Ga naar de inhoud
NieuwsPublicatiedatum: 29 mei 2026

Economische schade door wolven beperkt, maar neemt wel toe

dr.ir. J (Johan) Bremmer
senior onderzoeker plantgezondheid en market intelligence

Landelijk en provinciaal gezien is de economische impact door de aanwezigheid van wolven in Nederland beperkt. Maar individuele schapenhouders en horecaondernemers in gebieden waar wolven leven, lijden soms aanzienlijke schade door aanvallen of incidenten. Onderzoekers van Wageningen University & Research pleiten voor nauwkeurige monitoring van maatschappelijke en ecologische kosten en baten van de aanwezigheid van wolven. Maar ze roepen ook op om het wolvenvraagstuk niet in isolement te bekijken: maak het onderdeel van een langetermijnvisie voor de toekomst van de landbouw en natuur in Nederland.

Sinds 2018 leven er weer wolven in Nederland. Wat betekent dat voor de veehouderij, in het bijzonder de schapenhouderij, en voor ondernemers in de toeristische sector? Wageningen University & Research heeft in opdracht van het Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) de economische gevolgen van de aanwezigheid van wolven in Nederland kwalitatief en waar mogelijk kwantitatief in kaart gebracht.

Schapenhouders meest getroffen

Met het toenemen van het aantal wolven in ons land neemt sinds 2018 ook de schade door aanvallen in de veehouderij toe. In 2025 waren er ruim 3.300 gedode dieren. In meer dan 97 procent van de gevallen ging het om schapen. Aan gedupeerde veehouders is bijna 1,5 miljoen euro schadevergoeding uitgekeerd. De schade concentreert zich bij een beperkte groep veehouders die met herhaalde aanvallen te maken kregen.

Ook de uitgaven voor preventieve maatregelen nemen toe. De provincies investeren gezamenlijk miljoenen euro’s in subsidieregelingen voor wolfwerende maatregelen (rasters, hekken) die de kans op aanvallen sterk verminderen. Ter illustratie: bij verreweg de meeste schadegevallen door wolven waren er op het getroffen bedrijf geen of onvoldoende wolfwerende maatregelen genomen.

Verhoudingsgewijs is het percentage schapen dat is gedood in een wolvenaanval laag in vergelijking met het totaal aantal voortijdig gestorven schapen: namelijk 3 procent in 2025. Ziektes (denk aan de Blauwtonguitbraak in 2023 en 2024), ongevallen en aanvallen door andere dieren, zoals honden of vossen, hebben opgeteld een veel groter aandeel.

Ook wanneer we kijken naar de schade aan landbouwgewassen of landbouwhuisdieren veroorzaakt door beschermde diersoorten, neemt de wolf een bescheiden (namelijk tiende) plaats in, na diverse ganzensoorten en onder meer mezen.

Naar verwachting zal de wolvenpopulatie in Nederland nog groeien. De WUR-onderzoekers benadrukken daarom dat effectieve bescherming van kwetsbaar vee belangrijk is uit oogpunt van dierenwelzijn van vee en om de schade voor dierhouders te beperken.

Omzetdaling toeristische ondernemers door maatregelen in gebieden

Het is niet mogelijk om op landelijk of provinciaal niveau kwantitatieve conclusies te trekken over de impact van wolven op toerisme. Economische schade treedt lokaal op, vooral wanneer de overheid maatregelen neemt en adviezen geeft vanwege problematisch wolvengedrag en de media-aandacht eromheen. Dat speelde bijvoorbeeld op de Utrechtse Heuvelrug; denk aan de afsluiting van Landgoed Den Treek-Henschoten in 2024 en de adviezen om het gebied rond Austerlitz te mijden in 2025.

In deze gebieden leden lokale horecabedrijven en groepsaccommodaties (in ieder geval tijdelijk) omzetverlies, incidenteel tot wel 30 procent. In andere gebieden (Veluwe, Drents-Friese Wold) kwamen weliswaar annuleringen voor, maar was de omzetschade beperkter en niet altijd eenduidig aan wolven toe te schrijven.

Activiteiten waarmee de toeristische sector inkomsten kan genereren door de aanwezigheid van wolven (denk aan wolvenexcursies), zijn er in Nederland nog nauwelijks. In diverse andere landen waar al langer wolven leven, zoals Spanje, Duitsland en de Verenigde Staten, zijn die er wel.

Betere monitoring nodig

Om tot een goed en toekomstbestendig wolvenbeleid te komen, is het volgens de onderzoekers nodig om te investeren in nauwkeurigere en systematische monitoring van de maatschappelijke, economische en ecologische effecten van de aanwezigheid van wolven in Nederland.

Wageningen University & Research wijst ook op het belang van een langetermijnvisie voor de landbouw en natuur in Nederland. Vragen en dilemma’s die worden opgeroepen door de aanwezigheid van wolven in Nederland raken aan thema’s als het Stikstofdossier en de Kaderrichtlijn Water. Het ontwikkelen van een bredere visie kan leiden tot meer grip op potentiële conflicten en spanningen tussen waarden en doelen die te maken hebben met natuur en met cultuur, zoals in dit geval de spanning tussen recreatie, welzijn van vee en wolven.

Heeft u een vraag?

Heeft u een vraag rondom wolven of ziet u kansen om met ons samen te werken? Neem dan contact op met onze expert.  

dr.ir. J (Johan) Bremmer

Senior onderzoeker Wageningen Social & Economic Research

Lees meer over wolven