Monitoring grondgebondenheid melkveehouderij

Nieuws

Monitoring grondgebondenheid melkveehouderij

Gepubliceerd op
29 maart 2018

De Algemene Maatregel van Bestuur grondgebonden groei melkveehouderij, die per 1 januari 2016 van kracht werd, beoogt grondloze groei van de melkveehouderij te beperken. Per 1 januari 2018 is de inhoud van de AMvB verankerd in de Wet grondgebonden groei melkveehouderij. Dit rapport beschrijft de grondgebondenheid van de melkveehouderij in 2015, het jaar voor de invoering van de maatregel. Hiermee wordt ook het raamwerk van de toekomstige monitoring neergelegd: welke basisgegevens (begrippen, indicatoren en databronnen) worden verzameld en hoe deze gegevens worden gepresenteerd.

De resultaten van de nulmeting 2015 zijn:

Bedrijven

  • 61% (circa 12.800 bedrijven) van de bedrijven met melkvee in 2015 heeft een fosfaatoverschot melkvee; 12% van de bedrijven heeft een fosfaatoverschot van meer dan 50 kg/ha.
  • In het concentratiegebied Zuid heeft 40% van de bedrijven een fosfaatoverschot melkvee van meer dan 50 kg/ha. In Oost is dit 11% en in Overig Nederland 6%.

Landbouwareaal

  • Van het landbouwareaal in gebruik door bedrijven met melkvee (963.000 ha) heeft 63% een fosfaatoverschot melkvee.
  • In het concentratiegebied Zuid is 63% van het areaal grond in gebruik bij bedrijven met een overschot van meer dan 20 kg fosfaat per ha. In Oost is dit 35%, in Overig Nederland 23%.

Melkkoeien

  • Van de 1,62 mln melkkoeien in 2015 wordt 76% gehouden op bedrijven met een fosfaatoverschot melkvee.
  • In het concentratiegebied Zuid wordt 56% van de melkkoeien gehouden op bedrijven met een overschot van meer dan 50 kg/ha.

Bedrijfsgrootte en veebezetting

  • De gemiddelde veebezetting van bedrijven met melkvee is 1,68 melkkoe per ha. Voor de bedrijven met een overschot geldt gemiddeld dat hoe groter het fosfaatoverschot is, hoe hoger het aantal melkkoeien per bedrijf.
  • De bedrijven met melkvee in de concentratiegebieden Zuid en Oost zijn gemiddeld kleiner in oppervlakte dan in Overig Nederland.
  • Het aantal melkkoeien per bedrijf is groter naarmate het fosfaatoverschot melkvee in het gebied hoger is. Het gemiddeld aantal melkkoeien per bedrijf met melkvee ligt in concentratiegebied Zuid iets boven dat in Overig Nederland: 85 om 82. Het concentratiegebied Oost blijft daar met 64 melkkoeien per bedrijf ruim onder.

Grondmobiliteit

  • Tussen 2012 en 2015 is jaarlijks gemiddeld 1,79% van het areaal cultuurgrond verhandeld. In 2014-2015 lag deze relatieve grondmobiliteit duidelijk boven die in 2012-2013.
  • In het concentratiegebied Zuid lag de gemiddelde jaarlijkse mobiliteit tussen 2012 en 2015 op 1,98%, in Oost op 1,64% en in Overig Nederland op 1,78%. Het landelijke beeld van een hogere mobiliteit in 2014-2015 geldt ook voor de onderscheiden gebieden. In het concentratiegebied Zuid varieert de mobiliteit tussen de deelgebieden (1,80-2,35%) veel minder dan in Oost (1,33-2,45%).

Grondprijs

  • De gemiddelde agrarische grondprijs is tussen 2012 en 2015 gestegen van 47.500 euro per ha tot 55.200 euro (jaarcijfers), een toename van 16%. In het concentratiegebied Oost en Overig Nederland is de grondprijs met een vergelijkbaar percentage omhooggegaan (respectievelijk 20% en 17%); in Zuid is de grondprijs minder sterk (+8%) gestegen.
  • De gemiddelde agrarische grondprijs loopt tussen de mestgebieden behoorlijk uiteen, met de laagste prijzen in het noorden van het land (rond en onder de 50.000 euro per ha), en de hoogste in het zuiden.