoor de berekeningen minder nauwkeurig zijn. Ten tweede bestaat er op die plekken vaak een sterkere oceaandynamiek, waardoor de lokale zeespiegelhoogte meer wordt beïnvloed door bijvoorbeeld de stroming, getijden en dominante windrichting. Het is in die regio’s dus van groot belang om ook met directe zeespiegelmetingen te werken. 

Daar komt nog iets bij, zegt Minderhoud: ‘Om iets te kunnen zeggen over de impact van de stijging van de zeespiegel op de kust, moet je weten hoe hoog de zee staat én hoe hoog het land zelf is. Beide worden wereldwijd gemeten door satellieten, maar het zijn andere satellieten en de metingen worden gedaan ten opzichte van een ander referentievlak.’ Om de metingen van het landniveau en die van het zeeniveau op een juiste manier aan elkaar te knopen moeten onderzoekers dan ook een conversie toepassen. 

Binnen de geodesie (de wetenschap van het meten van de zwaartekracht en de vorm van de aarde) is zo’n conversie heel gebruikelijk, maar het is een vrij technische stap. ‘Je wil de hoogte van je land ten opzichte van de zee weten. Dan moet je eerst het referentievlak tussen de verschillende datasets gelijktrekken. Vervolgens kun je op een juiste manier de relatieve hoogte tussen de twee bepalen.’ 

Our sea-level rise impact assessments underestimate sea level

Deze (Engelstalige) video legt uit hoe veel wetenschappelijke studies de hoogte van de zeespiegel onderschatten. 

385 studies

Voor het berekenen van de impact van zeespiegelstijging op de kust hebben wetenschappers dus niet alleen nauwkeurige metingen nodig, ze moeten ook de metingen van het land afstemmen op die van de van de zee. Minderhoud doet er een aantal jaar over om alle puzzelstukjes te verzamelen voor zijn berekeningen van de Mekong-delta in Vietnam.

In 2019 publiceert hij zijn resultaten in Nature Communications: de delta ligt ongeveer anderhalve meter lager boven het lokale zeeniveau dan eerdere internationale studies concludeerden. ‘Onze resultaten suggereren grote onzekerheden in de berekeningen van de impact van zeespiegelstijging, zowel voor de Mekong-delta als de rest van de wereld,’ schreef Minderhoud met een vooruitziende blik. ‘De onjuistheden kunnen hoger zijn dan een eeuw aan zeespiegelstijging.’

In de jaren die volgden, groeide Minderhouds vermoeden dat de zeespiegelstijgingsanalyses van veel wetenschappelijke studies er mogelijk naast zaten. De Duitse geograaf Katharina Seeger, die wordt begeleid door Minderhoud, ontdekte tijdens haar promotieonderzoek bijvoorbeeld dat de onjuistheden ook speelden in de Ayeyarwady-Delta in Myanmar. 

Gezamenlijk besluiten Minderhoud en Seeger om systematisch wetenschappelijke studies naar de kwetsbaarheid van kustgebieden voor zeespiegelstijging onder de loep te nemen. Wat voor Seeger begint als een nevenproject naast haar promotieonderzoek, groeit al gauw uit tot een enorme, complexe opdracht. Het onderzoek zal in totaal meer dan twee jaar duren.

Katharina Seeger

Katharina Seeger, geograaf bij Wageningen University & Research

Seeger en Minderhoud gaan op zoek naar wetenschappelijke literatuur, gepubliceerd tussen 2009 en 2025, op het gebied van onder meer kwetsbare kustgebieden en zeespiegelstijging. Van de tienduizenden publicaties die aan die zoekopdracht voldoen, blijven uiteindelijk 385 relevante publicaties over. Daar komen nog vele honderden onderliggende studies en aanvullende studies bij waarnaar wordt verwezen voor methoden. ‘Er hangen echt gigantische spreadsheets achter onze studie’, zegt Minderhoud. ‘Daar heeft Katharina zich helemaal in vastgebeten, om alles tot in de puntjes uit te zoeken en vast te leggen.’ 

De systematische review van al die publicaties bevestigt hun oorspronkelijke vermoeden: 99% van de studies naar de kwetsbaarheid van de kust voor (onder meer) zeespiegelstijging gebruikt geen zeespiegelmetingen, combineert ze op onjuiste wijze of beschrijft de methodologie niet voldoende. De meeste studies (meer dan 90%) keken alleen naar de hoogte van het land en namen aan dat het huidige zeeniveau gelijk stond aan de geoïde. Daardoor werd de hoogte van de zeespiegel aan de kust vaak te laag ingeschat. Van de studies die wel gebruik maakten van zeespiegelmetingen, deed een deel dit op een onjuiste manier of waren de beschrijvingen van de methode niet compleet. 

Nu, in maart 2026, publiceren Minderhoud en Seeger hun bevindingen in het gerenommeerde wetenschappelijke tijdschrift Nature. Volgens hun nieuwe analyse, waarin de conversie wel correct is toegepast, staat de zeespiegel ten opzichte van de kust bijna overal ter wereld hoger dan in veel studies werd aangenomen. In sommige regio’s, zoals in zuid-oost-Azië en de Indo-Pacifische regio, staat het water soms wel één tot twee meter hoger dan eerder aangenomen. Het tegenovergestelde komt ook voor: in enkele regio’s, vooral rond Antarctica, staat de zeespiegel iets lager. 

