Ga naar de inhoud
NieuwsPublicatiedatum: 15 juni 2026

Vers gras, nieuwe inzichten: onderzoek naar mechanismen achter methaanreductie

L (Lisanne) Koning, MSc
Promovendus / WR Onderzoeker

Melkvee stoot tijdens de weidegang in het voorjaar aanzienlijk minder methaan uit dan bij voeding met graskuil, of zomerstalvoedering. Dit blijkt uit verschillende beweidingsonderzoeken die de afgelopen jaren zijn uitgevoerd. Maar hoe komt dat? Onderzoekers van Wageningen Livestock Research proberen vanuit diverse invalshoeken de onderliggende mechanismen bloot te leggen.

Eerder onderzoek op Dairy Campus toonde aan dat de methaanuitstoot tijdens weidegang in het voorjaar gemiddeld 14,6 gram CH₄ per kilogram droge stof bedraagt. Dat is aanzienlijk lager dan wat gemeten werd tijdens beperkte weidegang of zomerstalvoedering met vers gras. Lisanne Koning, onderzoeker bij Wageningen Livestock Research: ''We zien dat de emissie tijdens beweiding in het voorjaar consistent lager is dan wat de modellen voorspellen. Maar we weten nog niet goed waar dat door komt.''

De rol van suikers in vers gras

Een van de hypotheses was dat suikers, en met name fructanen, in vers voorjaarsgras een andere afbraak in de pens van de koe hebben. Die afbraak vindt mogelijk plaats met een vertraging in de pens in combinatie met directe doorstroom naar darmen, wat zou kunnen leiden tot minder methaanproductie. Om dit te testen, voerden de onderzoekers een in vitro-studie uit. Ze incubeerden grasmonsters, verzameld in de ochtend en middag, met pensvloeistof en keken naar de afbraaksnelheid van fructanen. Koning: ''We dachten: als fructanen langzamer afbreken, komt er minder in de pens terecht, en is er dus minder methaanuitstoot. Maar dat was niet het geval.'' Uit het in vitro-onderzoek blijkt dat fructanen in vers gras extreem snel afbreken: binnen één uur zijn ze niet meer detecteerbaar.

In een levende koe(in vivo) kan een deel van de suikers de pens passeren en in de darmen worden opgenomen, iets wat in een laboratoriumsituatie (in vitro) niet te testen is. Koning: ''In vitro kun je dat niet testen. Maar als suikers snel doorstromen naar de darmen, worden ze daar opgenomen en dat zou inderdaad kunnen leiden tot lagere methaanemissies.''

Praktijkperspectief en alternatieve verklaringen

Bert Philipsen, praktijkonderzoeker bij Wageningen Livestock Research, voegt een belangrijk praktijkperspectiefaan toe: ''In de praktijk zien we dat vers gras een waslaagje heeft, waardoor de plantencellen wat langer beschermd zijn. Dat kan effect hebben op de pensfermentatie en dus op de methaanuitstoot.''

In het in vitro-onderzoek werd echter geen vertraagde afbraak waargenomen. Fructanen zijn daarom waarschijnlijk niet de hoofdverklaring voor het effect op methaan. Koning: ''We moeten verder zoeken naar een ander mechanisme. Er speelt waarschijnlijk iets anders in de voeding of samenstelling van het verse gras, of in het dier zelf, denk aan de rol van het microbioom.''

Invloed van oogstmoment gras op methaanemissie

In een ander onderzoek is bekeken of het oogstmoment van gras dat wordt verwerkt in de graskuil, invloed heeft op de methaanemissie van melkvee. De hypothese van de onderzoekers was dat jonger gras, vroeger geoogst, een lager NDF-gehalte en een hogere verteerbaarheid heeft dan later geoogst gras. Dat zou moeten leiden tot minder methaanuitstoot. Om dit te testen, werden acht graskuilen, afkomstig van twee bedrijven op zand- en kleigrond, getest: vier vroeg geoogst en vier laat geoogst. Deze werden gevoerd aan melkkoeien op Dairy Campus, waar de methaanemissie en voeropname werden gemeten.

Hogere voerefficiëntie bij vroeg geoogst gras

De resultaten laten zien dat graskuilen met vroeger geoogst gras interessante voederwaardeverschillen vertonen: deze hebben een lager NDF-gehalte, hoger ruw eiwit, en betere verteerbaarheid. De voerefficiëntie is 7% hoger bij kuilen met vroeg geoogst gras, wat leidt tot meer melkproductie per kilogram droge stof. De methaanemissie per kilogram melk is 7% lager bij kuilen met vroeg geoogst gras, een gunstig resultaat voor de emissie per eenheid melk. Koning: ''Een belangrijke kanttekening is wel dat we specifiek kuilen met vroeger geoogst gras geselecteerd hebben voor dit onderzoek, dus vroeger oogsten leidt niet per definitief tot een lagere NDF en verteerbaarheid.''

De methaanemissie per kilogram droge stof is volgens het onderzoek niet lager dan bij graskuilen met laat geoogst gras. Sterker nog, in sommige gevallen was de absolute methaanproductie per koe per dag zelfs hoger bij vroeg geoogst gras. Koning: ''Dat was tegen onze verwachting in. We dachten: minder vezels, betere verteerbaarheid, dus minder methaan. Maar de realiteit is ingewikkelder.''

Verder zoeken naar verklaring en perspectief

De onderzoeken laten zien dat vers gras in het voorjaar inderdaad lage methaanemissies kan opleveren, maar de precieze verklaring ontbreekt. Koning: ''We weten dat er potentie is, maar we moeten nog ontdekken waar dat in zit.''

''Toch is er goed nieuws voor veehouders'', benadrukt Philipsen. ''Vers gras blijft een perspectiefvolle maatregel. De emissiefactor voor vers gras is in de KringloopWijzer 2024 al verlaagd van 19,2 naar 17,7 gram CH₄ per kilogram droge stof.'' Voor zomerstalvoedering met vers gras daalde de factor van 23,3 naar 21,6 gram CH₄/kg droge stof. Deze aanpassingen zijn sinds 1 januari 2025 geïntegreerd in de KringloopWijzer en gelden voor berekeningen over 2024 en later.

Contact