Klimaatimpact van bodemvisserij hangt af van waar en hoe de zeebodem wordt verstoord

- dr. JC (Justin) Tiano
- WR Onderzoeker
Bodemvisserij kan CO₂ vrijmaken uit de zeebodem, maar de gevolgen voor het klimaat zijn niet eenduidig.
Nieuw onderzoek, gepubliceerd in het tijdschrift Journal of Applied Ecology, laat zien dat verstoring van de zeebodem meerdere processen in gang zet met tegengestelde effecten.
De uiteindelijke klimaatimpact van bodemvisserij is de som van deze processen en hangt sterk af van waar de visserij plaatsvindt en van de vraag of koolstof vrijkomt die anders voor lange tijd in de zeebodem opgeslagen zou blijven.
De zeebodem is een belangrijke opslagplaats voor koolstof. Wanneer deze wordt verstoord door bodemvisserij, komt organisch materiaal los en in de waterkolom terecht. Daar wordt het sneller afgebroken doordat het in contact komt met zuurstof, wat kan leiden tot extra CO₂-vorming.
Tegelijkertijd kan in de zeebodem zelf juist het tegenovergestelde gebeuren. Door verstoring verdwijnen bodemorganismen die een belangrijke rol spelen bij het afbreken van koolstof, waardoor deze processen vertragen. In sommige bodems kan bodemberoering daardoor de afbraak van koolstof juist remmen.
“Wat we laten zien is dat de klimaateffecten van bodemberoering complexer zijn dan alleen de vorming van CO₂,” zegt visserijbioloog Justin Tiano van Wageningen Marine Research. “Er treden meerdere processen tegelijkertijd op, waarvan sommige elkaar gedeeltelijk tegenwerken.”
Korte en lange termijn
Volgens de onderzoekers is het belangrijk om onderscheid te maken tussen korte- en langetermijneffecten. De koolstof die snel vrijkomt na verstoring is vaak koolstof die ook zonder verstoring toch al relatief snel zou zijn afgebroken.
“Als je alleen kijkt naar de directe uitstoot na verstoring, mis je een belangrijk deel van het verhaal,” zegt Justin Tiano. “Wat uiteindelijk telt voor het klimaat is of je koolstof verliest die anders voor lange tijd in de zeebodem opgeslagen zou blijven.”
Klimaatimpact verschilt sterk per locatie
In sommige gebieden kan bodemberoering de langdurige opslag van koolstof verstoren en is dat daarom belangrijker voor de klimaatimpact. In andere gebieden gaat het juist om koolstof die relatief snel wordt afgebroken en omgezet in CO₂, en die ook zonder bodemberoering al snel zou zijn afgebroken. Gebieden waar koolstof voor lange tijd wordt opgeslagen zijn daarom belangrijker vanuit klimaatoogpunt. Als deze langdurige opslag wordt verstoord, kan de impact groter zijn dan de extra uitstoot op korte termijn.
Dit betekent dat het niet voldoende is om alleen te kijken naar waar de meeste CO₂ vrijkomt. In plaats daarvan is het belangrijk om te kijken naar waar koolstof over langere tijd wordt vastgehouden, zodat deze gebieden beter beschermd kunnen worden.
In het zuidelijke deel van de Noordzee zijn veel zandige sedimenten van nature dynamisch en hebben zij een laag potentieel voor langdurige koolstofopslag. Dit betekent dat extra verstoring daar een relatief beperkte langetermijnimpact op het klimaat kan hebben. In het noordelijke deel van de Noordzee, waar fijnere sedimenten zich ophopen en de koolstofopslag groter is, kan verstoring juist grotere langetermijngevolgen hebben.
Beleid vraagt om een gerichte aanpak
De klimaatimpact van bodemvisserij verschilt per locatie. Dezelfde visserij kan in verschillende gebieden verschillende effecten hebben.
De onderzoekers pleiten daarom voor een gerichte aanpak, waarbij per gebied wordt gekeken naar de rol van de zeebodem in koolstofopslag.
Geen vervanging voor emissiereductie
Bescherming van koolstof in de zeebodem kan bijdragen aan klimaatbeleid, maar is geen vervanging voor het verminderen van fossiele uitstoot. De grootste klimaatwinst zal komen van het terugdringen van CO₂-emissies uit andere bronnen.
Heeft u een vraag?
Heeft u een vraag rondom dit onderwerp of ziet u kansen om met ons samen te werken? Neem dan contact op met onze expert.


