Meer groentediversiteit nodig voor gezondere voeding en klimaatbestendige landbouw

- prof.dr. ME (Eric) Schranz
- Hoogleraar Biosystematiek
Een internationaal team van wetenschappers roept op om de diversiteit aan groenten wereldwijd beter te behouden en benutten. Meer diversiteit kan bijdragen aan gezondere voeding en een weerbaarder voedselsysteem. Onderzoekers van Wageningen University & Research (WUR) spelen hierin een voortrekkersrol.
In de studie die is gepubliceerd in de Proceedings of the National Academy of Sciences (PNAS) laten de onderzoekers zien hoe een grotere diversiteit aan groenten kan bijdragen aan gezondere voeding en de landbouw weerbaarder kan maken tegen klimaatverandering. Met groentebiodiversiteit bedoelen zij alle groentesoorten, traditionele rassen en hun wilde verwanten.
Te weinig groenten, te weinig variatie
Mensen eten wereldwijd bijna 40 procent minder groenten dan de Wereldgezondheidsorganisatie adviseert. Ook is de wereldwijde productie onvoldoende om aan de aanbevolen hoeveelheid te voldoen. Een lage groenteconsumptie behoort bovendien tot de vijf belangrijkste voedingsgerelateerde risicofactoren die bijdragen aan de wereldwijde ziektelast. Tegelijk kan meer dan een op de drie mensen zich geen gezond voedingspatroon veroorloven. Dat benadrukt hoe belangrijk het is om groenten betaalbaarder en toegankelijker te maken.
Alleen meer produceren van de groenten die nu het meest worden geteeld, is volgens de onderzoekers niet genoeg. Veel traditionele en onderbenutte groenten zijn rijk aan vitaminen en mineralen. Ze zijn goed aangepast aan lokale omstandigheden en hebben een vaste plek in lokale eetculturen. Die diversiteit is ook belangrijk voor de veredeling: traditionele rassen en wilde verwanten bevatten eigenschappen die veredelaars kunnen gebruiken om groenten te ontwikkelen die beter bestand zijn tegen hitte, droogte, plagen en ziekten.
“Alleen meer groenten verbouwen is niet genoeg. We moeten ook meer verschillende groentesoorten telen”, zegt Eric Schranz, hoogleraar biosystematiek aan Wageningen University & Research. “Een groot deel van de groentebiodiversiteit die we nodig hebben, is nog te vinden in traditionele rassen en hun wilde verwanten. We moeten deze diversiteit veiligstellen en ervoor zorgen dat ze ook daadwerkelijk wordt benut: in de veredeling, door boeren en voor gezondere voedingspatronen in een veranderend klimaat.”
Een rijkdom aan onderbenutte groenten
De onderzoekers hebben wereldwijd meer dan 1.480 eetbare groentesoorten geïdentificeerd. Het werkelijke aantal ligt volgens hen waarschijnlijk nog hoger. Veel van deze soorten zijn nauwelijks onderzocht en worden weinig gebruikt, terwijl ze belangrijk zijn voor lokale voedingspatronen en landbouwsystemen.
De studie maakt gebruik van informatie over veel gegeten en onderbenutte soorten die wordt weergegeven op de World Food Map. De World Food Map is een interactieve informatiebron die de diversiteit en verspreiding van eetbare soorten wereldwijd in kaart brengt. Medeauteurs Anna Herforth, Visiting Associate Professor bij Wageningen University & Research, en Chris Vogliano, postdoctoraal onderzoeker in Wageningen, leiden de ontwikkeling ervan.

Figuur 1: De Global Food Group Metrics laten het aandeel van groenten en granen zien binnen voedingspatronen, gewasproductie, onderzoek en gewasbiodiversiteit.
Binnen die grote diversiteit noemt de studie onder meer spider plant in Afrika, bittermeloen in Azië, slippery cabbage in de Stille Oceaanregio en de eetbare bladeren van pompoen, zoete aardappel en cowpea. Veel van deze gewassen zijn rijk aan vitaminen en mineralen, aangepast aan moeilijke groeiomstandigheden en belangrijk binnen lokale eetculturen. Toch krijgen ze slechts een fractie van de aandacht voor onderzoek, veredeling en behoud die uitgaat naar wereldwijd verhandelde groenten en belangrijke graangewassen.
Door inzichtelijk te maken welke groenten het meest relevant zijn voor verschillende regio’s en klimaatuitdagingen, kan de studie onderzoekers, professionals en beleidsmakers helpen om prioriteiten te stellen voor behoud, veredeling en breder gebruik. Tegelijkertijd verdwijnen veel van deze bronnen al. Studies laten zien dat de verscheidenheid aan geteelde traditionele groenterassen in de afgelopen eeuw sterk is afgenomen. Bijna een kwart van de onderzochte wilde verwanten van belangrijke groentegewassen wordt bovendien met uitsterven bedreigd.
“Groenten zijn natuurlijk een van de belangrijkste onderdelen van een gezond voedingspatroon”, zegt medeauteur Anna Herforth. “Maar mensen kiezen minder vaak voor groenten als die te duur of moeilijk verkrijgbaar zijn. We moeten meer gebruikmaken van biodiversiteit, zodat voedsel voor iedereen toegankelijker wordt en rijke culinaire tradities behouden blijven.”
Van genenbank tot bord
De onderzoekers benadrukken dat alleen het behouden van groentebiodiversiteit niet genoeg is. Het bewaren van zaden in genenbanken, zoals het Centrum voor Genetische Bronnen Nederland (CGN), helpt voorkomen dat ze voorgoed verloren gaan. Voor een blijvende verbetering van de voeding is het echter ook nodig dat uiteenlopende groenten verder worden ontwikkeld door veredelaars, geteeld door boeren, verkocht op markten en gegeten door consumenten. Behoud en gebruik moeten daarom hand in hand gaan.
Prioriteiten voor actie
De onderzoekers noemen vier prioriteiten voor overheden, financiers en onderzoekers:
- Stel groentebiodiversiteit veilig voor de toekomst door traditionele groenterassen en hun wilde verwanten te redden, te behouden en te herstellen.
- Gebruik groentebiodiversiteit om verbeterde rassen te ontwikkelen door onderzoek en veredeling uit te breiden en de toegang tot uiteenlopende genetische bronnen te verbeteren.
- Bevorder groentebiodiversiteit en maak voedingspatronen gevarieerder door de productie, beschikbaarheid en consumptie van een breder aanbod aan groenten te vergroten.
- Veranker groentebiodiversiteit in beleid voor landbouw, gezondheid, onderwijs, klimaat en biodiversiteit.
Samen kunnen deze prioriteiten ervoor zorgen dat groentebiodiversiteit niet langer over het hoofd wordt gezien, maar een centrale rol krijgt bij het verbeteren van voedingspatronen, het klimaatbestendiger maken van de landbouw en het ontwikkelen van de groenten die nu en in de toekomst nodig zijn.
Lees de wetenschappelijke publicatie.
Voor Reversing vegetable biodiversity loss to diversify diets werkten onderzoekers samen van het World Vegetable Center, de Crop Trust, het International Potato Center (CIP), het Centre for Pacific Crops and Trees (Pacific Community), Wageningen University & Research, het International Center for Tropical Agriculture (CIAT), de Food Security Leadership Council, de New York Botanical Garden en de CGIAR Genebank Accelerator.
Heeft u een vraag?
Heeft u een vraag rondom dit onderwerp of ziet u kansen om met ons samen te werken? Neem dan contact op met onze expert.


