Longread

‘Laat Nederland het voortouw nemen voor duurzame landbouw’

Leestijd: 4 minuten

Europa, met Nederland voorop, moet een leidende rol spelen in verregaande verduurzaming van de landbouw en de voedingssector. Dat vindt de Wageningse innovatie-expert Frans Kampers. In de Mansholt-lezing zette hij voor Europese beleidsmakers uiteen hoe dat moet. ‘In Spanje, Kenia en China zouden ze ook onze kassen moeten gebruiken.’

Foto: Harmen de Jong

De landbouwsector heeft geen beste reputatie op het gebied van milieu, zegt Frans Kampers, innovatie-expert van Wageningen University & Research. ‘We hebben het in de geschiedenis niet zo nauw genomen met het gebruik van fossiele brandstoffen. Niet alleen voor tractoren en machines, maar ook voor verwarming en belichting in kassen. Die vreten energie. Ook worden de voorraden fosfaat voor kunstmest in hoog tempo opgemaakt’, aldus Kampers. En wat te denken van de kap van regenwoud voor soja-akkers en palmolieplantages. Ondanks beperkende afspraken schrijdt die nog altijd voort. Ook is niet uit te sluiten dat agrarische bestrijdingsmiddelen mede debet zijn aan de dramatische afname van de hoeveelheid insecten. En zo kan Kampers nog wel even doorgaan. ‘En dit doen we allemaal terwijl we weten dat we de aarde te leen hebben van onze kinderen.’ Het moet anders, vindt hij, zeker in de wetenschap dat in 2050 geen 7,5 miljard maar 10 miljard monden moeten worden gevoed. En doordat in China, India en in Afrikaanse landen de welvaart toeneemt, zullen al die monden vermoedelijk een menu met meer dierlijk eiwitrijk consumeren. ‘Europa, Nederland voorop, moet de wereld in de periode tot 2030 daarom dringend naar een nieuw voedselsysteem leiden’, betoogt Kampers. ‘Een voedselsysteem dat voorziet in duurzaam en gezond voedsel dat is geproduceerd in een energievriendelijke en klimaatneutrale teelt. Dat systeem moet efficiënter omgaan met grondstoffen en die meer hergebruiken, is innovatief en gaat de leegloop van het platteland tegen’, zo stelde Kampers in de Mansholt-lezing dit najaar in Brussel. Samen met bestuursvoorzitter Louise Fresco werkte Kampers aan een diagram waarbij deze doelen van de Europese Unie worden gecombineerd met verschillende oplossingsrichtingen, zoals groei van de zeeteelt en aquacultuur, slimme dier- en plantenteeltsystemen en de transitie van dierlijke eiwitten naar eiwitten uit planten of insecten.

Waarom kent u Europa en vooral Nederland een leidersrol toe?

‘Onze landbouw is geperfectioneerd. Wij zijn een voorbeeld voor de rest van de wereld. Neem de kastomaat. Temperatuur, luchtvochtigheid, voeding, waterhergebruik, biologische bestrijding, bestuiving: het is allemaal super geregeld. En de modernste kassen kosten geen energie meer, maar leveren energie. Ze zouden die kassen in Spanje, maar ook in Kenia en China moeten hebben. Nederland kan de wereld helpen bij de modernisering van teeltsystemen. Het is ongelofelijk wat wij in ons postzegellandje met 17 miljoen mensen en 8 miljoen auto’s presteren. Op de Verenigde Staten na exporteren we van alle landen ter wereld de meeste waarde aan landbouwproducten.’

Die prestatie is wel het gevolg van een enorme voetafdruk elders in de wereld. Sojaplantages in voormalige regenwouden voor Nederlands varkensvoer en ministers en staatssecretarissen die zich het vuur uit de sloffen lopen in Brussel om ontheffing te vragen voor het mestoverschot.

‘Ook Nederland is er nog lang niet. Maar onze landbouw is wel state of the art. Beter is er niet. Wij zijn bij wijze van spreken op het niveau van 10 procent van wat er nodig is om alle duurzame doelen te halen. Spanje haalt 5 procent en Oost-Europa zit op amper 1 procent. Om dat percentage flink te verhogen, hebben we precisie-landbouw nodig waarbij drones in kaart brengen welke planten op welke delen van het perceel hoeveel en welke bestrijdingsmiddelen nodig hebben, robots die dit werk uitvoeren en en passant zieke plantjes en onkruid uit de grond trekken. Verbeterde technologie komt ook ten goede aan de arbeidsomstandigheden van de boer en maakt de sector aantrekkelijk voor jonge mensen. Daardoor ontstaan er weer bestaansrecht en inkomsten voor de lokale bevolking waardoor we de leegloop van het platteland tegengaan.’

Lost technologie alles op? Moeten we niet meer in eigen vlees snijden?

‘Zeker, ook letterlijk. Als westerse consument moeten we terug in vleesconsumptie, meer flexitariër worden, waarbij ik hoop dat er meer smakelijke vleesvervangers op de markt komen die de structuur van vlees beter nabootsen. Daarnaast moeten boeren hun landbouwhuisdieren meer afval voeren en gras van onrendabele gronden. De pampa’s in Argentinië kunnen best worden begraasd. Niet alleen mensen, maar ook dieren moeten meer insecten gaan eten.’

FRANS KAMPERS

Frans Kampers (Helmond, 1957) studeerde af in de technische natuurkunde aan de TU Eindhoven (1984) en promoveerde daar (1988). Vervolgens ging hij aan de slag bij de Technisch Fysische Dienst voor de Landbouw. Kampers werkt momenteel bij Corporate Value Creation van Wageningen University & Research aan programma’s op het snijvlak tussen hightech, landbouw en voeding, die tot innovaties moeten leiden.

stempelWagWorld_150.png

Dit is een verhaal uit Wageningen World. Wil je meer van dit soort verhalen lezen? www.wur.nl/wageningenworld

Auteur: René Didde | Foto: Harmen de Jong

Meer weten over duurzame landbouw? Neem contact op met: