Ga naar de inhoud

Project | Koe en Eiwit: Scherp voeren en goed boeren

Kindje in gele regenjas raakt neus van koe aan terwijl moeder toekijkt

Projectinformatie

In het kort
  • Start project: december 2021
  • Einde project: december 2026
  • Financier: Ministerie van LVVN & sectorpartners
  • Initiatiefnemer voor deze pilot is de werkgroep ‘Stikstof en Veevoer’, samen met het Ministerie van LVVN. ‘Stikstof en Veevoer’ bestaat bij de start uit LTO, NAJK, Biohuis, BoerenNatuur, Netwerk GRONDig, Nevedi, Rabobank en NZO.
  • Projectleider: Paul Galama
Introductie

Koe en Eiwit helpt 150 melkveehouders het rantsoen te verlagen naar 155 g RE/kg ds gericht op minder ammoniakemissie en met behoud van productie en diergezondheid én geen afwenteling op methaanemissie en stikstof bodem overschot.

Het optimaliseren van het ruw eiwitgehalte in het totale melkveerantsoen biedt een directe route naar lagere stikstofverliezen. Focus op een goede balans tussen het (ruw)voermanagement en de krachtvoergift is hierbij essentieel om de optimale balans tussen efficiëntie, productie en diergezondheid te behouden.

Binnen het project Koe en Eiwit, zetten 150 melkveehouders onder begeleiding van totaal 48 begeleiders samen met Wageningen University & Research en sectorpartijen daarop in: een praktijkgerichte route naar een totaal melkvee rantsoen van 155 gram ruw eiwit per kilogram droge stof. Een inspanningsverplichting om gezamenlijk de mogelijkheden én onmogelijkheden hiervan in beeld te brengen. Er zijn vanaf 2020 (het jaar dat als nulmeting is aangehouden) al flinke stappen gemaakt richting 155RE. In 2024 voerden de pilotbedrijven gemiddeld 156 g RE/kg ds. De pilot laat bovendien zien dat de reductie geen negatieve gevolgen heeft voor de productie. Een eerste analyse op basis van grote hoeveelheden (5 jaar!) praktijkdata toont dat het verlagen van het RE-gehalte geen significante daling in melkproductie veroorzaakt. Dat geeft melkveehouders vertrouwen én handelingsperspectief.  Ook is inzicht gegeven hoeveel mestafzet bespaard kan worden door minder stikstof in de mest als gevolg van minder eiwit voeren.

De kracht van Koe en Eiwit is de aanpak: data, monitoring en toepassing in de praktijk komen samen. De 155 melkveebedrijven zijn verdeeld in 12 regionale studiegroepen, ingedeeld op grondsoort (zand, klei, veen) . Daardoor ontstaan inzichten die passen bij regionale verschillen in ruwvoerkwaliteit, bodem, weersomstandigheden en teeltstrategieën. Elke studiegroep deelt ervaringen, resultaten en uitdagingen.

Boer aait een koe in een koeienstal

Wageningen Liverstock Research speelt een centrale rol in het analyseren en vertalen van de data. Voedingsexperts, onderzoekers in stikstofkringlopen, diergezondheidspecialisten en bedrijfsanalisten combineren kennis om praktijkadviezen te onderbouwen met feiten. Een selectie van twintig bedrijven wordt extra intensief gevolgd om te monitoren hoe het lager ruw eiwit in het totale melkveerantsoen de gezondheid, vruchtbaarheid en algemene conditie van koeien en kalveren beïnvloedt. 

Het beoogde eindresultaat is duidelijk: een praktische, onderbouwde route naar verantwoord eiwitmanagement, toepasbaar op uiteenlopende bedrijfstypen. De impact reikt verder dan het individuele melkveebedrijf. Het project levert concrete handvatten voor duurzame stikstofreductie, versterkt het economisch perspectief van de sector en biedt beleidsmakers betrouwbare, praktijk gebaseerde inzichten. 

Koe en Eiwit is daarmee een krachtig samenwerkingsverband tussen melkveehouders, sectororganisaties, voeradviseurs, dierenartsen, het ministerie van LVVN en WUR. Samen bouwen zij aan een veehouderij die slimmer voert, minder verliest en sterker staat richting de toekomst.

Tussentijds resultaat

Resultaten
Boer houdt twee handen vol snippers vast

Dicht bij het doel

Gemiddeld rantsoen in 2024: 156 g RE/kg ds.

Boer laat de binnenkant van een geknakte maiskolf zien

Ruim 40% op of onder norm

43% voert al ≤155 g RE.

Boer voert een koe uit de hand

Gezondheid op niveau

Monitoring toont stabiele diergezondheid bij lagere eiwit.

Vrouw presenteert doelen voor een publiek

Krachtige kennisdeling

12 studiegroepen versnellen leren per grondsoort.

Waarom kiezen voor ons?

Samenwerken
Twee mannen staat the praten tussen de koeien in een koeienstal

Onze aanpak biedt:

•    Wetenschappelijk onderbouwde praktijkresultaten 
•    Monitoring van rantsoen én diergezondheid 
•    Regionaal maatwerk per grondsoort 
•    Onafhankelijke begeleiding door WUR-experts 
•    Sector breed gedragen inzichten en handvatten 

Resultaat met impact
Pilotdata laten zien dat lagere RE-niveaus en behoud van melkproductie uitstekend samen kunnen — een krachtig bewijs voor duurzame precisievoering.

Vragen over dit project?

Contact

Bent u benieuwd naar kansen voor vervolgonderzoek, sector brede toepassing of beleidsinzet op basis van Koe en Eiwit?

Neem contact op voor een gesprek met onze projectspecialisten.

ir. PJ (Paul) Galama

duurzame bedrijfssystemen melkveehouderij