Blinde vlek

Hoe kan het dat zoveel wetenschappelijke studies de zeespiegel bleven baseren op geoïde-modellen, terwijl er al zeker twintig jaar nauwkeurigere, wereldwijde metingen van de zeespiegel beschikbaar waren? Mogelijk had dit te maken met het feit dat de meeste prominente studies werden uitgevoerd door westerse wetenschappers, die bekend waren met de betrouwbare uitkomsten van geoïde-modellen in hun eigen regio’s. Daardoor zagen zij misschien niet de noodzaak om in hun analyses directe zeespiegelmetingen te gebruiken. Als gevolg van deze aanname werd de kwetsbaarheid van de kust van zuid-oost-Azië en de Indo-Pacifische regio in deze studies het meest onderschat. 

Een andere mogelijke oorzaak: de blinde vlek bevindt zich precies tussen een aantal wetenschappelijke disciplines in. Minderhoud ziet dat wetenschappers zich vaak op hun eigen vakgebied focussen: ‘Onderzoekers die zich bezighouden met de hoogte van het land of de zeespiegel proberen de hoogtemodellen zo nauwkeurig mogelijk te maken. Het koppelen van data is voor hen heel gebruikelijk. Maar het lijkt erop dat hun data en kennis pas heel recent en mondjesmaat het kustonderzoek bereikten. In dat vakgebied waren wetenschappers zich er vaak niet van bewust dat het nodig is om verschillende metingen van het land en de zee aan elkaar te knopen.’ 

Als het aan Minderhoud en Seeger ligt, zal het gebruik van geoïde-modellen voor het meten van de zeespiegel in kustonderzoek niet meer nodig zijn. De Wageningse onderzoekers hebben met behulp van supercomputers vier wereldwijde hoogtemodellen op de juiste manier gekoppeld aan de meest recente zeemetingen. De resulterende datasets zijn openlijk beschikbaar, zodat landen en organisaties direct nauwkeurigere kustanalyses kunnen uitvoeren. Minderhoud hoopt dat deze koppeling van land- en zeemetingen de nieuwe standaard zal worden in kustonderzoek. 

Tangerang, Indonesia - January 1, 2020: The border between Tangerang and Jakarta
Irfan Meidiant, Shutterstock

Ondergelopen straten in Tangerang, Indonesië

Overstromingsgevaar

De bevindingen van Seeger en Minderhoud zullen waarschijnlijk niet alleen impact hebben in de wetenschappelijke wereld, maar ook daarbuiten. Wereldwijd staat de zeespiegel aan de kust gemiddeld zo’n 30 centimeter hoger dan waarmee in het merendeel van de onderzochte studies werd gerekend. Dit betekent dat er in werkelijkheid veel meer mensen in laaggelegen gebieden wonen, dichtbij zeeniveau. Als de zeespiegelstijging doorzet als gevolg van klimaatverandering, kunnen er dus meer mensen direct door worden geraakt dan tot nu toe vaak werd aangenomen.  

Moeten landen zoals Vietnam of tropische eilandengroepen zoals de Malediven nu hun hele beleid omgooien? Moeten ze met spoed dijken gaan bouwen, omdat de lokale zeespiegel al veel hoger staat dan de analyses aangaven? Dat hangt er maar net vanaf, zegt Minderhoud: ‘In de Mekong-delta vertrouwde de Vietnamese overheid al op eigen, nauwkeurigere data en projecties, niet op internationale studies. Daar zal de impact van de nieuwe bevindingen dus minder groot zijn. Maar het is op dit moment onbekend of dat voor alle landen geldt.’ 

‘Onze publicatie laat zien hoe we onze studies naar de impact op kustgebieden kunnen verbeteren. Zo werkt de wetenschap,’ concludeert Minderhoud. ‘Nu we deze blinde vlek hebben ontdekt, kan de wetenschappelijke gemeenschap nauwkeurigere inschattingen maken voor kustgebieden en steden over de hele wereld. Dat helpt bijvoorbeeld om te bepalen welke gebieden het meest kwetsbaar zijn voor toekomstige zeespiegelstijging en waar kustmaatregelen het meest dringend nodig zijn.’

‘Onze bevindingen kunnen ook van belang zijn voor overheden en beleidsmakers, vooral in de meest kwetsbare regio’s. Zij kunnen er goed aan doen om na te gaan of de aandachtspunten die wij hebben ontdekt invloed hebben gehad op de informatie die ze tot nu toe hebben gebruikt. Dat kan relevant zijn voor hun strategieën voor bescherming tegen zeespiegelstijging.’

Want ondertussen blijft de zeespiegel stijgen.

Heeft u een vraag?

Heeft u een vraag over zeespiegelstijging? Neem dan contact op met onze expert.

dr. PSJ (Philip) Minderhoud

Associate Professor Bodemdaling & Relatieve Zeespiegelstijging in Delta's en Kustgebieden

Klimaatbestendige toekomst

Om bestand te zijn tegen de gevolgen van klimaatverandering, zijn aanpassingen nodig: van groene steden tot natuur-inclusieve landbouw.

Ga naar thema Klimaatbestendige toekomst